Re-integratieplan Poortwachter
RE-INTEGRATIEPLAN (PLAN VAN AANPAK)
Conform Wet verbetering poortwachter 2002 en Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar
Partijen
1. PARTIJEN
Werkgever: [Werkgever Naam] (KVK: [Werkgever K V K])
Casemanager / HR: [Casemanager]
Arbodienst: [Arbodienst]
Bedrijfsarts: [Bedrijfsarts Naam]
Werknemer: [Werknemer Naam] (BSN: [Bsn])
Functie: [Functie]
Soort dienstverband: [Soort Dienstverband]
Bruto maandloon: EUR [Bruto Maandloon]
Verzuiminformatie
2. VERZUIMINFORMATIE
Datum ziekmelding (dag 1): [Datum Ziekmelding]
Datum probleemanalyse bedrijfsarts: [Datum Probleemanalyse]
Datum plan van aanpak: [Datum Ondertekening]
Probleemanalyse en doelstelling
3. PROBLEEMANALYSE EN RE-INTEGRATIEDOELSTELLING
Functionele beperkingen (bedrijfsarts): [Functionele Beperkingen]
Re-integratiespoor: [Re Integratie Spoor]
Re-integratiedoelstelling: [Doelstelling]
Noot: Medische diagnose is vertrouwelijk conform Wet BIG art. 47 (medisch beroepsgeheim). Bovenstaande bevat uitsluitend functionele beperkingen.
Activiteitenplan
4. ACTIVITEITENPLAN
[Activiteiten Plan]
Evaluatiemomenten
5. EVALUATIEMOMENTEN
Evaluatie elke 6 weken (Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar)
Eerstejaarsevaluatie (week 52): [Datum Eerstejaarsevaluatie]
Re-integratieverslag (week 87): [Datum Re Integratieverslag]
WIA-aanvraag werknemer bij UWV: week 91 na [Datum Ziekmelding]
6. VERPLICHTINGEN EN RECHTEN
Werkgever verplichtingen: loondoorbetaling ten minste 70% conform BW 7:629, actieve re-integratie conform BW 7:658a, inschakelen Arbodienst conform Arbowet art. 14, UWV-melding week 42 via Mijn UWV (uwv.nl/werkgevers), opstellen re-integratieverslag week 87.
Werknemer verplichtingen: medewerking aan re-integratie conform BW 7:660a, aanwezigheid bij bedrijfsarts, naleven controlevoorschriften. Weigering zonder grond: recht werkgever om loon te staken (BW 7:629 lid 3) na schriftelijke waarschuwing (BW 7:629 lid 7).
Ondertekening
7. ONDERTEKENING
Opgesteld te [Plaats] op [Datum Ondertekening]
Werkgever: [Werkgever Naam]
Naam: [Casemanager]
Handtekening werkgever: __________________________
Werknemer: [Werknemer Naam]
Handtekening werknemer: __________________________
Kopie aan: bedrijfsarts [Bedrijfsarts Naam], Arbodienst [Arbodienst], personeelsdossier werkgever.
Werkgever (HR-manager / casemanager)
________________
Signature
Werknemer
________________
Signature
Wat is Re-integratieplan Poortwachter?
Het Re-integratieplan Poortwachter Nederland is het centrale beheersdocument in het re-integratietraject van een langdurig zieke werknemer conform de Wet verbetering poortwachter 2002. Werkgever en werknemer zijn gezamenlijk verplicht een re-integratieplan op te stellen zodra de werknemer zes weken ziek is, als onderdeel van de probleemanalyse van de bedrijfsarts (Arbodienst). Het plan bevat de diagnose (in functionele beperkingen, niet in medische diagnose), de re-integratiedoelstelling, het activiteitenplan en de verantwoordelijkheden van werkgever en werknemer.
De wettelijke grondslag is de Wet verbetering poortwachter 2002 (Wet van 29 november 2001, Stb. 2001/628), die de Ziektewet (ZW), de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en het Burgerlijk Wetboek heeft gewijzigd ter versterking van de re-integratieverplichtingen. BW 7:629 legt de werkgever de verplichting op het loon door te betalen tijdens de eerste 104 weken ziekte (ten minste 70% van het loon, gedurende het eerste jaar minimaal het wettelijk minimumloon conform Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag). BW 7:658a verplicht de werkgever actief te bevorderen dat de werknemer zijn eigen functie hervat of passende arbeid verricht.
Het re-integratieproces kent een vaste tijdlijn conform de Wet verbetering poortwachter en de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar: week 1 ziekmelding, week 6 probleemanalyse bedrijfsarts, week 8 plan van aanpak, week 42 UWV-melding, week 52 eerstejaarsevaluatie, week 87 re-integratieverslag opstellen, week 91 WIA-aanvraag indienen bij UWV door werknemer. Het UWV beoordeelt of werkgever en werknemer voldoende re-integratie-inspanningen hebben verricht; bij tekortkomingen legt UWV een loonsanctie op aan de werkgever (verlenging loondoorbetalingsperiode met maximaal 52 weken conform BW 7:629 lid 11).
Het re-integratieplan onderscheidt twee sporen. Spoor 1 betreft hervatting van de eigen functie of passende arbeid bij de eigen werkgever. Spoor 2 betreft re-integratie bij een andere werkgever, te starten zodra Spoor 1 niet (volledig) mogelijk is. Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) beoordeelt na 104 weken loondoorbetaling of de werknemer in aanmerking komt voor een WIA-uitkering (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen): WGA (gedeeltelijk arbeidsongeschikt, 35-80% of volledig maar herstelbaar) of IVA (volledig en duurzaam arbeidsongeschikt, >80% én duurzaam).
De bedrijfsarts (of arbeidsdeskundige van de Arbodienst) speelt een centrale rol. De bedrijfsarts stelt de probleemanalyse op en geeft een oordeel over de belastbaarheid van de werknemer in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) of een vergelijkbaar instrument. De werkgever en werknemer stellen vervolgens samen het plan van aanpak (re-integratieplan) op. Bij meningsverschil over de inhoud van het plan kan de werknemer een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV conform BW 7:629a (second opinion over re-integratie-inspanningen werkgever). De casemanager of arbeidsdeskundige van de Arbodienst begeleid het traject.
Het re-integratieplan is verplicht. Bij de WIA-aanvraag dient de werknemer een re-integratieverslag in bij UWV, dat het re-integratieplan, de bijgestelde versies, de eerstejaarsevaluatie en de eindejaarsevaluatie bevat. UWV beoordeelt op basis van het re-integratieverslag of werkgever en werknemer voldoende inspanningen hebben geleverd. Bij onvoldoende inspanningen volgt loonsanctie werkgever (BW 7:629 lid 11) of weigering WIA-uitkering werknemer (WIA art. 30).
Wanneer heeft u Re-integratieplan Poortwachter nodig?
Het Re-integratieplan Poortwachter Nederland is verplicht in de volgende situaties tijdens het verzuim van een werknemer conform Wet verbetering poortwachter 2002.
Ziekteverzuim van meer dan zes weken. Zodra een werknemer zes weken ziek is, stelt de bedrijfsarts een probleemanalyse op. Werkgever en werknemer stellen daarna uiterlijk in week 8 een plan van aanpak (re-integratieplan) op conform de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar. Zonder plan van aanpak loopt de werkgever risico op een UWV-loonsanctie na het tweede ziektejaar.
Onvoldoende herstel na eerste periode ziek. Wanneer de werknemer na 6 tot 8 weken ziekte niet volledig hersteld is en terugkeer naar de eigen functie niet direct mogelijk is, bepaalt het re-integratieplan welke herstelstappen en tijdelijke aanpassingen nodig zijn: aangepast werk, andere werkplek, aangepaste werktijden, begeleiding bedrijfsarts, fysiotherapie, psychologische begeleiding.
Bedrijfsarts adviseert spoor 1 (eigen functie of passende arbeid). Wanneer de bedrijfsarts concludeert dat de werknemer met functionele aanpassingen de eigen functie of een andere passende functie bij de werkgever kan hervatten (Spoor 1), beschrijft het plan van aanpak de concrete stappen: aanpassing werkplek (Arbowet art. 5 RI&E), stappenplan re-integratie (bijv. 2 × 2 uur per week opbouwen), begeleidingsgesprekken, casemanager Arbodienst.
Bedrijfsarts adviseert spoor 2 (externe re-integratie). Wanneer blijkt dat terugkeer bij de eigen werkgever niet (volledig) mogelijk is, schrijft het plan de inzet van Spoor 2 voor: re-integratie bij een andere werkgever via een re-integratiebureau (conform Wet SUWI art. 7), een proefplaatsing conform WW art. 76, of omscholing via een re-integratietraject. UWV beoordeelt of voldoende Spoor 2-inspanningen zijn verricht bij de WIA-aanvraag na 91 weken.
Eerstejaarsevaluatie na 52 weken ziekte. Uiterlijk in week 52 vindt de eerstejaarsevaluatie plaats: werkgever en werknemer evalueren samen het re-integratieplan en de voortgang. Het plan wordt bijgesteld indien nodig. De evaluatie is verplicht conform de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar. Bij onvoldoende voortgang: extra inspanningen Spoor 2 activeren of deskundigenoordeel UWV aanvragen.
Aanvraag deskundigenoordeel UWV (week 87 of eerder). Bij meningsverschil tussen werkgever en werknemer over de re-integratie-inspanningen of de arbeidsgeschiktheid, kan de werknemer of werkgever een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV conform BW 7:629a. UWV stuurt een arbeidsdeskundige op huisbezoek en brengt binnen vijf weken een oordeel uit. Het deskundigenoordeel is niet bindend maar sterk indicatief voor de WIA-beoordeling.
Re-integratieverslag voor WIA-aanvraag (week 87-91). Uiterlijk in week 87 stelt de werkgever samen met de werknemer en de bedrijfsarts het re-integratieverslag op. In week 91 dient de werknemer de WIA-aanvraag in bij UWV met het re-integratieverslag. UWV beoordeelt op basis van het verslag of voldoende re-integratie-inspanningen zijn verricht. Bij onvoldoende inspanningen werkgever: loonsanctie van maximaal 52 weken conform BW 7:629 lid 11.
Wat moet er in uw Re-integratieplan Poortwachter staan?
Een correct Re-integratieplan Poortwachter Nederland bevat de volgende elementen conform de Wet verbetering poortwachter 2002 en de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar.
Probleemanalyse bedrijfsarts (week 6). De probleemanalyse van de bedrijfsarts (Arbodienst) bevat: datum ziekmelding, datum probleemanalyse, diagnose in functionele termen (niet de medische diagnose wegens medisch beroepsgeheim), prognose herstel, advies re-integratiespoor (Spoor 1 of Spoor 2), oordeel over de belastbaarheid conform Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De bedrijfsarts handelt conform de NVAB-richtlijnen en de Wet BIG (art. 47 medisch beroepsgeheim).
Gegevens werknemer en werkgever. Volledige naam werknemer, BSN, functie, afdeling, startdatum dienstverband, soort arbeidsovereenkomst (BW 7:610 onbepaalde tijd; BW 7:667 bepaalde tijd), bruto-maandloon (voor berekening loondoorbetaling conform BW 7:629), naam werkgever, KVK-nummer, naam casemanager of HR-manager, naam bedrijfsarts met BIG-registratie en naam Arbodienst.
Re-integratiedoelstelling. Concrete, meetbare doelstelling: terugkeer in eigen functie per [datum], terugkeer in passende functie bij werkgever per [datum], of externe re-integratie bij andere werkgever per [datum] (Spoor 2). Geformuleerd in termen van belasting en belastbaarheid: werknemer kan [n] uur per dag, [n] dagen per week, [soort werkzaamheden] uitvoeren.
Activiteitenplan. Concrete activiteiten in chronologische volgorde: week 1-4 tweemaal per week 2 uur aangepast werk, week 5-8 driemaal per week 4 uur, week 9-12 volledig eigen functie. Of Spoor 2: week 1-4 arbeidsmarktanalyse via re-integratiebureau conform Wet SUWI, week 5-12 sollicitatiebegeleiding, week 13-26 proefplaatsing bij andere werkgever conform WW art. 76. Vermeld concrete data (DD-MM-JJJJ), betrokken partijen (bedrijfsarts, casemanager, re-integratiebureau, UWV).
Verantwoordelijkheden werkgever en werknemer. Vermeld afzonderlijk wat de werkgever doet (passende werkplek regelen, contact houden, Arbodienst inschakelen, salarisadministratie bijhouden) en wat de werknemer doet (naar verzuimgesprekken komen, behandeling volgen, meewerken aan re-integratieactiviteiten conform BW 7:660a). De werknemer is verplicht mee te werken aan redelijke re-integratie-activiteiten; weigering zonder deugdelijke grond geeft werkgever recht om loon stop te zetten conform BW 7:629 lid 3 sub e.
Eerste en tweede spoor omschrijving. Beschrijf expliciet of Spoor 1, Spoor 2 of beide worden ingezet. Bij Spoor 2: naam van het ingeschakelde re-integratiebureau (gecertificeerd conform kwaliteitsregister re-integratie), type traject (arbeidsmarktanalyse, sollicitatiebegeleiding, omscholing via ROC of HBO), en tijdpad. Sommige CAO's (CAO Rijk, CAO Ziekenhuizen) stellen aanvullende eisen aan Spoor 2-trajecten.
Periodieke evaluatiemomenten. Plan een evaluatiemoment om de zes weken (conform Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar). Noteer: datum eerstejaarsevaluatie (week 52), datum re-integratieverslag (week 87), datum WIA-aanvraag (week 91). Zorg voor bewijs van evaluatie (schriftelijke verslagen), dat als onderdeel van het re-integratieverslag aan UWV wordt overhandigd.
Handtekeningen werkgever en werknemer. Het plan van aanpak wordt ondertekend door zowel de werkgever (of HR-manager namens werkgever) als de werknemer, conform de Regeling procesgang. Beide ondertekenen de verslagen van de evaluaties. Op forms-legal.com zijn gratis modellen beschikbaar voor re-integratieplan, ziekmelding, ontslag wegens langdurige ziekte en vaststellingsovereenkomst ontslag. Zie ook nl-ziekmelding-formulier voor de eerste stap in het verzuimtraject en nl-vaststellingsovereenkomst-ontslag voor beëindiging na 104 weken.
Hoe vult u uw Re-integratieplan Poortwachter in?
Het Re-integratieplan Poortwachter Nederland wordt in de volgende stappen opgesteld door werkgever, werknemer en bedrijfsarts conform de Wet verbetering poortwachter 2002.
Stap 1 - Ziekmelding (dag 1). De werknemer meldt zich ziek bij de werkgever conform de interne verzuimprocedure en cao-afspraken. De werkgever registreert de ziekmelding in de salarisadministratie en meldt de ziekte (indien langer dan 13 weken verwacht) aan de Arbodienst. De werkgever start de loondoorbetaling conform BW 7:629 (ten minste 70% van het loon per dag).
Stap 2 - Probleemanalyse bedrijfsarts (week 6). De bedrijfsarts (Arbodienst of gecertificeerde bedrijfsarts conform Wet BIG art. 3) voert een gesprek met de werknemer en stelt de probleemanalyse op. De probleemanalyse bevat: oordeel belastbaarheid (Functionele Mogelijkhedenlijst), prognose herstel, advies re-integratiespoor. De bedrijfsarts adviseert; het oordeel over de diagnose is medisch vertrouwelijk.
Stap 3 - Opstellen plan van aanpak (week 8). Werkgever en werknemer stellen samen het plan van aanpak (dit re-integratieplan) op, mede op basis van de probleemanalyse bedrijfsarts. Vul in: datum ziekmelding (DD-MM-JJJJ), datum probleemanalyse (DD-MM-JJJJ), re-integratiedoelstelling, activiteitenplan, verantwoordelijkheden, evaluatiemomenten. Plan van aanpak wordt door beide partijen ondertekend (datum DD-MM-JJJJ).
Stap 4 - Uitvoering activiteitenplan en begeleiding. De werknemer volgt de geplande activiteiten (aangepast werk, behandeling, re-integratiebureau). De casemanager van de Arbodienst of HR begeleidt het traject: houd contactverslagen bij van elk gesprek (datum, deelnemers, inhoud, afspraken). Contactverslagen zijn essentieel bewijs voor UWV bij WIA-beoordeling.
Stap 5 - Bijstelling plan elke zes weken. Evalueer het plan elke zes weken met werknemer en bedrijfsarts. Pas de activiteiten en doelstellingen aan op basis van voortgang en medisch advies. Noteer elke bijstelling schriftelijk (datum, wijzigingen, ondertekening beide partijen). Bewaar alle versies van het plan.
Stap 6 - UWV-melding week 42. De werkgever meldt het langdurig verzuim bij UWV in week 42 via het werkgeversportaal van Mijn UWV (uwv.nl/werkgevers). De melding bevat: BSN werknemer, ziekmelddatum, prognose, eerste re-integratie-activiteiten. Late melding (na week 43) leidt tot een boete van de Inspectie SZW.
Stap 7 - Eerstejaarsevaluatie (week 52). In week 52 evalueren werkgever en werknemer het re-integratieplan formeel. Indien het tweede ziektejaar ingaat: geef aan welke activiteiten zijn afgerond, welke lopend zijn en wat de prognose is voor volledig herstel of Spoor 2. Stuur de evaluatie schriftelijk naar de bedrijfsarts en bewaar een kopie.
Stap 8 - Opstellen re-integratieverslag (week 87). Uiterlijk week 87 stelt de werkgever, samen met werknemer en bedrijfsarts, het re-integratieverslag op. Dit verslag is het complete dossier van het verzuimtraject: alle versies plan van aanpak, alle evaluaties, probleemanalyse, arbeidskundige rapportages, correspondentie met UWV en Arbodienst. Het verslag wordt aan werknemer gegeven in week 91 voor indiening bij UWV.
Stap 9 - WIA-aanvraag werknemer (week 91). De werknemer dient uiterlijk in week 91 de WIA-aanvraag in bij UWV met het re-integratieverslag. UWV beoordeelt of voldoende inspanningen zijn verricht. UWV kan een deskundigenoordeel (arbeidsdeskundige) inschakelen voor de beoordeling. Bij onvoldoende inspanningen werkgever: loonsanctie tot maximaal 52 weken extra loondoorbetaling conform BW 7:629 lid 11.
Stap 10 - Loonsanctie, WIA-toekenning of beëindiging. Na het UWV-oordeel: bij WIA-toekenning (WGA of IVA) eindigt de loondoorbetalingsverplichting werkgever. Bij loonsanctie: werkgever betaalt maximaal 52 weken extra loon en hercorrigeert re-integratie-inspanningen. Bij voldoende herstel: werkgever en werknemer beëindigen het re-integratietraject via een terugkeergesprek. Bij ontslag wegens langdurige ziekte: UWV-ontslagvergunning conform BW 7:671a lid 1 sub b.
Wettelijke vereisten voor Re-integratieplan Poortwachter
Het Re-integratieplan Poortwachter Nederland is onderworpen aan de volgende wettelijke vereisten conform Wet verbetering poortwachter 2002, Burgerlijk Wetboek en WIA.
Loondoorbetalingsverplichting werkgever (BW 7:629). De werkgever is verplicht het loon door te betalen gedurende de eerste 104 weken ziekte, ten minste 70% van het loon (eerste jaar: ten minste het wettelijk minimumloon conform Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag; tweede jaar: ten minste 70%). Veel CAO's bepalen doorbetaling tot 100% in het eerste jaar. De loondoorbetalingsverplichting eindigt na 104 weken (twee jaar), tenzij UWV een loonsanctie oplegt (BW 7:629 lid 11).
Re-integratieverplichting werkgever (BW 7:658a). De werkgever is verplicht actief te bevorderen dat de werknemer de eigen functie hervat of passende arbeid verricht (Spoor 1). Wanneer dat niet mogelijk is, moet de werkgever Spoor 2 inzetten (re-integratie bij een andere werkgever conform Wet SUWI art. 7). De re-integratieverplichting is zwaar: werkgever moet alle redelijke maatregelen treffen en aantonen dat voldoende inspanningen zijn geleverd. UWV beoordeelt dit bij de WIA-aanvraag.
Medewerking werknemer (BW 7:660a). De werknemer is verplicht mee te werken aan redelijke re-integratie-activiteiten: aanwezigheid bij bedrijfsarts, gesprekken met casemanager, uitvoering van adviezen. Weigering of vertraging zonder deugdelijke grond geeft werkgever het recht het loon te staken conform BW 7:629 lid 3 sub e (weigering passende arbeid) of lid 6 sub a (niet naleven controlevoorschriften). Werkgever moet eerst schriftelijk waarschuwen voor stopzetting loon.
Loonsanctie UWV (BW 7:629 lid 11). UWV kan bij de WIA-beoordeling oordelen dat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen heeft verricht en een loonsanctie opleggen: verlenging loondoorbetaling met maximaal 52 weken. De loonsanctie heeft een grote financiële impact: bij een bruto-loon van 4.000 euro per maand bedraagt de loonsanctie maximaal 52 × 4.000 = 208.000 euro extra kosten. Werkgever kan de loonsanctie herstellen door alsnog voldoende re-integratie-inspanningen te verrichten.
Deskundigenoordeel UWV (BW 7:629a). Werkgever of werknemer kan op elk moment een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV voor een oordeel over: de re-integratie-inspanningen van de werkgever, de belastbaarheid van de werknemer, de passendheid van aangeboden arbeid. Kosten: werkgever betaalt een tarief; werknemer is gratis. Het oordeel is niet bindend maar sterk indicatief voor UWV bij WIA-beoordeling.
Bedrijfsarts en Arbodienst (Arbowet art. 14, Wet BIG). De werkgever is verplicht een gecertificeerde Arbodienst of gecertificeerde bedrijfsarts in te schakelen conform Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) art. 14. De bedrijfsarts stelt de probleemanalyse op en houdt zich aan de NVAB-richtlijnen en het medisch beroepsgeheim (Wet BIG art. 47). De werkgever heeft geen inzage in de medische diagnose; alleen in de functionele beperkingen en belastbaarheid.
Privacybescherming medische gegevens (AVG / UAVG 2018). Medische gegevens van werknemers zijn bijzondere persoonsgegevens conform Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) art. 9. De werkgever mag geen medische gegevens verwerken zonder uitdrukkelijke toestemming of wettelijke grondslag. Het re-integratieplan bevat alleen functionele beperkingen (niet de diagnose). Het UWV verwerkt medische gegevens conform UAVG 2018 en AVG art. 9 lid 2 sub b (arbeidsrecht).
Veelgemaakte fouten bij uw Re-integratieplan Poortwachter
Bij het opstellen van het Re-integratieplan Poortwachter Nederland worden onderstaande fouten regelmatig gemaakt. Vermijd deze om loonsancties, UWV-boetes en juridische procedures te voorkomen.
Fout 1 - Geen plan van aanpak in week 8. De Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar vereist een plan van aanpak uiterlijk in week 8. Werkgevers stellen het plan soms pas na 12 of 16 weken op, wat leidt tot een UWV-loonsanctie bij de WIA-beoordeling. Plan een vaste afspraak: week 6 probleemanalyse bedrijfsarts, week 8 plan van aanpak gereed en ondertekend door beide partijen.
Fout 2 - Medische diagnose opnemen in het plan. Het re-integratieplan mag geen medische diagnose bevatten wegens het medisch beroepsgeheim van de bedrijfsarts (Wet BIG art. 47). Verwijs alleen naar functionele beperkingen en belastbaarheid, niet naar aandoeningen, ziektebeelden of behandelingen. Werkgevers die medische gegevens vastleggen in HRM-systemen riskeren boetes van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) conform AVG art. 83.
Fout 3 - Te laat Spoor 2 activeren. Wanneer Spoor 1 niet haalbaar is, moet Spoor 2 zo snel mogelijk worden ingezet, uiterlijk in het tweede ziektejaar. Werkgevers wachten soms te lang, waardoor bij de WIA-beoordeling in week 91 te weinig Spoor 2-activiteiten zijn ondernomen. Activeer Spoor 2 parallel aan Spoor 1 zodra de prognose voor terugkeer eigen functie onzeker wordt.
Fout 4 - Geen contactverslagen bijhouden. UWV verwacht bij de WIA-beoordeling bewijs van alle re-integratie-activiteiten: contactverslagen van verzuimgesprekken, rapporten van Arbodienst, verslagen van evaluaties, correspondentie met re-integratiebureaus. Houd systematisch contactverslagen bij van elk gesprek (datum, deelnemers, inhoud, afspraken). Sla alle documenten op in het personeelsdossier.
Fout 5 - UWV-melding week 42 vergeten. De werkgever is verplicht het langdurig verzuim in week 42 te melden bij UWV via Mijn UWV (uwv.nl/werkgevers). Een boete van de Inspectie SZW volgt bij te late melding. Stel een agendarinnering in op dag 1 van de ziekmelding voor de 42-wekenmelding.
Fout 6 - Plan niet bijstellen elke zes weken. Het re-integratieplan moet elke zes weken worden geëvalueerd en bijgesteld conform de Regeling procesgang. Werkgevers zien dit soms als een formaliteit en laten evaluaties achterwege. UWV beoordeelt bij de WIA-aanvraag of voldoende evaluaties zijn uitgevoerd; ontbrekende evaluaties leiden tot loonsanctie.
Fout 7 - Loon stopzetten zonder schriftelijke waarschuwing. Als de werknemer weigert mee te werken aan re-integratie, mag de werkgever het loon staken conform BW 7:629 lid 3, maar alleen na een voorafgaande schriftelijke waarschuwing (BW 7:629 lid 7). Directe loonstop zonder waarschuwing leidt tot een vordering tot doorbetaling loon via kantonrechter conform BW 7:686a.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Re-integratieplan Poortwachter (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/forms/re-integratieplan
"Re-integratieplan Poortwachter (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/forms/re-integratieplan.
@misc{formslegal-re-integratieplan,
author = {{Forms Legal}},
title = {Re-integratieplan Poortwachter (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/forms/re-integratieplan}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Conform de Wet verbetering poortwachter 2002 en de Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar moet het plan van aanpak (re-integratieplan) uiterlijk in week 8 van het ziekteverzuim zijn opgesteld en ondertekend door zowel werkgever als werknemer. Aan het plan van aanpak gaat een probleemanalyse van de bedrijfsarts vooraf, die uiterlijk in week 6 moet zijn uitgevoerd. De probleemanalyse bevat een oordeel van de bedrijfsarts over de belastbaarheid van de werknemer in functionele termen (Functionele Mogelijkhedenlijst, FML) en een advies over het re-integratiespoor (Spoor 1 eigen functie of Spoor 2 externe re-integratie). Zonder tijdig plan van aanpak loopt de werkgever risico op een loonsanctie van UWV bij de WIA-beoordeling na 91 weken: verlenging loondoorbetalingsperiode met maximaal 52 weken conform BW 7:629 lid 11. Praktische tip: stel een agendarinnering in op dag 1 van de ziekmelding voor de deadlines: week 6 probleemanalyse, week 8 plan van aanpak, week 42 UWV-melding, week 52 eerstejaarsevaluatie, week 87 re-integratieverslag.
Spoor 1 en Spoor 2 zijn de twee re-integratieroutes conform de Wet verbetering poortwachter 2002. Spoor 1 betekent dat de werknemer terugkeert in de eigen functie of een passende functie bij de eigen werkgever. De werkgever past het werk aan: andere taken, minder uren, aangepaste werkplek, andere werktijden. Spoor 1 heeft de voorkeur en wordt als eerste ingezet. Spoor 2 betekent dat de werknemer re-integreert bij een andere werkgever. Spoor 2 wordt ingezet wanneer Spoor 1 niet (volledig) mogelijk is: er is geen passende functie bij de werkgever beschikbaar. Een gecertificeerd re-integratiebureau (conform kwaliteitsregister re-integratie en Wet SUWI art. 7) begeleid de werknemer bij het vinden van werk bij een andere werkgever: arbeidsmarktanalyse, sollicitatiebegeleiding, proefplaatsing conform WW art. 76, omscholing via ROC of HBO. Spoor 1 en Spoor 2 kunnen parallel lopen: ook al is herstel bij de eigen werkgever in aard mogelijk, kan Spoor 2 alvast worden opgestart om tijdverlies te voorkomen. UWV beoordeelt bij de WIA-aanvraag of werkgever beide sporen voldoende serieus heeft ingezet.
Conform BW 7:629 heeft de werknemer recht op loondoorbetaling tijdens de eerste 104 weken ziekte (twee jaar). De wettelijke minimumeis is 70% van het loon per dag. In het eerste ziektejaar geldt aanvullend dat de loondoorbetaling niet minder mag zijn dan het wettelijk minimumloon conform de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). In het tweede ziektejaar geldt alleen de 70%-eis. Veel CAO's bepalen dat de werkgever in het eerste jaar 100% van het loon doorbetaalt en in het tweede jaar 70%. Controleer uw CAO via cao.szw.nl. Naast het loon behoudt de werknemer alle andere arbeidsrechtelijke aanspraken (pensioenopbouw, vakantiedagen over het gewerkte deel). Bij een WIA-toekenning na 104 weken eindigt de loondoorbetalingsverplichting werkgever en ontvangt de werknemer een WIA-uitkering van UWV: WGA (gedeeltelijk arbeidsongeschikt, variabele uitkering afhankelijk van resterende verdiencapaciteit) of IVA (volledig en duurzaam arbeidsongeschikt, 75% van het dagloon voor de duur van de arbeidsongeschiktheid tot AOW-leeftijd).
In beginsel nee. BW 7:670 lid 1 bevat een opzegverbod tijdens de eerste twee jaar ziekte. De werkgever mag de arbeidsovereenkomst niet opzeggen wegens ziekte, ook niet via het UWV-ontslagtraject conform BW 7:671a. Het opzegverbod geldt gedurende de eerste 104 weken (twee jaar) van de onafgebroken ziekte, gerekend vanaf dag 1 van de eerste ziekmelding. Uitzonderingen op het opzegverbod: faillissement werkgever conform Faillissementswet art. 40, einde tijdelijk contract van rechtswege bij oorspronkelijke einddatum (geen verlenging), ontslag op staande voet wegens dringende reden (BW 7:678), ontslag via een door de kantonrechter goedgekeurde vaststellingsovereenkomst conform BW 7:670b. Na 104 weken ziekte kan de werkgever ontslag aanvragen bij UWV via de route conform BW 7:671a lid 1 sub b (langdurige arbeidsongeschiktheid). UWV verleent de ontslagvergunning alleen als het dienstverband redelijkerwijs niet kan voortduren en de werkgever voldoende re-integratie-inspanningen heeft geleverd. Bij tekortschieten in re-integratie: geen ontslagvergunning en loonsanctie conform BW 7:629 lid 11.
De werknemer is op grond van BW 7:660a verplicht mee te werken aan redelijke re-integratie-activiteiten: aanwezigheid bij de bedrijfsarts, deelname aan begeleiding van de Arbodienst, uitvoering van adviezen van de bedrijfsarts, meewerken aan aangeboden passende arbeid. Weigering of vertraging zonder deugdelijke grond geeft de werkgever het recht het loon te staken conform BW 7:629 lid 3 sub e (weigering passende arbeid) of lid 6 sub a (niet naleven controlevoorschriften bedrijfsarts). Voorwaarden voor loonstop: de werkgever moet eerst schriftelijk waarschuwen (BW 7:629 lid 7). Zonder voorafgaande waarschuwing is een loonstop onrechtmatig. Als de werknemer het oneens is met de beoordeling van de werkgever over de re-integratie-inspanningen, kan de werknemer een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV conform BW 7:629a. Bij een geschil over loonstop of re-integratie-activiteiten: verzoekschrift bij kantonrechter conform BW 7:686a binnen zes maanden na het geschil.
Na 104 weken ziekte beoordeelt het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) of de werknemer recht heeft op een WIA-uitkering conform Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). De WIA-beoordeling bestaat uit twee onderdelen. Ten eerste: een arbeidskundige beoordeling of voldoende re-integratie-inspanningen zijn verricht door werkgever en werknemer (op basis van het re-integratieverslag). Ten tweede: een medische en arbeidskundige beoordeling van de resterende verdiencapaciteit door een UWV-verzekeringsarts en -arbeidsdeskundige. Op basis van de resterende verdiencapaciteit wordt de arbeidsongeschiktheid vastgesteld. WGA-uitkering (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten): voor werknemers die 35-80% arbeidsongeschikt zijn, of volledig maar herstelbaar. IVA-uitkering (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten): voor werknemers die volledig (>80%) en duurzaam arbeidsongeschikt zijn; uitkering 75% van het dagloon. Het maximumdagloon 2026 bedraagt 281,77 euro per dag. Bezwaar tegen WIA-beschikking: binnen zes weken conform Algemene wet bestuursrecht art. 6:7; hoger beroep bij Centrale Raad van Beroep (CRvB) te Utrecht.
Een deskundigenoordeel is een oordeel van een UWV-arbeidsdeskundige over een geschil in het re-integratietraject conform BW 7:629a. Zowel werkgever als werknemer kunnen een deskundigenoordeel aanvragen bij UWV. De meest voorkomende aanvragen: werknemer twijfelt aan de re-integratie-inspanningen van de werkgever (te weinig passend werk aangeboden, Spoor 2 niet ingezet), werkgever twijfelt of de werknemer terecht ziek is gemeld (second opinion via bedrijfsarts conform Arbeidsomstandighedenwet art. 14), of geschil over de belastbaarheid van de werknemer (werknemer vindt zich zieker dan bedrijfsarts oordeelt). De UWV-arbeidsdeskundige bezoekt de werknemer thuis, praat met werkgever en bedrijfsarts, en brengt binnen vijf weken een oordeel uit. Het oordeel is niet juridisch bindend, maar wordt door kantonrechters sterk meegewogen bij geschillen over loondoorbetaling, passend werk of re-integratie-inspanningen. Kosten voor werkgever: een vaste vergoeding per aanvraag; voor werknemers is het deskundigenoordeel gratis.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Ziekmelding Formulier (Eerste ziektedag)
Officieel ziekmeldingsformulier werknemer aan werkgever conform BW 7:629 (loondoorbetaling 70%) en Wet verbetering poortwachter (Wvp 2002), met eerste ziektedag, contactgegevens, bedrijfsarts en reintegratie.
Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland
Vaste arbeidsovereenkomst zonder einddatum tussen werkgever en werknemer conform Burgerlijk Wetboek Boek 7 art. 7:610 e.v. Bevat functie, loon, werktijden, proeftijd, vakantie, opzegging en CAO-bepalingen.
UWV Ontslagvergunning Aanvraag Nederland
Aanvraag van een ontslagvergunning bij het UWV WERKbedrijf op grond van bedrijfseconomische redenen (a-grond) of langdurige arbeidsongeschiktheid (b-grond) conform BW 7:671a en de UWV Beleidsregels Ontslagtaak.
Vaststellingsovereenkomst Ontslag (VSO)
Vaststellingsovereenkomst (VSO) tussen werkgever en werknemer voor beeindiging arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden conform BW 7:900 en BW 7:670b, met neutrale grond, transitievergoeding, eindafrekening en finale kwijting. Behoudt WW-aanspraak bij UWV.