Skip to main content

Vrijwillige Schuldregeling Nederland

Vrijwillige Schuldregeling Nederland

VRIJWILLIGE SCHULDREGELING

Minnelijk akkoord conform Wgs 2012, BW 6:29 en BW 7:900 (vaststellingsovereenkomst)

Schuldenaar

SCHULDENAAR:

Naam: [Schuldenaar Naam]

BSN: [Schuldenaar Bsn]

Adres: [Schuldenaar Adres]

Schuldenpositie en aanbod

ARTIKEL 1 - SCHULDEN EN AANBOD

1.1 Totale schuldsom: EUR [Totale Schuldsom] bij [Aantal Schuldeisers] schuldeisers.

1.2 Schuldeisers: [Schuldeisers Lijst]

1.3 Maandelijks netto-inkomen: EUR [Maand Nettoloon].

1.4 Maandelijkse vrije ruimte (NIBUD-norm): EUR [Vrije Ruimte].

1.5 Totaal aanbod aan schuldeisers over [Looptijd Maanden] maanden: EUR [Aanbod Totaal].

ARTIKEL 2 - BETALINGSREGELING EN FINALE KWIJTING

2.1 Startdatum regeling: [Start Datum Regeling].

2.2 De schuldenaar draagt maandelijks EUR [Vrije Ruimte] over aan [Schuldhulpverlener Naam], die de verdeling pro-rata over de schuldeisers verzorgt.

2.3 Na [Looptijd Maanden] maanden betaling verlenen alle schuldeisers finale kwijting voor het resterende schuldssaldo (BW 6:160 kwijtschelding).

2.4 Bij niet-nakoming door schuldenaar herleven de oorspronkelijke vorderingen conform BW 7:900 lid 2.

ONDERTEKENING

Datum: [Datum Ondertekening]

Schuldenaar: __________________________ Schuldhulpverlener: __________________________

[Schuldenaar Naam] [Schuldhulpverlener Naam]

Schuldenaar

________________

Signature

Schuldhulpverlener

________________

Signature

Wat is Vrijwillige Schuldregeling Nederland?

De Vrijwillige Schuldregeling Nederland is een minnelijk akkoord tussen een schuldenaar en zijn of haar schuldeisers waarbij de schuldeisers vrijwillig instemmen met gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de schulden, in ruil voor een afgesproken betalingsregeling over een vaste periode, conform Burgerlijk Wetboek art. 6:29 (gedeeltelijke nakoming) en art. 6:160 (kwijtschelding). De vrijwillige schuldregeling is het eerste traject dat een schuldenaar in Nederland doorloopt voordat de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) in beeld komt.

De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) 2012 artikel 3 verplicht gemeenten om schuldhulpverlening aan te bieden aan inwoners met problematische schulden. Gemeenten hebben hiervoor schuldhulpverleners in dienst of contracteren dit uit aan gecertificeerde instellingen die lid zijn van de NVVK (Branchevereniging voor schuldhulpverlening en Sociaal Bankieren). De schuldhulpverlener begeleidt het minnelijke traject: het opstellen van een schuldenoverzicht, het berekenen van de vrije ruimte (NIBUD-norm), het doen van een aanbod aan alle schuldeisers en het onderhandelen tot een akkoord.

Een vrijwillige schuldregeling verschilt van een afbetalingsregeling (BW 6:44 jo. BW 6:82): bij een afbetalingsregeling betaalt de schuldenaar de volledige schuld plus rente in termijnen terug, terwijl bij een vrijwillige schuldregeling de schuldeisers akkoord gaan met een gedeeltelijke kwijtschelding van de schuld. Het resterende deel (doorgaans 3 jaar lang de volledige vrije ruimte, gelijk aan circa 8% tot 15% van de totale schuld afhankelijk van de schuldhoogte en het inkomen) wordt als volledige kwijting (finale kwijting) aangemerkt.

De vrijwillige schuldregeling geldt in Nederland als 'minnelijk traject': als alle schuldeisers instemmen, wordt het akkoord juridisch bindend via een vaststellingsovereenkomst (BW 7:900) tussen de schuldenaar, de schuldhulpverlener en de schuldeisers. Als een of meer schuldeisers weigeren, mislukt het minnelijk traject en kan de schuldenaar een verzoek indienen bij de Rechtbank voor WSNP-toelating (Faillissementswet art. 284) of een dwangakkoord (Fw art. 287a) eisen.

De vrijwillige schuldregeling biedt schuldeisers het voordeel van een bepaald percentage van hun vordering te ontvangen, terwijl bij de WSNP de uitkeringspercentage doorgaans lager is (boedelkosten bewindvoerder worden eerst in mindering gebracht). Voor schuldenaren biedt de vrijwillige schuldregeling snelheid (minnelijk traject duurt doorgaans 3-6 maanden) en vermijding van de formele WSNP-procedure met zijn verplichtingen en bewindvoerder.

De vrijwillige schuldregeling verschilt ook van het dwangakkoord buiten faillissement (WHOA, Fw art. 370): de WHOA is bedoeld voor grotere ondernemingen en kan met een meerderheid van schuldeisers worden overeengekomen; de vrijwillige schuldregeling voor particulieren vereist instemming van alle schuldeisers.

Wanneer heeft u Vrijwillige Schuldregeling Nederland nodig?

Een Vrijwillige Schuldregeling Nederland is wenselijk in de volgende situaties.

Bij problematische schulden van particulieren. Personen met meerdere schuldeisers, oplopende rente en incassokosten die niet meer in staat zijn alle schulden volledig te voldoen, maar nog wel inkomen hebben, zijn de primaire doelgroep. De schuldhulpverlener berekent de vrije ruimte (NIBUD-norm) en stelt op basis daarvan een aanbod samen. Het minnelijk traject is verplicht vóór een WSNP-aanvraag (Fw art. 284 lid 3).

Bij eenmalige schuldenpiek door ziekte of werkloosheid. Personen die door tijdelijke omstandigheden (ontslag, arbeidsongeschiktheid, echtscheiding) in financiële problemen zijn geraakt maar op termijn weer inkomen verwachten, kunnen via een vrijwillige schuldregeling de schulden saneren en een nieuwe financiële start maken zonder jarenlange juridische procedure.

Bij zakelijke schulden van voormalige eenmanszaken. Zzp-ers en eenmanszaak-ondernemers die hun onderneming hebben gestaakt en resterende zakelijke schulden hebben, kunnen via de gemeentelijke schuldhulpverlening een vrijwillige schuldregeling aanvragen die ook de zakelijke schulden omvat. De gemeente behandelt privé- en zakelijke schulden van de voormalige ondernemer gezamenlijk.

Bij weigering door enkele schuldeisers. Als de meeste schuldeisers instemmen maar één of twee schuldeisers weigeren, kan de schuldenaar via de Rechtbank een dwangakkoord (Fw art. 287a) eisen. Het vrijwillige schuldregelingdocument is de basis voor het verzoekschrift dwangakkoord.

Als alternatief voor de WSNP. Voor schuldenaren die de verplichtingen van de WSNP (sollicitatieplicht, informatieplicht, bewindvoerder) te belastend vinden, is een succesvolle vrijwillige schuldregeling de snellere en minder invasieve route: er is geen bewindvoerder, geen rechterlijke toetsing en geen Recofa-richtlijnen.

Bij schulden aan de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft beleid voor minnelijke akkoorden met schuldenaren: het zogenoemde Saneringsbeleid Belastingdienst (gepubliceerd in het Handboek Invordering). De Belastingdienst stemt doorgaans in als het aanbod redelijk is, de schuldenaar geen mogelijkheid tot verdere betaling heeft en er geen sprake is van opzettelijk niet betalen (AWR art. 67). Het vrijwillige akkoord met de Belastingdienst wordt schriftelijk bevestigd via een Akkoord op afbetaling.

Wat moet er in uw Vrijwillige Schuldregeling Nederland staan?

De Vrijwillige Schuldregeling Nederland bevat de volgende essentiële elementen.

Volledige schuldeiserlijst en schuldoverzicht. Namen en adressen van alle schuldeisers, hoogte van elke schuld (hoofdsom, rente, incassokosten), preferentie van de schuld (preferent zoals Belastingdienst en UWV gaan voor concurrente schuldeisers), en totaal schuldsom. Een BKR-overzicht (bkr.nl) is de standaardbasis; aangevuld met schulden bij Belastingdienst (Mijn Belastingdienst), UWV, SVB, gemeenten en informele schulden.

Inkomsten- en vermogensoverzicht. Netto maandinkomen, vaste lasten, vrije ruimte berekend via NIBUD-norm, en vermogenspositie (woning, voertuig, banktegoeden, pensioen). De vrije ruimte is het maximaal beschikbare bedrag voor schuldenafbetaling.

Aanbieding aan schuldeisers. Het concrete aanbod: een vast maandelijks bedrag gedurende 36 maanden (of minder), gelijkelijk verdeeld over alle schuldeisers naar rato van de schuldgrootte (pro-rata verdeling). Aanbieding bevat ook de finale kwijtingsverklaring: na de afgesproken betalingen worden alle resterende schulden kwijtgescholden.

Instemming alle schuldeisers. Alle schuldeisers moeten schriftelijk instemmen (BW 6:29 vereist akkoord van schuldeiser voor gedeeltelijke nakoming als finale kwijting). Één weigeraar is voldoende om het minnelijk traject te laten mislukken. Op forms-legal.com zijn aanvullende documenten beschikbaar zoals de Afbetalingsregeling en het Schuldsanering Plan (WSNP) voor het geval de vrijwillige schuldregeling mislukt.

Vaststellingsovereenkomst (BW 7:900). Na instemming van alle schuldeisers wordt de regeling vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst: de schuldenaar verbindt zich tot de afgesproken betalingen; de schuldeisers verbinden zich tot acceptatie van de deelbetaling als volledige kwijting van de schuld. Niet-nakoming door de schuldenaar leidt tot herleving van de oorspronkelijke schuld (BW 7:900 lid 2).

Bewindvoerder of schuldhulpverlener als beheerder. In veel gevallen beheert de schuldhulpverlener (NVVK-lid of gemeentelijk medewerker) de betalingen: de schuldenaar maakt de vrije ruimte maandelijks over aan de schuldhulpverlener, die de verdeling over schuldeisers verzorgt. Dit is een waarborg voor alle schuldeisers dat de betalingen daadwerkelijk plaatsvinden.

Duur en einddatum. Standaard looptijd van de schuldregeling is 36 maanden; daarna finale kwijting. Kortere looptijd (18-24 maanden) is soms mogelijk als de schuldenaar een eenmalige koopsom kan inbrengen (bijv. via een lening van een familielid — dan geldt de familie-uitkoopregeling van het NVVK-model).

Hoe vult u uw Vrijwillige Schuldregeling Nederland in?

Het opstellen van een Vrijwillige Schuldregeling Nederland verloopt via de schuldhulpverlening. Onderstaande stappen beschrijven het proces.

Stap 1 - Aanmelding gemeentelijke schuldhulpverlening. Meld u aan bij de gemeente van uw woonplaats voor schuldhulpverlening (Wgs 2012 art. 3). De gemeente is verplicht binnen vier weken een intakegesprek te plannen. Kies eventueel ook een NVVK-gecertificeerde schuldhulpverlener (pvzn.nl of nvvk.eu voor een overzicht).

Stap 2 - Schuldenoverzicht opstellen. Verzamel alle aanmaningen, dagvaardingen, vonnissen en schulden. Vraag een actueel BKR-overzicht op via bkr.nl (gratis per jaar). Controleer schulden bij de Belastingdienst via Mijn Belastingdienst (DigiD). Maak een lijst met per schuldeiser: naam, adres, referentienummer, type schuld, hoofdsom, rente, incassokosten.

Stap 3 - Vrije ruimte berekenen. Bereken de maandelijks beschikbare ruimte voor schuldenafbetaling: netto maandinkomen minus alle noodzakelijke vaste lasten (huur/hypotheek, energie, Zvw-premie, kosten levensonderhoud conform NIBUD-budget). De schuldhulpverlener verricht deze berekening op basis van de NIBUD-Budgetwijzer.

Stap 4 - Aanbod opstellen. De schuldhulpverlener stelt het aanbod op: pro-rata verdeling van de vrije ruimte over drie jaar over alle schuldeisers. Preferente schuldeisers (Belastingdienst, UWV) ontvangen een hoger aandeel conform de wettelijke preferentievolgorde. Het aanbodpercentage (bijv. 15% van de totale schuld) is afhankelijk van de vrije ruimte en de totale schuldsom.

Stap 5 - Aanbod versturen aan alle schuldeisers. De schuldhulpverlener verstuurt het aanbod aangetekend aan alle schuldeisers. Schuldeisers hebben doorgaans 6-8 weken om te reageren. Bij geen reactie: schuldeiser wordt geacht te hebben ingestemd (stil akkoord conform NVVK-model). Bij expliciete weigering: het minnelijk traject mislukt voor die schuldeiser.

Stap 6 - Vaststellingsovereenkomst tekenen. Bij instemming van alle schuldeisers stellen schuldenaar, schuldhulpverlener en schuldeisers een vaststellingsovereenkomst op (BW 7:900). Beide partijen tekenen. De schuldenaar maakt maandelijks de vrije ruimte over aan het derdengeldrekening van de schuldhulpverlener.

Stap 7 - Betalingen uitvoeren gedurende 36 maanden. Maak elke maand stipt de afgesproken bijdrage over. Na 36 maanden verstrekt de schuldhulpverlener aan elk schuldeiser een finale kwijtingsverklaring. De resterende schuld wordt juridisch kwijtgescholden (BW 6:160).

Stap 8 - WSNP als vangnet bij mislukking. Als het minnelijk traject mislukt, kan de schuldhulpverlener een verzoekschrift indienen bij de Rechtbank voor WSNP-toelating (Fw art. 284) of een dwangakkoord eisen (Fw art. 287a). Bewaar alle correspondentie uit het minnelijk traject als bewijs voor de Rechtbank.

Veelgemaakte fouten bij uw Vrijwillige Schuldregeling Nederland

Bij de Vrijwillige Schuldregeling Nederland worden de volgende fouten regelmatig gemaakt.

Fout 1 - Schulden verzwijgen. Elke schuld die niet in het schuldenoverzicht staat, valt buiten het akkoord. Schuldeisers die niet zijn betrokken, kunnen hun vordering volledig blijven eisen na het akkoord. Vermeld alle schulden, ook informele schulden aan familie en vrienden, en schulden bij kleine incassobureaus.

Fout 2 - Nieuwe schulden tijdens het traject. Het aangaan van nieuwe schulden tijdens het minnelijk traject ondermijnt de geloofwaardigheid van het aanbod en geeft schuldeisers een reden om te weigeren. Vermijd nieuwe aankopen op krediet, nieuwe telefooncontracten of leningen tijdens het schuldhulpverleningstraject.

Fout 3 - Niet aanmelden bij gemeente maar zelfstandig onderhandelen. Zelfstandig onderhandelen met schuldeisers zonder begeleiding van een erkende schuldhulpverlener leidt vaak tot onvolledige akkoorden of schuldeisers die later terugkomen op hun instemming. De NVVK-norm biedt een gestandaardiseerd akkoordmodel dat door professionele schuldeisers (banken, creditcardmaatschappijen, incassobureaus) wordt geaccepteerd.

Fout 4 - Te laag aanbod doen. Een aanbod dat significant lager is dan het NVVK-model voorschrijft (doorgaans drie jaar lang alle vrije ruimte) geeft schuldeisers redelijke grond voor weigering. De schuldhulpverlener berekent het maximale aanbod op basis van de NIBUD-norm; dit percentage moet voor alle schuldeisers worden aangeboden.

Fout 5 - Betalingen staken tijdens de regeling. Als de schuldenaar tijdens de 36-maanden betalingsregeling één of meer maanden niet betaalt, is dit een tekortkoming in de vaststellingsovereenkomst (BW 7:900) en kunnen alle schuldeisers hun volledige oorspronkelijke vordering terugvorderen. Bij tijdelijke financiële tegenslagen: onmiddellijk de schuldhulpverlener informeren voor een tijdelijke uitstelregeling.

Fout 6 - Geen finale kwijtingsverklaring vragen. Na afloop van de betalingsregeling moeten alle schuldeisers een schriftelijke finale kwijtingsverklaring afgeven. Zonder dit document kunnen schuldeisers later beweren dat de schuld niet volledig is voldaan. Vraag via de schuldhulpverlener een kwijtingsverklaring van elk schuldeiser als de laatste betaling is gedaan.

Citeer deze pagina

Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:

APA

Forms Legal. (2026). Vrijwillige Schuldregeling Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/vrijwillige-schuldregeling

MLA

"Vrijwillige Schuldregeling Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/vrijwillige-schuldregeling.

BibTeX
@misc{formslegal-vrijwillige-schuldregeling,
  author       = {{Forms Legal}},
  title        = {Vrijwillige Schuldregeling Nederland (Nederland)},
  year         = {2026},
  howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/vrijwillige-schuldregeling}},
  note         = {Free legal document template}
}

Veelgestelde vragen

Sjabloon met wetsverwijzingen — Sjabloon laatst gewijzigd in juni 2026

Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer

Een fout gevonden? Laat het ons weten