Beëindigingsovereenkomst CAO
BEËINDIGINGSOVEREENKOMST CAO
Conform BW 7:670b, BW 7:673, Wet op de CAO 1927 en [Cao Naam]
DE ONDERGETEKENDEN
1. WERKGEVER
[Werkgever Naam], KVK [Werkgever K V K], gevestigd te [Werkgever Adres], vertegenwoordigd door [Werkgever Vertegenwoordiger], hierna te noemen: 'Werkgever'.
2. WERKNEMER
[Werknemer Naam], BSN [Werknemer B S N], functie [Functietitel], in dienst sinds [Indiensttreding Datum], bruto maandsalaris EUR [Brut Maandsalaris], hierna te noemen: 'Werknemer'.
ARTIKEL 1 - BEËINDIGING EN CAO
1.1 De arbeidsovereenkomst eindigt met wederzijds goedvinden per [Einddatum] wegens [Neutrale Grond], conform BW 7:900 en BW 7:670b.
1.2 Op de beëindiging is toepasselijk: [Cao Naam]. Sociaal Plan van toepassing: [Sociaal Plan Van Toepassing].
1.3 Vrijstelling van werkverplichtingen tot einddatum: [Vrijstelling Werk], met behoud van loon, vakantiedagen en pensioenopbouw.
ARTIKEL 2 - CAO-BEËINDIGINGSVERGOEDING
2.1 Werkgever betaalt aan Werknemer een beëindigingsvergoeding conform [Cao Naam] en/of BW 7:673 ter hoogte van EUR [Cao Vergoeding] bruto.
2.2 De vergoeding is berekend conform het CAO-loonbegrip op basis van de dienstjaren en het bruto maandsalaris van EUR [Brut Maandsalaris].
2.3 Betaling vindt plaats binnen een maand na einddatum, onder inhouding van loonheffing conform Wet op de loonbelasting 1964 art. 10.
ARTIKEL 3 - BEDENKTERMIJN (BW 7:670b LID 2)
3.1 Werkgever wijst Werknemer uitdrukkelijk op het wettelijk recht conform BW 7:670b lid 2 om deze overeenkomst binnen veertien (14) dagen na ondertekening zonder opgave van reden schriftelijk te ontbinden, per aangetekende post of e-mail met leesbevestiging.
ARTIKEL 4 - FINALE KWIJTING
4.1 Partijen verklaren dat zij na uitvoering van deze overeenkomst over en weer niets meer te vorderen hebben uit hoofde van de arbeidsovereenkomst of het einde daarvan, behoudens de rechten die uit deze overeenkomst voortvloeien.
ALDUS OVEREENGEKOMEN
Te [Onderteken Plaats] op [Onderteken Datum], in tweevoud opgemaakt.
Werkgever: [Werkgever Naam]
[Werkgever Vertegenwoordiger]
Handtekening: ________________________
Werknemer: [Werknemer Naam]
Handtekening: ________________________
Werkgever
________________
Signature
Werknemer
________________
Signature
Wat is Beëindigingsovereenkomst CAO?
De Beëindigingsovereenkomst CAO in Nederland is de vaststellingsovereenkomst waarmee werkgever en werknemer een dienstverband met wederzijds goedvinden beëindigen wanneer op de arbeidsverhouding een collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is, geregeld door Burgerlijk Wetboek art. 7:670b en de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst 1927. De overeenkomst moet de dwingende CAO-bepalingen respecteren, het recht op een WW-uitkering veiligstellen en de werknemer wijzen op de wettelijke bedenktermijn van twee weken.
De wettelijke grondslag voor de beëindigingsovereenkomst ligt in BW 7:670b (specifieke regeling voor beëindiging met wederzijds goedvinden in het arbeidsrecht), BW 7:900 (algemene vaststellingsovereenkomst) en de Wet op de CAO 1927. Een CAO bindt de betrokken werkgever en de bij de betrokken vakbonden (FNV, CNV, VCP) aangesloten werknemers direct. CAO-bepalingen mogen niet in het nadeel van de werknemer worden afgeweken door een individuele arbeidsovereenkomst of vaststellingsovereenkomst, tenzij de CAO dit uitdrukkelijk toestaat (minimum CAO). De beëindigingsovereenkomst moet dus controleren welke CAO-bepalingen dwingend zijn en of de overeenkomst hiervan afwijkt.
Veel CAO's bevatten afwijkingen van de wettelijke transitievergoedingsformule conform BW 7:673: hogere opbouw per dienstjaar, hogere maximum-vergoeding, aanvullende ouderenregeling (extra vergoeding bij ontslag boven 50 jaar), of een sectorspecifiek sociaal plan voor collectieve reorganisaties. De beëindigingsovereenkomst CAO vermeldt uitdrukkelijk welke vergoedingsregeling van toepassing is: de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673, de CAO-regeling, of een combinatie. Afwijking in het nadeel van de werknemer ten opzichte van de CAO is niet rechtsgeldig conform de Wet op de CAO 1927 art. 12.
Bij CAO-gebonden werkgevers geldt doorgaans ook een langere opzegtermijn dan de wettelijke termijn van BW 7:672 lid 2, of een bijzondere procedure voor ontslag (raadpleging vakbond, OR-advies conform WOR art. 25). De beëindigingsovereenkomst CAO vermeldt de toegepaste opzegtermijn en documenteert dat deze conform CAO en BW 7:672 in acht is genomen voor behoud van de WW-aanspraak bij UWV conform Werkloosheidswet art. 24.
Een sociaal plan, indien aanwezig, vormt een bijlage bij of een integraal onderdeel van de beëindigingsovereenkomst. Het sociaal plan regelt aanvullende voorzieningen bij collectief ontslag: outplacementbudget, scholingsvergoeding, interne herplaatsingsprocedure en aanvullende afvloeiingspremies. De beëindigingsovereenkomst verwijst naar het toepasselijke sociaal plan en bevestigt of de werknemer ervoor heeft gekozen gebruik te maken van de sociaal-planbepalingen.
De Hoge Raad der Nederlanden heeft bevestigd dat CAO-partijen (werkgeversorganisaties en vakbonden FNV en CNV) kunnen overeenkomen dat een alternatieve ontslagregeling de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673 vervangt als de CAO-regeling gelijkwaardig of gunstiger is (HR 14 november 2014, JAR 2014/299). Een dergelijke gelijkwaardig-oordeel dient te worden verkregen via de Stichting van de Arbeid conform BW 7:673b voor afwijking van de transitievergoeding.
Wanneer heeft u Beëindigingsovereenkomst CAO nodig?
De Beëindigingsovereenkomst CAO Nederland is nodig in alle situaties waarbij de werknemer valt onder een CAO en de beëindiging van de arbeidsovereenkomst rekening dient te houden met CAO-specifieke bepalingen.
Reorganisatie met sociaal plan. Bij een collectieve reorganisatie waarbij de werkgever een sociaal plan heeft afgesloten met FNV, CNV of VCP, regelt de beëindigingsovereenkomst de individuele uitvoering van het sociaal plan voor de desbetreffende werknemer: de hoogte van de ontslagvergoeding conform sociaal plan, de outplacementfaciliteiten, de scholingsbudget en de vrijstelling van werk met doorbetaling van loon conform het sociaal plan.
CAO-aanvulling op wettelijke transitievergoeding. Wanneer de CAO een hogere transitievergoeding kent dan de wettelijke regeling van BW 7:673, legt de beëindigingsovereenkomst de CAO-vergoeding vast inclusief de berekening op basis van het CAO-loonbegrip (inclusief eventueel ploegentoeslag, persoonlijke toeslag, structurele bonus), de CAO-opbouw per dienstjaar en het CAO-maximum.
Ouderenregeling CAO. Veel CAO's (bijv. Metalektro-CAO, Bouw-CAO, Horeca-CAO) kennen een speciale ouderenregeling: hogere afvloeiingsvergoeding bij ontslag boven een bepaalde leeftijd (bijv. boven 50 of 55 jaar), verlengde opzegtermijn, of een overbruggingsuitkering tot de WIA- of AOW-aanvang. De beëindigingsovereenkomst vermeldt of de ouderenregeling van toepassing is.
Gelijkwaardige CAO-regeling ter vervanging van transitievergoeding. Als de CAO een gelijkwaardige vervanging voor de wettelijke transitievergoeding biedt conform BW 7:673b, vermeldt de beëindigingsovereenkomst de CAO-regeling en het gelijkwaardig-oordeel van de Stichting van de Arbeid of de bevestiging dat de vakbonden instemmen met de toepassing van de CAO-regeling.
OR-adviesplicht bij collectief ontslag. Bij collectief ontslag (meer dan twintig werknemers binnen drie maanden) conform de Wet melding collectief ontslag en WOR art. 25 (adviesrecht ondernemingsraad), vermeldt de beëindigingsovereenkomst dat de OR heeft geadviseerd over het reorganisatieplan en dat de vakbonden zijn geraadpleegd conform Wet melding collectief ontslag art. 2.
CAO-sectoren met bijzondere procedures. In sectoren met bijzondere CAO-procedurele vereisten (bijv. onderwijs conform CAO-PO 2022, zorg conform CAO-VVT, overheid conform Ambtenarenwet) bevat de beëindigingsovereenkomst verwijzingen naar de sectorspecifieke ontslagprocedure en de bevoegde autoriteit (bijv. CAOP voor overheidspersoneel).
Wat moet er in uw Beëindigingsovereenkomst CAO staan?
Een rechtsgeldige Beëindigingsovereenkomst CAO Nederland bevat de volgende onderdelen die CAO-compliance waarborgen en de WW-aanspraak bij UWV veiligstellen.
Vermelding toepasselijke CAO. De overeenkomst vermeldt de naam en het toepassingstijdvak van de geldende CAO (bijv. CAO Metalektro 2024-2025, CAO Bouw & Infra 2025), de bedrijfstak, en of de CAO via avv-verklaring (Wet op het algemeenbindend en onverbindend verklaren, WaaO) voor de werkgever bindend is. Foutieve of verouderde CAO-verwijzingen kunnen leiden tot latere vorderingen bij de kantonrechter van Rechtbank sector Kanton.
CAO-loonbegrip voor transitievergoeding. De overeenkomst specificeert het CAO-loonbegrip dat wordt gebruikt voor de berekening van de transitievergoeding: CAO's wijken soms af van BW 7:673 door vaste toeslagen op te nemen die de wet niet verplicht (ploegentoeslag, onregelmatigheidstoeslag, persoonlijke toeslag, structurele bonus over de laatste drie jaar). Vermeld het exacte bedrag dat als grondslag wordt gebruikt.
Beëindigingsvergoeding conform CAO en BW 7:673. De overeenkomst vermeldt de exacte hoogte van de beëindigingsvergoeding, opgebouwd uit: de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673 of de CAO-vergoeding conform sociaal plan, en eventueel een aanvullende billijke vergoeding conform BW 7:673 lid 9 bij ernstig verwijtbaar handelen werkgever. Bij een sociaal plan verwijst de overeenkomst naar het sociaal plan als bijlage en bevestigt dat de vergoeding conform het plan is berekend. Sjablonen op forms-legal.com bevatten een rekenmodule voor CAO-transitievergoeding.
CAO-opzegtermijn en fictieve opzegtermijn. De overeenkomst vermeldt de gehanteerde opzegtermijn: de wettelijke termijn conform BW 7:672 lid 2, of de langere CAO-opzegtermijn. Bij een langere CAO-opzegtermijn dient de fictieve opzegtermijn voor UWV op basis van de CAO-termijn te worden berekend. Een te korte opzegtermijn leidt tot uitstel van de WW-uitkering door UWV.
OR- en vakbondsraadpleging (WOR art. 25 en Wet melding collectief ontslag). Bij collectief ontslag vermeldt de overeenkomst dat de ondernemingsraad heeft geadviseerd conform WOR art. 25 en dat de vakbonden FNV en CNV zijn geraadpleegd conform de Wet melding collectief ontslag. Bij individuele beëindiging: geen OR-adviesplicht, maar vermelding van de CAO-vakbondsafspraken die wel van toepassing zijn.
Bedenktermijn 14 dagen (BW 7:670b lid 2). De overeenkomst vermeldt de wettelijk verplichte bedenktermijn van veertien dagen. CAO's mogen de bedenktermijn niet verkorten; zij is van dwingend recht conform BW 7:670b. Verwante documenten: de vaststellingsovereenkomst ontslag, de UWV-WW-aanvraag en de transitievergoeding-berekening voor een correcte CAO-berekening.
Sociaal plan als bijlage. Als een sociaal plan van toepassing is, wordt dit als bijlage bij de beëindigingsovereenkomst gevoegd. De overeenkomst vermeldt de datum van het sociaal plan en de relevante artikelen die op de werknemer van toepassing zijn (outplacement, scholingsbudget, anciënniteitstoeslag, overbruggingsuitkering). Verwante documenten: de ontslagbrief werkgever en de UWV-WW-aanvraag voor de vervolgprocedure.
Hoe vult u uw Beëindigingsovereenkomst CAO in?
De Beëindigingsovereenkomst CAO Nederland wordt als volgt ingevuld. Volg de stappen voor CAO-compliance en WW-behoud bij UWV.
Stap 1 - Controleer de toepasselijke CAO. Ga naar cao.szw.nl en zoek de toepasselijke CAO op basis van de sector en het KVK-nummer van de werkgever. Controleer of de CAO een avv-verklaring (algemeenverbindendverklaring, Wet op het algemeenbindend en onverbindend verklaren) heeft. Noteer de naam, het looptijdvak en de relevante artikelen voor: opzegtermijn, transitievergoeding-grondslag, ouderenontslagregeling, sociaal-plan-bepalingen.
Stap 2 - Bereken de CAO-vergoeding. Bereken de vergoeding op basis van het CAO-loonbegrip: controleer welke loonbestanddelen de CAO meeneemt (ploegentoeslag, bonus, persoonlijke toeslag). Vergelijk met de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673. Kies de voor de werknemer meest gunstige berekening of de CAO-regeling als die gelijkwaardig is en een gelijkwaardig-oordeel van de Stichting van de Arbeid heeft conform BW 7:673b.
Stap 3 - Controleer de CAO-opzegtermijn. Zoek de opzegtermijn op in de CAO. Controleer of deze langer is dan de wettelijke termijn van BW 7:672 lid 2. Bereken de einddatum op basis van de CAO-opzegtermijn voor behoud van de volledige WW-aanspraak bij UWV. Vermeld de gehanteerde opzegtermijn in de overeenkomst.
Stap 4 - Controleer OR- en vakbondsvereisten. Controleer of bij het collectief ontslag (meer dan twintig personen binnen drie maanden) OR-advies (WOR art. 25) en raadpleging van vakbonden (FNV, CNV conform Wet melding collectief ontslag) vereist is. Voeg de OR-adviesaanvraag en het OR-advies als bijlage bij indien van toepassing.
Stap 5 - Voeg sociaal plan als bijlage toe (indien van toepassing). Als het ontslag plaatsvindt in het kader van een sociaal plan, voeg dan het sociaal plan of de relevante artikelen ervan als bijlage bij de overeenkomst. Vermeld in de overeenkomst welke artikelen van het sociaal plan van toepassing zijn op de werknemer en verklaar dat de vergoeding conform het sociaal plan is berekend.
Stap 6 - Controleer de wettelijke bedenktermijn. Vermeld de wettelijke bedenktermijn van veertien dagen conform BW 7:670b lid 2. Controleer dat de CAO de bedenktermijn niet heeft verkort (dit mag niet; de termijn is dwingend recht). Vermeld de wijze van ontbinding: per aangetekende post of e-mail met leesbevestiging.
Stap 7 - Onderteken en sla op. Laat de overeenkomst ondertekenen door de bevoegde vertegenwoordiger van de werkgever (conform KVK) en de werknemer. Bewaar een exemplaar in het personeelsdossier en de loonadministratie. Informeer de loonadministrateur over de uitbetaling van de CAO-vergoeding en de fiscale verwerking.
Wettelijke vereisten voor Beëindigingsovereenkomst CAO
De Beëindigingsovereenkomst CAO Nederland dient te voldoen aan zowel de dwingende wetsbepalingen van BW 7:670b als de dwingendrechtelijke CAO-bepalingen conform de Wet op de CAO 1927.
Dwingende CAO-bepalingen (Wet op de CAO 1927 art. 12). CAO-bepalingen zijn dwingend voor de aangesloten werkgevers en werknemers: de individuele arbeidsovereenkomst of beëindigingsovereenkomst mag niet in het nadeel van de werknemer afwijken van de CAO. Afwijking ten voordele van de werknemer is toegestaan tenzij de CAO een 'gesloten systeem' heeft (standaard-CAO). Controleer bij elke CAO-bepaling of het een minimum- of standaard-CAO betreft conform Wet op de CAO 1927 art. 12 lid 2.
Gelijkwaardige CAO-ontslagregeling (BW 7:673b). Als de CAO een ontslagvergoedingsregeling bevat die gelijkwaardig is aan de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673 en de vakbonden FNV/CNV instemmen via een gelijkwaardig-oordeel van de Stichting van de Arbeid, kan de CAO-regeling de wettelijke transitievergoeding vervangen. De werkgever heeft dan geen dubbele vergoedingsplicht. Vermeld het gelijkwaardig-oordeel in de overeenkomst of de CAO-bepaling die BW 7:673b toepast.
OR-adviesrecht (WOR art. 25). Bij ingrijpende veranderingen in de organisatie, zoals een reorganisatie waarbij meer dan twintig werknemers hun baan verliezen, moet de ondernemingsraad conform WOR art. 25 een advies geven. Het ontbreken van een OR-advies maakt het besluit niet automatisch nietig, maar geeft de OR het recht een beroepsprocedure in te stellen bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam conform WOR art. 26.
Wet melding collectief ontslag. Bij ontslag van meer dan twintig werknemers binnen drie maanden moeten vakbonden FNV, CNV en VCP worden geraadpleegd en moet UWV schriftelijk worden geïnformeerd conform de Wet melding collectief ontslag art. 2. De beëindigingsovereenkomst mag pas worden getekend na afloop van de wettelijke raadplegingstermijn van één maand, tenzij de vakbonden eerder schriftelijk instemmen.
Bedenktermijn (BW 7:670b lid 2). De vermelding van de veertien-daagse bedenktermijn in de beëindigingsovereenkomst is verplicht conform BW 7:670b lid 2. CAO's mogen de bedenktermijn niet verkorten. Bij ontbreken van de bedenktermijn-vermelding verlengt de termijn automatisch naar drie weken conform BW 7:670b lid 4.
Fiscale verwerking CAO-vergoeding (Wet loonbelasting 1964). De CAO-vergoeding of het bedrag dat de wettelijke transitievergoeding vervangt, is loon uit dienstbetrekking conform Wet op de loonbelasting 1964 art. 10 en is onderworpen aan loonheffing. De werkgever draagt loonheffing af via de aangifte loonheffingen bij de Belastingdienst. Eventuele middeling conform Wet IB 2001 of stamrechtvrijstelling (alleen voor rechten verkregen voor 2014) kan de belastingdruk voor de werknemer verlichten.
Veelgemaakte fouten bij uw Beëindigingsovereenkomst CAO
Bij de beëindigingsovereenkomst voor CAO-werknemers worden onderstaande fouten regelmatig gemaakt. Vermijd deze voor CAO-compliance en WW-behoud.
Fout 1 - CAO-vergoeding lager dan wettelijke transitievergoeding zonder gelijkwaardig-oordeel. Werkgevers passen een CAO-ontslagregeling toe die lager uitvalt dan de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673, zonder dat de CAO een gelijkwaardig-oordeel van de Stichting van de Arbeid heeft conform BW 7:673b. De werknemer kan bij de kantonrechter het verschil vorderen. Controleer altijd of de CAO-regeling voldoet aan BW 7:673b.
Fout 2 - CAO-loonbegrip niet gehanteerd bij vergoedingsberekening. Werkgevers berekenen de vergoeding uitsluitend over het basis-bruto-loon, terwijl de CAO vaste toeslagen (ploegentoeslag, persoonlijke toeslag) als onderdeel van het CAO-loon aanmerkt. Dit leidt tot een te lage vergoeding die de werknemer via de kantonrechter kan corrigeren.
Fout 3 - OR-advies niet aangevraagd bij reorganisatie boven 20 werknemers. Bij reorganisaties waarbij meer dan twintig werknemers hun baan verliezen, is OR-advies conform WOR art. 25 verplicht. Het ontbreken hiervan geeft de OR het recht een beroepsprocedure in te stellen bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam.
Fout 4 - Bedenktermijn niet vermeld in de overeenkomst. De wettelijke bedenktermijn van veertien dagen conform BW 7:670b lid 2 wordt soms vergeten in CAO-beëindigingsovereenkomsten die sterk afwijken van het standaard VSO-model. Bij ontbreken verlengt de termijn automatisch naar drie weken.
Fout 5 - CAO-opzegtermijn niet aangehouden waardoor WW wordt uitgesteld. Werkgevers hanteren de kortere wettelijke opzegtermijn van BW 7:672 in plaats van de langere CAO-opzegtermijn. UWV berekent de fictieve opzegtermijn op basis van de CAO-termijn; bij gebruik van een kortere termijn wordt de WW-uitkering uitgesteld.
Fout 6 - Sociaal plan niet als bijlage gevoegd of niet correct toegepast. Bij organisaties met een sociaal plan wordt dit soms niet gevoegd bij de individuele beëindigingsovereenkomst, wat leidt tot onduidelijkheid over de vergoedingsgrondslag en het outplacementbudget. Voeg altijd de relevante sociaal-plan-artikelen als bijlage bij.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Beëindigingsovereenkomst CAO (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/beeindigingsovereenkomst-cao
"Beëindigingsovereenkomst CAO (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/beeindigingsovereenkomst-cao.
@misc{formslegal-beeindigingsovereenkomst-cao,
author = {{Forms Legal}},
title = {Beëindigingsovereenkomst CAO (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/contracts/beeindigingsovereenkomst-cao}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Een gewone vaststellingsovereenkomst (VSO) conform Burgerlijk Wetboek 7:670b legt alleen de wettelijke minimumbepalingen vast: de transitievergoeding conform BW 7:673, de wettelijke opzegtermijn conform BW 7:672 en de bedenktermijn van 14 dagen. Een CAO-beëindigingsovereenkomst gaat verder: de overeenkomst vermeldt ook de CAO-specifieke aanvullingen op de wettelijke regels, zoals een hogere transitievergoeding conform het CAO-loonbegrip, een ouderenontslagregeling, een sociaal plan bij collectief ontslag, de langere CAO-opzegtermijn, en eventuele outplacementbudgetten of scholingsvergoedingen die de CAO of het sociaal plan voorschrijft. Werknemers die onder een CAO vallen, hebben doorgaans recht op meer dan alleen de wettelijke minimumbepalingen. Aandachtspunt: de individuele VSO mag niet afwijken van dwingendrechtelijke CAO-bepalingen conform de Wet op de CAO 1927 art. 12 ten nadele van de werknemer. Raadpleeg altijd de toepasselijke CAO via cao.szw.nl en schakel een vakbondsadviseur van FNV, CNV of VCP in voor een correcte beoordeling.
Een CAO-ontslagregeling kan de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673 vervangen als de CAO een gelijkwaardige voorziening biedt conform BW 7:673b. De CAO-partijen (werkgeversorganisatie en vakbonden FNV, CNV) verkrijgen dan een gelijkwaardig-oordeel van de Stichting van de Arbeid. De individuele werknemer ontvangt dan de CAO-vergoeding in plaats van de wettelijke transitievergoeding; geen dubbele uitkering. Als de CAO-regeling lager uitvalt dan de wettelijke transitievergoeding en geen gelijkwaardig-oordeel heeft, behoudt de werknemer het recht op de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673. De werkgever kan dan niet volstaan met alleen de CAO-vergoeding. Veel CAO's zijn gunstiger dan de wettelijke regeling; controleer via de vakbond of de HR-juridische afdeling welke regeling van toepassing is en welke voor de werknemer het meest voordelig is.
De ondernemingsraad (OR) heeft conform de Wet op de ondernemingsraden (WOR) art. 25 adviesrecht bij ingrijpende organisatorische wijzigingen, waaronder reorganisaties waarbij meer dan twintig werknemers hun baan verliezen. De werkgever moet het reorganisatieplan tijdig aan de OR voorleggen en een gemotiveerd adviesverzoek indienen. De OR heeft een adviestermijn van minimaal zes weken conform WOR art. 25 lid 2. Het besluit van de werkgever mag pas worden uitgevoerd nadat het OR-advies is uitgebracht of de adviestermijn is verstreken. Bij een negatief OR-advies geldt een aanvullende opschortingstermijn van een maand. Als de OR meent dat de werkgever het advies ten onrechte heeft genegeerd, kan de OR beroep instellen bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam conform WOR art. 26. Bij een individuele ontslagsituatie (niet collectief) is geen OR-advies vereist, maar bij bijzondere functies (directeur, finance-directeur conform BW 2:9) kunnen bijzondere procedures gelden.
De berekening van de CAO-transitievergoeding verschilt per sector en CAO. In het algemeen hanteert de wet de formule van BW 7:673: een derde maandsalaris per dienstjaar over alle dienstjaren. CAO's kunnen afwijken door: een hogere opbouw per dienstjaar te hanteren (bijv. een half maandsalaris per dienstjaar boven tien jaar); een ander loonbegrip te hanteren dan alleen het basis-bruto-loon, door ook ploegentoeslag, onregelmatigheidstoeslag, persoonlijke toeslag en structurele bonus mee te tellen; een hogere maximumvergoeding te stellen dan het wettelijk maximum (94.000 euro in 2026 of een jaarsalaris); of een ouderenregeling bij ontslag boven een bepaalde leeftijd. Uw CAO kunt u vinden op cao.szw.nl; de specifieke ontslagvergoedings-artikelen staan doorgaans in het hoofdstuk 'einde arbeidsovereenkomst' of 'sociaal plan'. De vakbond (FNV, CNV) kan u helpen de correcte berekening te maken. Gebruik ook de UWV-rekenhulp transitievergoeding via uwv.nl als vergelijkingspunt.
Ja, mits de CAO-beëindigingsovereenkomst voldoet aan de UWV-criteria voor neutrale beëindiging conform Werkloosheidswet art. 24. De drie vereisten zijn dezelfde als bij een reguliere VSO: ten eerste moet het initiatief bij de werkgever liggen en mag de werknemer niet ernstig verwijtbaar hebben gehandeld; ten tweede moet de fictieve opzegtermijn van BW 7:672 lid 2 of de langere CAO-opzegtermijn in acht zijn genomen; ten derde moet de werknemer zich inschrijven als werkzoekende bij UWV uiterlijk op de eerste dag na de einddatum. Een aandachtspunt bij CAO-beëindiging: de fictieve opzegtermijn wordt door UWV berekend op basis van de CAO-opzegtermijn als die langer is dan de wettelijke termijn. Een werkgever die de kortere wettelijke termijn hanteert terwijl de CAO een langere termijn voorschrijft, veroorzaakt een uitstelling van de WW-uitkering voor de duur van het verschil. Raadpleeg een arbeidsrechtadvocaat of de vakbond FNV, CNV of VCP voor controle van de juiste CAO-opzegtermijn.
Ja, u heeft als werknemer het wettelijk recht de CAO-beëindigingsovereenkomst te ontbinden binnen veertien dagen na ondertekening, conform Burgerlijk Wetboek 7:670b lid 2. Dit recht geldt ongeacht welke CAO van toepassing is; de bedenktermijn is dwingend recht en kan niet worden uitgesloten of verkort door de CAO of de individuele overeenkomst. Ontbinding geschiedt schriftelijk: per aangetekende post via PostNL met handtekeningbewijs retour of per e-mail met leesbevestiging, gericht aan de bevoegde vertegenwoordiger van de werkgever. Na ontvangst van de ontbindingsverklaring herleeft de arbeidsovereenkomst alsof er geen beëindigingsovereenkomst was; de werknemer behoudt recht op loon, vakantiedagen en pensioenopbouw. Als de bedenktermijn niet in de CAO-beëindigingsovereenkomst is vermeld, verlengt de termijn automatisch naar drie weken conform BW 7:670b lid 4. Raadpleeg een vakbondsjurist van FNV of CNV vóór ondertekening als u twijfelt over de CAO-aanspraken of de hoogte van de vergoeding.
Een sociaal plan is een collectieve regeling die werkgever en vakbonden (FNV, CNV) overeenkomen bij een reorganisatie die meerdere of vele werknemers treft. Het sociaal plan legt de collectieve uitgangspunten vast: de vergoedingsformule (doorgaans hoger dan de wettelijke transitievergoeding conform BW 7:673), de herplaatsingsprocedure, het outplacementbudget per werknemer, de scholingsvergoeding en eventuele overbruggingsuitkeringen. Een sociaal plan heeft often de status van een CAO (conform Wet op de CAO 1927) of is een vrijwillige regeling die als bijlage bij de arbeidsovereenkomsten wordt gevoegd. De individuele CAO-beëindigingsovereenkomst is de persoonlijke overeenkomst tussen de werkgever en de individuele werknemer, die de collectieve sociaal-plan-bepalingen vertaalt naar de individuele situatie: de specifieke vergoeding voor deze werknemer op basis van zijn dienstjaren en CAO-loon, zijn vrijstelling van werk, zijn recht op outplacement en zijn einddatum. Het sociaal plan is een bijlage bij de individuele CAO-beëindigingsovereenkomst.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Vaststellingsovereenkomst Ontslag (VSO)
Vaststellingsovereenkomst (VSO) tussen werkgever en werknemer voor beeindiging arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden conform BW 7:900 en BW 7:670b, met neutrale grond, transitievergoeding, eindafrekening en finale kwijting. Behoudt WW-aanspraak bij UWV.
Ontslagbrief van de Werkgever Nederland
Formele brief van werkgever waarmee de arbeidsovereenkomst wordt opgezegd na UWV-vergunning of kantonrechter-beschikking. Bevat ontslaggrond conform BW art. 7:669, opzegtermijn, transitievergoeding en informatie over WW-aanvraag bij het UWV.
UWV Werkloosheidsuitkering (WW) Aanvraag Nederland
Aanvraag voor een WW-uitkering bij het UWV conform WW art. 20-35. Voor werknemers met arbeidsverleden die werkloos worden, met sollicitatieplicht en wekelijkse rapportage.
Berekening Transitievergoeding (BW 7:673)
Berekening transitievergoeding bij ontslag werkgever conform BW 7:673 (1/3 maandsalaris per dienstjaar, max EUR 94.000 in 2026 of jaarsalaris), met loongegevens, dienstjaren, en eventuele billijke vergoeding.