Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland
ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR ONBEPAALDE TIJD
Conform Burgerlijk Wetboek Boek 7 art. 7:610 e.v., Wet werk en zekerheid (WWZ), Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) en Richtlijn (EU) 2019/1152 transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden.
Partijen
DE ONDERGETEKENDEN:
1. [Werkgever Naam], gevestigd te [Werkgever Adres], KvK-nummer [Werkgever Kv K], loonheffingennummer [Werkgever Loonheffing], rechtsgeldig vertegenwoordigd door [Werkgever Vertegenwoordiger], hierna te noemen: 'Werkgever';
EN
2. [Werknemer Naam], geboren op [Werknemer Geboortedatum], wonende te [Werknemer Adres], BSN [Werknemer B S N], e-mail [Werknemer Email], hierna te noemen: 'Werknemer';
VERKLAREN TE ZIJN OVEREENGEKOMEN ALS VOLGT:
Artikel 1 - Functie en aard dienstverband
ARTIKEL 1 - FUNCTIE EN AARD VAN HET DIENSTVERBAND
1.1 Werknemer treedt op [Aanvangsdatum] in dienst van Werkgever in de functie van [Functie Titel].
1.2 De werkzaamheden bestaan uit: [Functie Omschrijving].
1.3 De arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor ONBEPAALDE TIJD conform BW art. 7:610. Beeindiging vindt plaats overeenkomstig de wettelijke bepalingen (BW art. 7:669 e.v.).
1.4 Standplaats van de werkzaamheden: [Standplaats].
Artikel 2 - Proeftijd
ARTIKEL 2 - PROEFTIJD (BW art. 7:652)
2.1 Tussen partijen geldt een proeftijd van [Proeftijd Maanden] maand(en), te rekenen vanaf de aanvangsdatum.
2.2 Gedurende de proeftijd kan elk der partijen het dienstverband zonder opzegtermijn en zonder opgave van reden beeindigen, onder voorbehoud van discriminatieverboden en het beginsel van goed werkgeverschap (BW art. 7:611).
Artikel 3 - Loon en arbeidsvoorwaarden
ARTIKEL 3 - LOON EN ARBEIDSVOORWAARDEN
3.1 Werkgever betaalt aan Werknemer een bruto maandsalaris van EUR [Bruto Maandsalaris] op basis van [Uren Per Week] uur per week.
3.2 Vakantietoeslag bedraagt [Vakantietoeslag]% van het brutoloon (BW art. 7:617) en wordt jaarlijks in mei uitbetaald.
3.3 Werknemer heeft recht op [Vakantiedagen] vakantiedagen per kalenderjaar bij fulltime dienstverband (BW art. 7:634).
3.4 Reiskostenvergoeding bedraagt EUR [Reiskostenvergoeding] per km woon-werkverkeer (belastingvrij maximum 0,23 EUR per km in 2026 onder Wet IB 2001 art. 31a).
3.5 Het loon wordt maandelijks achteraf overgemaakt op een door Werknemer opgegeven IBAN-rekening.
Artikel 4 - Werktijden, ziekte en verlof
ARTIKEL 4 - WERKTIJDEN, ZIEKTE EN VERLOF
4.1 Werknemer werkt gemiddeld [Uren Per Week] uur per week conform de Arbeidstijdenwet (ATW).
4.2 Bij arbeidsongeschiktheid door ziekte wordt het loon doorbetaald conform BW art. 7:629: minimaal 70% gedurende maximaal twee jaar (104 weken), eerste jaar minimaal het wettelijk minimumloon.
4.3 Voor verlof gelden de bepalingen van de Wet Arbeid en Zorg (WAZO): zwangerschapsverlof 16 weken, geboorteverlof partner, ouderschapsverlof, kortdurend en langdurend zorgverlof.
Artikel 5 - Opzegging
ARTIKEL 5 - OPZEGGING EN BEEINDIGING (BW art. 7:669 t/m 7:673)
5.1 Voor Werknemer geldt een opzegtermijn van [Opzegtermijn Werknemer] maand(en); voor Werkgever de wettelijke opzegtermijn van BW art. 7:672 ([Opzegtermijn Werkgever]).
5.2 Opzegging geschiedt schriftelijk, aangetekend of met ontvangstbevestiging, tegen het einde van de kalendermaand.
5.3 Bij beeindiging op initiatief van Werkgever is een transitievergoeding verschuldigd conform BW art. 7:673: 1/3 maandsalaris per dienstjaar, gemaximeerd op 98.000 EUR (2026) of het jaarsalaris als dat hoger is.
5.4 Voor bedrijfseconomisch ontslag (a-grond) of langdurige arbeidsongeschiktheid (b-grond) wordt ontslagvergunning aangevraagd bij het UWV; voor overige gronden (d t/m i) wordt ontbinding verzocht bij de kantonrechter.
Artikel 6 - CAO en pensioen
ARTIKEL 6 - CAO EN PENSIOENREGELING
6.1 Op deze arbeidsovereenkomst is van toepassing de CAO: [Cao Naam]. De CAO is voor Werknemer ter inzage via personeelshandboek of intranet.
6.2 Werknemer neemt deel aan de pensioenregeling: [Pensioenregeling] conform Wet Bpf 2000 of de pensioenovereenkomst onder Wet toekomst pensioenen (WTP).
Artikel 7 - Geheimhouding en bedingen
ARTIKEL 7 - GEHEIMHOUDING, INTELLECTUEEL EIGENDOM EN OVERIGE BEDINGEN
7.1 Werknemer is gehouden tot strikte geheimhouding van alle bedrijfsgevoelige informatie, ook na einde dienstverband, op grond van BW art. 7:611 (goed werknemerschap).
7.2 Werken die Werknemer in het kader van het dienstverband vervaardigt vallen onder Werkgever als auteursrechthebbende conform Auteurswet art. 7.
7.3 Eventuele aanvullende bedingen zoals non-concurrentie (BW art. 7:653), relatiebeding en studiekostenbeding worden in een afzonderlijke bijlage vastgelegd.
Artikel 8 - Geschillen
ARTIKEL 8 - TOEPASSELIJK RECHT EN GESCHILLENBESLECHTING
8.1 Op deze arbeidsovereenkomst is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.
8.2 Alle geschillen worden voorgelegd aan de bevoegde kantonrechter van de Rechtbank in het arrondissement waar Werknemer woonachtig is (Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering art. 100).
Ondertekening
ONDERTEKENING
Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend te [Ondertekening Plaats] op [Ondertekening Datum].
Werkgever: __________________________ Werknemer: __________________________
[Werkgever Vertegenwoordiger] [Werknemer Naam]
Werkgever
________________
Signature
Werknemer
________________
Signature
Wat is Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland?
De Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd in Nederland is de vaste arbeidsovereenkomst zonder einddatum tussen werkgever en werknemer, geregeld door het arbeidsrecht van Burgerlijk Wetboek art. 7:610 tot 7:691. Het vaste contract biedt de sterkste ontslagbescherming: beëindiging vereist een geldige opzegging, een ontbinding door de kantonrechter (BW art. 7:671b) of een ontslagvergunning van het UWV (BW art. 7:671a), en bij werkgeversinitiatief is een transitievergoeding verschuldigd op grond van BW art. 7:673.
De vaste arbeidsovereenkomst biedt de sterkste ontslagbescherming binnen het Nederlands arbeidsrecht. Anders dan een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd loopt deze niet automatisch af door tijdsverloop. Beeindiging vereist een geldige opzegging conform BW art. 7:671, ontbinding door de kantonrechter (BW art. 7:671b) of een ontslagvergunning van het UWV (BW art. 7:671a) bij bedrijfseconomische gronden of langdurige arbeidsongeschiktheid. Bij beeindiging op initiatief van de werkgever is een transitievergoeding verschuldigd op grond van BW art. 7:673, berekend op een derde maandsalaris per dienstjaar zonder maximum aantal jaren.
Het Nederlandse stelsel kent het duaal ontslagstelsel: voor bedrijfseconomisch ontslag (a-grond) en langdurige arbeidsongeschiktheid (b-grond) verloopt de route via het UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen) te Amsterdam. Voor disfunctioneren (d-grond), verwijtbaar handelen (e-grond), verstoorde arbeidsrelatie (g-grond), gewetensbezwaren (f-grond), overige gronden (h-grond) en de cumulatiegrond (i-grond uit de WAB) loopt de route via de kantonrechter (Rechtbank, sector kanton) met een verzoekschrift tot ontbinding. Cumulatie van twee onvoldragen ontslaggronden is sinds 1 januari 2020 mogelijk via de i-grond, mits de kantonrechter een aanvullende billijke vergoeding van maximaal 50% bovenop de transitievergoeding toekent.
De ketenregeling van BW art. 7:668a beperkt het aantal opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd: maximaal drie contracten binnen drie jaar resulteren automatisch in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, tenzij een tussenpoos van meer dan zes maanden wordt aangehouden. Sinds 1 juli 2025 is de tussenpoos onder de wijziging van de Wet werk en zekerheid verlengd naar vijf jaar voor reguliere werknemers; voor seizoensarbeid en uitzendwerk gelden afwijkende regels op grond van CAO-bepalingen.
De Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd onderscheidt zich van de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (BW art. 7:667), de oproepovereenkomst of nul-urencontract (BW art. 7:628a), het payrollcontract (BW art. 7:692 en WAB), de uitzendovereenkomst (BW art. 7:690 en Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs, Waadi) en de overeenkomst van opdracht voor zzp'ers (BW art. 7:400). Bij een ZZP-relatie geldt sinds 1 januari 2025 handhaving op schijnzelfstandigheid via de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA); de Belastingdienst toetst aan modelovereenkomsten en het beoordelingskader. Bij herkwalificatie als loondienst loopt de werkgever risico op naheffing loonheffing en premies werknemersverzekeringen tot vijf jaar terug.
De werkgever moet de wezenlijke elementen schriftelijk verstrekken binnen een maand na aanvang van de werkzaamheden conform BW art. 7:655. Dit transparantievereiste vloeit voort uit Richtlijn (EU) 2019/1152 betreffende transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden, geimplementeerd in Nederland per 1 augustus 2022. De werkgever moet onder meer opgeven: naam en woonplaats van partijen, plaats van werkzaamheden, functie of aard van de werkzaamheden, datum van indiensttreding, duur (i.c. onbepaalde tijd), loon en uitbetalingsfrequentie, normaal aantal uren per week, vakantie-aanspraak, opzegtermijn en de eventueel van toepassing zijnde collectieve arbeidsovereenkomst (CAO).
Tegen ontslagbeslissingen van het UWV staat beroep open bij de kantonrechter binnen twee maanden (BW art. 7:681 en 7:686a). Tegen beschikkingen van de kantonrechter staat hoger beroep open bij het Gerechtshof, sector civiel; cassatie loopt via de Hoge Raad der Nederlanden te Den Haag. De kantonrechter is bevoegd in eerste aanleg voor alle arbeidsgeschillen op grond van Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering art. 93 sub c, zonder verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat. Een eventuele billijke vergoeding bij ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever wordt vastgesteld op grond van vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, waaronder het New Hairstyle-arrest van 30 juni 2017 (ECLI:NL:HR:2017:1187).
Wanneer heeft u Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland nodig?
De Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland is in vele situaties verplicht of voordelig voor werkgever en werknemer. Onderstaande omstandigheden vragen om tijdige opstelling en ondertekening.
Aanname van een nieuwe werknemer in vaste dienst. Bij werving voor een structurele functie zonder einddatum kiest de werkgever doelbewust voor een vast contract conform BW art. 7:610. De werknemer geniet daarmee maximale ontslagbescherming, premiekorting WW (lage WW-premie 2,74% in 2026 voor vast versus 7,74% hoge WW-premie voor flex), en aansluiting bij sectorpensioenregeling (bedrijfstakpensioenfonds, Bpf). Voor de werkgever ontstaat continuiteit, kennisbehoud en kwalificatie voor subsidieregelingen zoals de loonkostenvoordelen (LKV) van het UWV.
Omzetting van bepaalde tijd naar onbepaalde tijd na ketenregeling. Wanneer een werknemer drie opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd heeft gehad binnen drie jaar (BW art. 7:668a), of het derde contract de drie-jaarstermijn overschrijdt, ontstaat van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. De werkgever doet er goed aan dit moment in een schriftelijk vast contract vast te leggen om onduidelijkheid over arbeidsvoorwaarden, proeftijd, opzegtermijn en pensioenregeling te voorkomen. De Hoge Raad oordeelde in arrest 9 augustus 2002 (ECLI:NL:HR:2002:AE2126) dat het stilzwijgend voortzetten van werkzaamheden na afloop van de bepaalde-tijd-overeenkomst leidt tot een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd onder dezelfde voorwaarden (BW art. 7:668 lid 4).
Vervanging van een payroll- of uitzendcontract door direct dienstverband. Wanneer een werknemer eerst via een payrollbedrijf (BW art. 7:692) of uitzendbureau (BW art. 7:690) heeft gewerkt en de inlener besluit een directe dienstbetrekking aan te gaan, vraagt dit om een vaste arbeidsovereenkomst. Sinds de Wet arbeidsmarkt in balans 2020 hebben payrollwerknemers recht op gelijke arbeidsvoorwaarden als directe werknemers bij de inlener (gelijke beloning, gelijke pensioenregeling). Bij overgang naar direct dienstverband telt de eerdere duur mee voor de ketenregeling en voor de berekening van de transitievergoeding.
Aanvang dienstverband binnen een sectorale CAO. Wanneer de werkgever onder een algemeen verbindend verklaarde CAO valt (bijvoorbeeld de CAO Bouw, CAO Metaal, CAO Zorg, CAO Horeca, CAO Detailhandel), moet de arbeidsovereenkomst de bepalingen van die CAO respecteren. De werkgever moet schriftelijk in de overeenkomst verwijzen naar de van toepassing zijnde CAO en het document toegankelijk maken via de werkkostenregeling of personeelshandboek. Het werkgeverstype en de sector bepalen of het tweede pijler pensioen verplicht is via een bedrijfstakpensioenfonds (Wet Bpf 2000).
Promotie of functiewijziging van bestaande werknemer. Bij een wezenlijke functiewijziging die loon, arbeidstijd of standplaats raakt, is een aanvulling op of vervanging van de bestaande arbeidsovereenkomst noodzakelijk. De werkgever moet rekening houden met het beginsel van goed werkgeverschap (BW art. 7:611) en eventueel met instemmingsrecht van de ondernemingsraad op grond van art. 27 Wet op de ondernemingsraden (WOR) voor wijziging van arbeidsvoorwaarden, beloningssystemen of werktijdregelingen.
Indiensttreding van een kennismigrant met 30%-regeling. Voor expats die naar Nederland verhuizen en voldoen aan de criteria van de 30%-regeling (Wet IB 2001 art. 31a), is een schriftelijke arbeidsovereenkomst met expliciete verwijzing naar de 30%-regeling noodzakelijk. De werkgever moet binnen vier maanden na aanvang van de werkzaamheden de aanvraag indienen bij de Belastingdienst Buitenland te Heerlen. Sinds 2024 geldt een maximale looptijd van vijf jaar en geleidelijke versobering (30%-20%-10% in drie tranches van 20 maanden) onder de Wet versobering 30%-regeling.
Werving voor een vertrouwensfunctie of statutair directeur. Voor een statutair bestuurder van een BV of NV (directeur-grootaandeelhouder, DGA) geldt een hybride positie: enerzijds vennootschapsrechtelijk benoeming door de algemene vergadering (BW art. 2:132 en 2:242), anderzijds arbeidsrechtelijk dienstverband. Voor de statutair directeur geldt het beschermingsregime van BW art. 7:671a/b in beperkte mate; ontslag kan plaatsvinden door de AvA zonder UWV-vergunning of kantonrechter, maar de transitievergoeding blijft verschuldigd. De salariseisen van de gebruikelijk loonregeling (Wet LB 1964 art. 12a) moeten worden gerespecteerd: minimaal 56.000 euro in 2026.
Wijziging van werkgever door overgang van onderneming. Bij overgang van onderneming op grond van BW art. 7:662 e.v. (implementatie EU Richtlijn 2001/23) gaan alle arbeidsovereenkomsten met de daarbij behorende rechten en plichten van rechtswege over op de verkrijger. Een nieuwe schriftelijke vastlegging van de arbeidsovereenkomst onder de verkrijger is gebruikelijk om duidelijkheid over werkgeverschap, salarisbetaling, pensioenregeling en CAO te creeren, zonder dat dit afdoet aan de gehandhaafde anciennteit en arbeidsvoorwaarden.
Wat moet er in uw Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland staan?
De Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland bevat een reeks verplichte en facultatieve onderdelen die conform BW art. 7:655 schriftelijk binnen een maand na aanvang van het dienstverband aan de werknemer moeten worden verstrekt.
Partijgegevens en identificatie. Volledige naam, adres, BSN (Burgerservicenummer 9 cijfers) en geboortedatum van de werknemer; naam, vestigingsadres, KvK-nummer (Kamer van Koophandel) en loonheffingennummer van de werkgever. De werkgever moet vooraf identificatie op grond van de Wet identificatieplicht (Wid) verifieren met geldig identiteitsbewijs en het paspoort/rijbewijs vijf jaar bewaren conform Wet op de loonbelasting 1964 art. 28 lid 1 sub f.
Functieomschrijving en werkzaamheden. Concrete omschrijving van de functie (bijvoorbeeld softwareontwikkelaar, accountmanager, productiemedewerker), aard van de werkzaamheden, vereisten en verantwoordelijkheden. Bij CAO-gebonden functies verwijzing naar de relevante functiecategorie of salarisschaal. De werkgever kan een functieprofiel als bijlage opnemen. Te brede of vage omschrijvingen leiden tot geschillen bij wijziging van werkzaamheden of bij beoordeling van disfunctioneren (d-grond ontslag).
Datum van indiensttreding en duur (onbepaalde tijd). Aanvangsdatum van het dienstverband; uitdrukkelijke vermelding van het feit dat het dienstverband voor onbepaalde tijd wordt aangegaan, zonder einddatum. Zonder duidelijke vermelding zou de bewijslast op de werkgever kunnen rusten als de werknemer aanvoert dat sprake is van bepaalde tijd met benadelende ketenregeling.
Proeftijd (optioneel) conform BW art. 7:652. Maximaal twee maanden bij arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (een maand bij contracten korter dan twee jaar, geen proeftijd bij contracten korter dan zes maanden onder de WAB 2020). De proeftijd moet schriftelijk worden overeengekomen op straffe van nietigheid; tijdens proeftijd kan elk der partijen zonder opzegtermijn beeindigen. De Hoge Raad oordeelde in arrest 24 oktober 1986 (NJ 1987, 293) dat een nietige proeftijd niet kan worden hersteld.
Loon, vakantiegeld en variabele beloning. Bruto maandsalaris (bij minimumloon ten minste WML 2026: 1.946,40 EUR per maand voor 21+, 173,20 uur per maand); vakantietoeslag minimaal 8% van het brutoloon (BW art. 7:617) jaarlijks in mei/juni uit te betalen; eventuele dertiende maand, bonus, provisie of resultaatafhankelijke beloning; pensioenpremie werknemer en werkgeversbijdrage; reiskostenvergoeding (belastingvrij 0,23 euro per km in 2026 onder Wet IB 2001 art. 31a). Loon moet worden gespecificeerd in een loonstrook conform BW art. 7:626.
Werktijden en plaats van werkzaamheden. Normaal aantal uren per week (fulltime doorgaans 36-40 uur; CAO-afhankelijk); werkdagen en -tijden; locatie van de werkzaamheden (kantoor, fabriek, thuiswerken, hybride); bij thuiswerken eventuele thuiswerkvergoeding (belastingvrij 2,40 EUR per dag in 2026). Wijzigingen in werktijden vereisen instemming werknemer of gebruik van eenzijdig wijzigingsbeding (BW art. 7:613) onder strenge voorwaarden uit het Stoof/Mammoet-arrest van de Hoge Raad (HR 11 juli 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD1847).
Vakantie en verlof. Wettelijk minimum: vier maal de wekelijkse arbeidsduur per jaar (BW art. 7:634), dus 20 dagen bij vijfdaagse werkweek; CAO of arbeidsovereenkomst kan extra dagen toekennen (typisch 25-30 dagen). Wettelijke vakantiedagen vervallen zes maanden na het opbouwjaar (BW art. 7:640a), bovenwettelijke binnen vijf jaar. Daarnaast geldt zwangerschapsverlof (16 weken Wet Arbeid en Zorg), geboorteverlof partner (een week loondoorbetaling + 5 weken UWV-uitkering 70%), kortdurend en langdurend zorgverlof.
Opzegging, opzegtermijn en transitievergoeding. Opzegtermijn werkgever conform BW art. 7:672: een maand bij dienstverband korter dan 5 jaar, twee maanden bij 5-10 jaar, drie maanden bij 10-15 jaar, vier maanden bij 15+ jaar. Opzegtermijn werknemer: standaard een maand, kan in CAO/arbeidsovereenkomst worden verkort tot minimum een maand. Transitievergoeding bij werkgevers-initiatief beeindiging: 1/3 maandsalaris per dienstjaar zonder maximum; gemaximeerd op 98.000 EUR (2026) of het jaarsalaris als dat hoger is.
Bedingen en aanvullende bepalingen. Eventueel non-concurrentiebeding (BW art. 7:653, schriftelijk en meerderjarige werknemer); relatiebeding; geheimhoudingsbeding (BW art. 7:611); studiekostenbeding met terugbetaalplicht (afnemend over twee jaar); eenzijdig wijzigingsbeding (BW art. 7:613); intellectueel eigendomsregeling werken in dienstverband (Auteurswet art. 7); boetebeding (BW art. 7:650). Voor gebruikers van de gratis sjabloon op forms-legal.com adviseren wij ook de gerelateerde modellen voor het non-concurrentiebeding, de geheimhoudingsovereenkomst werknemer, de ontslagbrief werkgever, de UWV WW-aanvraag en de belastingaangifte inkomstenbelasting te raadplegen voor een compleet personeelsdossier.
CAO, pensioenregeling en arbo. Verwijzing naar van toepassing zijnde CAO (algemeen verbindend verklaard of bedrijfs-CAO); aansluiting bij verplichte bedrijfstakpensioenfonds (bouw-Bpf, metaal-Bpf, zorg-Bpf, etc.) of eigen pensioenregeling onder de Wet toekomst pensioenen (WTP 2023, transitie naar defined-contribution); arbodienst en RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie) conform Arbowet art. 3.
Ondertekening en bezorging. Datum en plaats van ondertekening; handtekeningen werkgever en werknemer (rechtsgeldige natte handtekening of geavanceerde elektronische handtekening onder eIDAS Verordening 910/2014); twee exemplaren, een voor elke partij. De werkgever moet de arbeidsovereenkomst en personeelsdossier minimaal vijf jaar na uitdiensttreding bewaren conform Wet op de loonbelasting 1964 en zeven jaar bij ondernemers conform AWR art. 52.
Hoe vult u uw Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland in?
Een Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland zorgvuldig opstellen vereist onderstaande stappen die werkgever en werknemer samen of na onderhandeling doorlopen.
Stap 1 - Partijgegevens en identiteit vaststellen. Vermeld de volledige naam, het vestigingsadres en het KvK-nummer van de werkgever (BV, NV, VOF, eenmanszaak of stichting). Voor de werknemer: voornaam, achternaam, adres, BSN (Burgerservicenummer 9 cijfers van de Belastingdienst), geboortedatum en geboorteplaats. De werkgever moet de identiteit van de werknemer verifieren met een geldig identiteitsbewijs (paspoort, identiteitskaart, rijbewijs voor EU/EER-burgers; voor derdelanders ook verblijfsvergunning). Bewaar een kopie van het identiteitsbewijs vijf jaar na uitdiensttreding conform Wid en Wet op de loonbelasting 1964.
Stap 2 - Functie en startdatum vastleggen. Beschrijf de functietitel duidelijk (bijvoorbeeld senior backend developer, financial controller, productiemedewerker). Geef de hoofdtaken en verantwoordelijkheden weer; bij CAO-gebonden functies verwijs naar de relevante functiecategorie en salarisschaal. Vermeld de aanvangsdatum (formaat DD-MM-JJJJ) en bevestig expliciet dat het dienstverband voor onbepaalde tijd wordt aangegaan. Voeg eventueel een functieprofiel of taakomschrijving als bijlage toe.
Stap 3 - Loon en secundaire arbeidsvoorwaarden bepalen. Geef het bruto maandsalaris in euro op (komma als decimaalteken, bijvoorbeeld 3.500,00 EUR). Bevestig of het loon op basis van 36, 38 of 40 uur per week is berekend. Vermeld de vakantietoeslag van minimaal 8% (BW art. 7:617) en uitbetalingsmaand (gebruikelijk mei of juni). Voeg eventuele dertiende maand, eindejaarsuitkering, prestatiebonus, provisie, leaseauto, telefoonvergoeding of OV-jaarkaart toe. Vermeld reiskostenvergoeding (belastingvrij 0,23 EUR per km in 2026) en thuiswerkvergoeding (2,40 EUR per dag).
Stap 4 - Werktijden, plaats en verlof regelen. Bepaal de wekelijkse arbeidsduur (bijvoorbeeld 40 uur fulltime, 32 uur parttime) en de werkdagen. Geef de standaardwerktijden weer (bijvoorbeeld maandag-vrijdag 09:00-17:30 met half uur pauze). Vermeld de locatie van de werkzaamheden of hybride/thuiswerkregeling onder Wet flexibel werken. Bepaal het aantal vakantiedagen: wettelijk minimum vier maal de wekelijkse uren (BW art. 7:634, dus 20 dagen bij 40-urige werkweek), gebruikelijk 25-28 dagen onder CAO.
Stap 5 - Proeftijd opnemen (optioneel). Bij onbepaalde tijd kan een proeftijd van maximaal twee maanden worden afgesproken (BW art. 7:652). De proeftijd moet schriftelijk worden opgenomen op straffe van nietigheid. Gebruik formulering: "Tussen partijen geldt een proeftijd van twee maanden vanaf de aanvangsdatum, gedurende welke beide partijen het dienstverband zonder opzegtermijn en zonder opgave van reden kunnen beeindigen." Een mondelinge proeftijd of een proeftijd langer dan wettelijk toegestaan is nietig.
Stap 6 - Opzegging, opzegtermijn en transitievergoeding vermelden. Verwijs naar de wettelijke opzegtermijnen van BW art. 7:672: een maand bij dienstverband korter dan 5 jaar, twee maanden bij 5-10 jaar, drie maanden bij 10-15 jaar, vier maanden bij 15+ jaar. Opzegging dient schriftelijk en aangetekend te geschieden tegen het einde van de kalendermaand. Bij werkgevers-initiatief beeindiging is transitievergoeding verschuldigd: 1/3 maandsalaris per dienstjaar (BW art. 7:673), gemaximeerd op 98.000 EUR (2026).
Stap 7 - Bedingen en bijlagen toevoegen. Overweeg een non-concurrentiebeding (BW art. 7:653) - alleen schriftelijk en bij meerderjarige werknemer; sinds 2025 onder wijziging WWZ ook bij arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd alleen geldig bij zwaarwegend bedrijfsbelang. Voeg een geheimhoudingsbeding toe (BW art. 7:611) ter bescherming bedrijfsgevoelige informatie en intellectueel eigendom. Optioneel: relatiebeding, studiekostenbeding (terugbetaalverplichting afnemend over twee jaar), boetebeding (BW art. 7:650), eenzijdig wijzigingsbeding (BW art. 7:613).
Stap 8 - CAO, pensioen en arbo verifieren. Controleer of de werkgever onder een algemeen verbindend verklaarde CAO valt door raadpleging cao-database SZW (cao.minszw.nl) of de KvK-sectorindeling. Verwijs in de overeenkomst naar de van toepassing zijnde CAO en maak deze toegankelijk via personeelshandboek of intranet. Verifieer aansluiting bij verplicht bedrijfstakpensioenfonds (Bpf) onder Wet Bpf 2000; bij eigen regeling: pensioenovereenkomst toevoegen onder Wet toekomst pensioenen (WTP).
Stap 9 - Schriftelijke verstrekking en ondertekening. Werkgever moet de essentiele arbeidsvoorwaarden schriftelijk verstrekken binnen een maand na aanvang werkzaamheden (BW art. 7:655, Richtlijn (EU) 2019/1152). Twee exemplaren ondertekenen (een per partij); datum en plaats van ondertekening vermelden. Geldig zijn natte handtekening of geavanceerde elektronische handtekening conform eIDAS Verordening 910/2014. Bewaar het originele exemplaar in het personeelsdossier minimaal vijf jaar na einde dienstverband.
Stap 10 - Registratie en aanmelding bij Belastingdienst en UWV. Werkgever moet de werknemer aanmelden bij de Belastingdienst voor loonheffing (loonheffingennummer) en bij het UWV voor werknemersverzekeringen (WW, WIA, ZW). Eerste loonaangifte indienen via uniforme loonaangifte volgens Wet uniformering loonbegrip. Verstrek de werknemer een loonstrook (BW art. 7:626) en jaaropgave (Wet IB 2001) binnen de wettelijke termijnen.
Wettelijke vereisten voor Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland
De Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland is onderworpen aan een uitgebreide reeks wettelijke verplichtingen die werkgevers moeten naleven, op straffe van nietigheid, vernietigbaarheid, bestuurlijke boete of civiele aansprakelijkheid.
Schriftelijkheid en informatieplicht (BW art. 7:655). De werkgever moet de wezenlijke arbeidsvoorwaarden schriftelijk verstrekken binnen een maand na aanvang werkzaamheden. Sinds 1 augustus 2022 (implementatie EU Richtlijn 2019/1152 transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden) is de informatieplicht uitgebreid met: opleidingsverplichting werkgever, scholingsbeleid, regels bij overwerk, transitievergoeding, recht op verzoek om voorspelbaarder arbeidsvoorwaarden na zes maanden, plaats van werkzaamheden inclusief mogelijkheid thuiswerken. Niet-naleving leidt tot omkering bewijslast bij geschil en mogelijke schadevergoeding.
Loondoorbetaling bij ziekte (BW art. 7:629). De werkgever moet bij ziekte van de werknemer minimaal 70% van het loon doorbetalen gedurende maximaal twee jaar (104 weken); in het eerste ziektejaar minimaal het wettelijk minimumloon. CAO kan tot 100% verhogen in eerste ziektejaar. Na twee jaar ziekte beoordeelt het UWV recht op WIA-uitkering. De werkgever heeft re-integratieverplichtingen op grond van de Wet verbetering poortwachter en het Plan van Aanpak na zes weken ziekte.
Loonheffing en premies werknemersverzekeringen. Werkgever houdt loonbelasting en premie volksverzekeringen in (loonheffing) onder Wet op de loonbelasting 1964. Premies werknemersverzekeringen (WW, WIA, ZW, ZVW) gaan ten laste van werkgever onder Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv). Lage WW-premie 2,74% (2026) voor schriftelijke onbepaalde-tijd-contracten; hoge WW-premie 7,74% voor flex- en uitzendcontracten. Uniforme aangifte loonheffing via Mijn Belastingdienst-Zakelijk maandelijks of vierwekelijks.
Pensioenregeling (Wet Bpf 2000 / Wet toekomst pensioenen WTP 2023). Bij verplichte deelneming aan bedrijfstakpensioenfonds (Bpf) moet werkgever de werknemer onmiddellijk aanmelden bij het Bpf en pensioenpremie afdragen. Sectoren met verplichte aansluiting: bouw (BpfBouw), metaal (PME, PMT), zorg (PFZW), detailhandel, transport, etc. De WTP 2023 transitie loopt tot 2028 met verschuiving van defined benefit naar defined contribution.
CAO en algemeen verbindend verklaring. Wanneer de werkgever onder een CAO valt of de CAO algemeen verbindend is verklaard (AVV) door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), zijn de CAO-bepalingen rechtstreeks van toepassing en kunnen werknemers daarop een beroep doen. Arbeidsvoorwaarden in strijd met CAO zijn nietig op grond van art. 12 Wet CAO. De werkgever moet de van toepassing zijnde CAO ter inzage hebben en in de overeenkomst vermelden.
Arbeidsomstandigheden (Arbeidsomstandighedenwet). De werkgever moet een Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) opstellen, een arbodienst contracteren of basiscontract afsluiten met arbodeskundige, en preventiemaatregelen treffen. Bedrijfsongevallen meldingsplichtig bij de Nederlandse Arbeidsinspectie. Verzuim van arbo-verplichtingen leidt tot bestuurlijke boete tot 13.500 EUR per overtreding.
Wet op de Ondernemingsraden (WOR). Werkgevers met ten minste 50 werknemers moeten een ondernemingsraad (OR) instellen (WOR art. 2). De OR heeft adviesrecht over belangrijke besluiten (WOR art. 25) zoals reorganisatie, fusie, sluiting; instemmingsrecht over personeelsbeleid (WOR art. 27) zoals beloningssysteem, werktijdregeling, ziekteverzuimbeleid.
Privacy en gegevensbescherming (AVG / GDPR). Werkgever is verwerkingsverantwoordelijke voor personeelsdossier; verwerkingsgrondslagen voor sollicitatie en dienstverband: uitvoering arbeidsovereenkomst (AVG art. 6 lid 1 sub b) en wettelijke verplichting (sub c). Bewaartermijnen: loongegevens en identiteitsbewijs vijf jaar na uitdiensttreding (Wet LB 1964 art. 28); personeelsdossier doorgaans twee jaar na uitdiensttreding tenzij ander wettelijk belang. Autoriteit Persoonsgegevens (AP) handhaaft AVG; boete tot 20 miljoen EUR of 4% wereldwijde jaaromzet.
Anti-discriminatie en gelijke behandeling. Werkgever moet zich houden aan Algemene wet gelijke behandeling (AWGB), Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid, Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, en Wet gelijke behandeling mannen en vrouwen. College voor de Rechten van de Mens (CRM) te Utrecht doet uitspraken over discriminatie in arbeidsrelaties.
Ontslagrecht (BW art. 7:669 e.v.). Werkgever-initiatief beeindiging vereist redelijke grond (limitatieve opsomming a t/m i grond), herplaatsingsplicht binnen redelijke termijn, en (afhankelijk van grond) UWV-vergunning of kantonrechter-beschikking. Bij ontslag op staande voet (BW art. 7:677): dringende reden, onverwijlde mededeling, eventuele schorsing inroepen door werknemer binnen twee maanden op grond van BW art. 7:677 jo 7:681.
Veelgemaakte fouten bij uw Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland
De volgende fouten worden bij het opstellen van een Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland regelmatig gemaakt en leiden tot juridische geschillen voor de kantonrechter, het UWV of de Rechtbank.
Fout 1 - Mondelinge afspraken of ontbrekende schriftelijkheid. Hoewel een arbeidsovereenkomst rechtsgeldig mondeling tot stand kan komen (BW art. 7:610), is schriftelijkheid wettelijk vereist voor essentiele arbeidsvoorwaarden (BW art. 7:655). Zonder schriftelijke vastlegging is de werkgever bewijslast verschuldigd over alle wezenlijke voorwaarden. Daarnaast zijn proeftijd (BW art. 7:652), non-concurrentiebeding (BW art. 7:653) en boetebeding (BW art. 7:650) zonder schriftelijke vastlegging nietig. Een correct contract voorkomt langdurige procedures bij de Rechtbank kantonsector.
Fout 2 - Te lange proeftijd opnemen. De proeftijd van twee maanden bij onbepaalde tijd (BW art. 7:652) is een wettelijk maximum. Een proeftijd van drie maanden, zes maanden of zonder duidelijke einddatum is nietig en heeft tot gevolg dat de werknemer onmiddellijk volledige ontslagbescherming geniet. Beeindiging tijdens nietige proeftijd geldt als onregelmatige opzegging met schadevergoeding (BW art. 7:677) of vernietiging beeindiging (BW art. 7:681). De Hoge Raad oordeelde meermaals dat herstel of conversie van nietige proeftijd niet mogelijk is.
Fout 3 - Non-concurrentiebeding zonder zwaarwegend bedrijfsbelang. Sinds de wijziging WWZ van 1 januari 2025 is een non-concurrentiebeding bij arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd alleen geldig wanneer schriftelijk is gemotiveerd welk zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang het noodzakelijk maakt. Een standaard-non-concurrentiebeding zonder motivering kan door de kantonrechter geheel of gedeeltelijk vernietigd worden conform BW art. 7:653 lid 3 sub b. Beperk omvang in duur (max 12 maanden), geografisch gebied (Nederland of regio) en activiteiten (concrete bedrijfstak).
Fout 4 - Onjuiste opzegtermijn vermelden. De wettelijke opzegtermijnen (BW art. 7:672) zijn dwingendrechtelijk: een maand bij dienstverband korter dan 5 jaar, twee maanden bij 5-10 jaar, drie maanden bij 10-15 jaar, vier maanden bij 15+ jaar. Een kortere opzegtermijn dan wettelijk in nadeel werknemer is nietig (BW art. 7:672 lid 6). Bij CAO mag de opzegtermijn werkgever maximaal worden verkort tot drie maanden. Onjuist vermelden van opzegtermijn leidt tot onregelmatige opzegging met schadevergoeding.
Fout 5 - Geen verwijzing naar CAO of pensioenregeling. Wanneer de werkgever onder een algemeen verbindend verklaarde CAO valt, gelden de CAO-bepalingen rechtstreeks ook zonder vermelding in de individuele arbeidsovereenkomst. Het verzwijgen van de CAO benadeelt echter de transparantie en kan leiden tot loonvorderingen bij CAO-controle door FNV/CNV-vakbonden of de Stichting Naleving CAO. Verifieer cao.minszw.nl en de KvK-sectorindeling. Voor pensioen: controleer verplichte aansluiting bij bedrijfstakpensioenfonds onder Wet Bpf 2000.
Fout 6 - Schijnzelfstandigheid voor zzp'ers. Werkgevers die structurele werkzaamheden door zzp'ers laten verrichten zonder genuine zelfstandigheid lopen risico op herkwalificatie als loondienst op grond van Wet DBA (handhaving vanaf 1 januari 2025). De Belastingdienst toetst aan gezag, persoonlijke arbeid en loonbetaling (drie criteria BW art. 7:610). Bij herkwalificatie volgt naheffing loonheffing en premies werknemersverzekeringen tot vijf jaar terug, plus boete tot 100% en eventueel strafrechtelijke vervolging onder AWR art. 69.
Fout 7 - Wijziging arbeidsvoorwaarden zonder instemming. Werkgever mag arbeidsvoorwaarden niet eenzijdig wijzigen zonder uitdrukkelijke instemming werknemer of beroep op eenzijdig wijzigingsbeding (BW art. 7:613). Zelfs met een wijzigingsbeding moet de werkgever een zwaarwegend belang aantonen en redelijkheidstoets doorstaan (Stoof/Mammoet-criteria HR 11 juli 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD1847). Bij ingrijpende wijzigingen moet ook de ondernemingsraad worden gehoord op grond van WOR art. 27.
Fout 8 - Onvoldoende personeelsdossier en bewijsvoering bij ontslag. Bij ontslag op grond van disfunctioneren (d-grond) of verstoorde arbeidsrelatie (g-grond) verlangt de kantonrechter een grondig personeelsdossier met meerdere functioneringsgesprekken, verbeterplan, schriftelijke waarschuwingen, mediation-pogingen. Zonder gedocumenteerd dossier wijst de kantonrechter het ontbindingsverzoek af of kent een verhoogde billijke vergoeding toe (BW art. 7:671b lid 9). Documenteer altijd schriftelijk en in chronologische volgorde.
Bronnen en Citaten
Wettelijke citaten linken naar officiële overheidsbronnen.
- eIDASEU official
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/arbeidsovereenkomst-onbepaalde-tijd
"Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/arbeidsovereenkomst-onbepaalde-tijd.
@misc{formslegal-arbeidsovereenkomst-onbepaalde-tijd,
author = {{Forms Legal}},
title = {Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/arbeidsovereenkomst-onbepaalde-tijd}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (BW art. 7:610) heeft geen vooraf bepaalde einddatum en biedt maximale ontslagbescherming. Beeindiging vereist een geldige opzegging conform BW art. 7:671, ontbinding door de kantonrechter of een UWV-ontslagvergunning. Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (BW art. 7:667) eindigt van rechtswege op een vooraf afgesproken datum of bij voltooiing van een project. Voor een bepaalde-tijd-contract geldt de ketenregeling van BW art. 7:668a: maximaal drie opeenvolgende contracten binnen drie jaar, anders ontstaat automatisch een vast contract. Sinds 1 juli 2025 is de tussenpoos verlengd naar vijf jaar voor reguliere werknemers. Bij vaste contracten geldt lage WW-premie van 2,74% in 2026 (versus 7,74% hoge WW-premie voor flex), pensioenaansluiting bij bedrijfstakpensioenfonds (Bpf) is verplicht in vele sectoren, en de werknemer geniet ontslagbescherming met transitievergoeding bij werkgevers-initiatief beeindiging van een derde maandsalaris per dienstjaar (BW art. 7:673).
Bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd mag maximaal twee maanden proeftijd worden overeengekomen conform BW art. 7:652. De proeftijd moet schriftelijk worden vastgelegd, op straffe van nietigheid. Een mondelinge afspraak, een proeftijd van drie of zes maanden, of een proeftijd vermeld in een personeelshandboek zonder ondertekening door werknemer, is geheel nietig. Bij nietige proeftijd geldt vanaf de eerste werkdag volledige ontslagbescherming. Gedurende een geldige proeftijd kan zowel werkgever als werknemer het dienstverband zonder opzegtermijn en zonder opgave van reden beeindigen; wel gelden discriminatieverboden en het beginsel van goed werkgeverschap (BW art. 7:611). Bij arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd korter dan zes maanden mag onder de WAB 2020 geen proeftijd worden afgesproken; bij contracten tussen zes maanden en twee jaar maximaal een maand. De Hoge Raad heeft meermaals geoordeeld dat herstel of conversie van een nietige proeftijd niet mogelijk is.
De transitievergoeding is een wettelijke vergoeding die de werkgever bij beeindiging op zijn initiatief moet betalen aan de werknemer conform BW art. 7:673. De vergoeding bedraagt een derde van het maandsalaris per dienstjaar, vanaf de eerste werkdag en zonder maximum aantal jaren. De vergoeding is gemaximeerd op 98.000 EUR (2026) of het jaarsalaris als dat hoger is. De transitievergoeding is verschuldigd bij: ontslag via UWV (a-grond bedrijfseconomisch of b-grond langdurige arbeidsongeschiktheid), ontbinding door de kantonrechter (d/e/g/h/i-grond), niet-verlenging arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd op initiatief werkgever, en ontslag op staande voet als achteraf onvoldoende dringende reden bestaat. Geen transitievergoeding bij: ontslag op initiatief werknemer (vrijwillige opzegging), beeindiging tijdens proeftijd, ontslag op staande voet wegens verwijtbaar handelen werknemer, beeindiging met wederzijds goedvinden (in vaststellingsovereenkomst doorgaans wel hogere ontslagvergoeding overeengekomen). De werkgever moet de transitievergoeding binnen een maand na einde dienstverband uitbetalen.
De ketenregeling van BW art. 7:668a bepaalt wanneer een reeks contracten voor bepaalde tijd automatisch overgaat in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Hoofdregel: na drie opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd of na een totale duur van drie jaar (inclusief tussenpozen korter dan zes maanden) ontstaat van rechtswege een vast contract. Sinds 1 juli 2025 is de tussenpoos verlengd naar vijf jaar voor reguliere werknemers onder de wijziging WWZ. Uitzonderingen: voor seizoensarbeid mag CAO een kortere tussenpoos van drie maanden vastleggen; voor uitzendwerk gelden afwijkende regels onder fase A/B/C van de Cao voor Uitzendkrachten. Bij overgang van werkgever (overgang van onderneming BW art. 7:662) telt het arbeidsverleden bij de vervreemder mee. Bij overschrijding van de keten ontstaat automatisch onbepaalde tijd onder dezelfde arbeidsvoorwaarden; de werkgever kan zich niet beroepen op het ontbreken van schriftelijke vastlegging. Bij betwisting kan de werknemer een verklaring voor recht vorderen bij de kantonrechter dat sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
De wettelijke opzegtermijnen zijn vastgelegd in BW art. 7:672. Voor de werkgever: een maand bij dienstverband korter dan 5 jaar, twee maanden bij 5-10 jaar, drie maanden bij 10-15 jaar, vier maanden bij 15 jaar of langer. Voor de werknemer geldt standaard een opzegtermijn van een maand, ongeacht de duur van het dienstverband. CAO of arbeidsovereenkomst kan de opzegtermijn werknemer verlengen tot maximaal zes maanden, mits de opzegtermijn werkgever dan twee keer zo lang is. Opzegging moet schriftelijk geschieden, aangetekend of met ontvangstbevestiging, en tegen het einde van de kalendermaand (tenzij CAO anders bepaalt). Bij UWV-ontslagvergunning wordt de duur van de UWV-procedure (maximaal een maand) op de opzegtermijn in mindering gebracht (BW art. 7:672 lid 4). Onregelmatige opzegging (te korte opzegtermijn) leidt tot gefixeerde schadevergoeding gelijk aan het loon over de niet-genomen opzegtermijn (BW art. 7:672 lid 11). Tijdens ziekte geldt een opzegverbod (BW art. 7:670 lid 1) gedurende de eerste twee jaar, behoudens uitzonderingen.
Een werkgever mag arbeidsvoorwaarden in beginsel niet eenzijdig wijzigen zonder uitdrukkelijke instemming van de werknemer. Drie wegen tot wijziging staan open: ten eerste een onderhandeld akkoord met de werknemer, vastgelegd in een addendum bij de arbeidsovereenkomst. Ten tweede een beroep op een eenzijdig wijzigingsbeding (BW art. 7:613) dat schriftelijk in de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst moet zijn opgenomen; de werkgever moet daarbij een zwaarwegend belang aantonen dat het wijzigingsbelang van de werknemer overtreft. Ten derde een beroep op de redelijkheid en billijkheid uit het Stoof/Mammoet-arrest van de Hoge Raad (HR 11 juli 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD1847): de werkgever moet een redelijk voorstel doen op grond van gewijzigde omstandigheden, en de werknemer moet dit voorstel aanvaarden als een goed werknemer (BW art. 7:611). Bij collectieve wijziging van arbeidsvoorwaarden voor groepen werknemers moet de ondernemingsraad worden gehoord op grond van WOR art. 27. Strijdig met dwingend recht of CAO-bepalingen is een wijziging in elk geval nietig.
Bij ziekte van een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd gelden uitgebreide loondoorbetaling- en re-integratieverplichtingen op grond van BW art. 7:629 en de Wet verbetering poortwachter. De werkgever moet minimaal 70% van het loon doorbetalen gedurende maximaal twee jaar (104 weken); in het eerste ziektejaar geldt minimaal het wettelijk minimumloon. CAO of arbeidsovereenkomst kan het percentage verhogen tot 100% in het eerste ziektejaar en 70% in het tweede ziektejaar (gebruikelijk in vele sectoren). De werkgever moet binnen een week de ziekmelding registreren, binnen zes weken een Plan van Aanpak (re-integratie) opstellen samen met de werknemer en de bedrijfsarts, en jaarlijks evalueren. Na 42 weken doet de werkgever ziekteaangifte bij het UWV. Tijdens de eerste twee jaar ziekte geldt een opzegverbod (BW art. 7:670 lid 1). Na 104 weken beoordeelt het UWV recht op WIA-uitkering (IVA of WGA). Bij onvoldoende re-integratie-inspanning kan het UWV een loonsanctie opleggen waardoor de loondoorbetalingsplicht met maximaal een jaar wordt verlengd.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
UWV Werkloosheidsuitkering (WW) Aanvraag Nederland
Aanvraag voor een WW-uitkering bij het UWV conform WW art. 20-35. Voor werknemers met arbeidsverleden die werkloos worden, met sollicitatieplicht en wekelijkse rapportage.
Aangifte Inkomstenbelasting (IB-aangifte) Nederland
Werkblad voor de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting bij de Belastingdienst conform Wet IB 2001 art. 2.3. Boxenstelsel 1 (werk en woning), 2 (aanmerkelijk belang) en 3 (sparen en beleggen).