Echtscheidingsconvenant (Nederland)
BW art. 1:150; BW art. 1:155 (partneralimentatie); BW art. 1:100 (verdeling huwelijksgemeenschap)
ECHTSCHEIDINGSCONVENANT
ex artikel 1:150 jo. 1:155 BW; te overleggen aan de Rechtbank ter zake van het verzoek tot echtscheiding
Partijen
DE ONDERGETEKENDEN
1. [Partner1 Naam]
BSN: [Partner1 B S N]
Wonende te: [Partner1 Adres]
Geboren: [Partner1 Geboorte]
hierna te noemen: «echtgenoot 1»
2. [Partner2 Naam]
BSN: [Partner2 B S N]
Wonende te: [Partner2 Adres]
Geboren: [Partner2 Geboorte]
hierna te noemen: «echtgenoot 2»
tezamen ook te noemen: «partijen»
Considerans
OVERWEGENDE DAT
a. partijen op [Huwelijksdatum] te [Huwelijksplaats] met elkaar in het huwelijk zijn getreden;
b. het huwelijksgoederenregime is: [Huwelijksgoederenregime];
c. partijen het huwelijk willen ontbinden door echtscheiding op grond van duurzame ontwrichting (artikel 1:151 BW);
d. partijen, voorafgaand aan het verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank, wensen vast te leggen welke gevolgen de echtscheiding voor hen heeft op het vlak van vermogen, alimentatie en pensioen;
e. partijen zich hebben laten voorlichten over hun rechtspositie en de gevolgen van de gemaakte afspraken;
ZIJN OVEREENGEKOMEN ALS VOLGT:
Artikel 1 — Echtelijke Woning
ARTIKEL 1 — ECHTELIJKE WONING
Bestemming: [Echtelijke Woning]
Overwaarde (WOZ minus hypotheekrestschuld): € [Overwaarde Woning]
Bij toedeling aan één partij dient deze de andere partij voor de helft van de overwaarde uit te kopen. De overnemende partij dient binnen 6 maanden na inschrijving van de echtscheiding ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid bij de hypotheekverstrekker te realiseren (artikel 1:99 BW). Bij verkoop wordt de netto-opbrengst na aflossing hypotheek en kosten gelijkelijk verdeeld.
Artikel 2 — Vermogensverdeling
ARTIKEL 2 — VERDELING HUWELIJKSGEMEENSCHAP
De partijen verdelen de huwelijksgemeenschap conform artikel 1:100 BW bij helfte. De peildatum voor samenstelling en waardering is de datum van indiening van het echtscheidingsverzoek bij de Rechtbank, tenzij hieronder anders bepaald.
Afspraken over gemeenschappelijke schulden: [Afspraak Schulden]
Bankrekeningen, beleggingsdepots en spaarrekeningen worden verdeeld op peildatum. Persoonlijke goederen blijven bij de oorspronkelijke eigenaar. Eventuele goederen onder huwelijkse voorwaarden worden verdeeld conform die akte.
Artikel 3 — Pensioenverevening
ARTIKEL 3 — PENSIOENVEREVENING (Wet VPS 1995)
Pensioenverevening toegepast: [Verdeling Pensioen]
Indien Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (VPS 1995) van toepassing is, ontvangt elk der partijen de helft van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen. Partijen dienen binnen 2 jaar na inschrijving echtscheiding mededeling te doen aan de pensioenuitvoerder middels het Modelformulier Mededeling Verdeling Pensioenrechten (artikel 2 lid 2 Wet VPS). Bij conversie ontstaat een eigen recht voor de vereveningsgerechtigde.
Artikel 4 — Partneralimentatie
ARTIKEL 4 — PARTNERALIMENTATIE (BW 1:157)
Partneralimentatie verschuldigd: [Alimentatie Gerechtigd]
Maandelijks bedrag: € [Alimentatie Bedrag]
Duur in maanden: [Alimentatie Duur]
Wettelijke indexering ex artikel 1:402a BW: [Indexering]
Het bedrag is gebaseerd op de Tremanormen van de Werkgroep Alimentatienormen (NVvR), uitgaande van behoefte volgens hofnorm en draagkracht conform tarief 2026. De wettelijke duur bedraagt maximaal de helft van de huwelijksduur, met een maximum van vijf jaar (BW 1:157 lid 4, Wet herziening partneralimentatie). Betaling geschiedt maandelijks vooraf op door alimentatiegerechtigde aan te wijzen rekening.
Artikel 5 — Fiscale Afwikkeling
ARTIKEL 5 — FISCAAL FIN
Partneralimentatie is voor de alimentatieplichtige aftrekbaar in box 1 (Wet IB 2001 artikel 6.3) en voor de alimentatiegerechtigde belast als persoonlijke onderhoudsverplichting (artikel 3.101 Wet IB 2001). Partijen dragen zorg voor correcte aangifte bij de Belastingdienst en houden elkaar schadeloos voor onjuiste fiscale verwerking. De toedeling van de echtelijke woning is vrijgesteld van overdrachtsbelasting krachtens artikel 3 lid 1 sub b Wet BRV (verkrijging in het kader van verdeling huwelijksgemeenschap).
Artikel 6 — Indiening Rechtbank
ARTIKEL 6 — VERZOEK ECHTSCHEIDING EN INSCHRIJVING
Partijen verzoeken gezamenlijk de bevoegde Rechtbank ([Rechtbank Bevoegd]) om uitspraak van echtscheiding en bekrachtiging van dit convenant (artikel 1:150 jo. 1:154 BW). Verzoek wordt ingediend door [Advocaat Naam]. De echtscheiding is van kracht vanaf inschrijving van de beschikking in de registers van de Burgerlijke Stand van de gemeente waar het huwelijk werd voltrokken (artikel 1:163 BW), uiterlijk binnen 6 maanden na de beschikking.
Artikel 7 — Slotbepalingen
ARTIKEL 7 — SLOTBEPALINGEN
Partijen verklaren dat zij elkaar over en weer finale kwijting verlenen na uitvoering van dit convenant, behoudens nakoming van alimentatie- en pensioenrechten. Geschillen omtrent uitvoering worden voorgelegd aan de Voorzieningenrechter van de Rechtbank van de woonplaats van gedaagde, of in onderling overleg aan een mediator van de Mediatorsfederatie Nederland (MfN). Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.
ALDUS OVEREENGEKOMEN EN ONDERTEKEND
Plaats: [Ondertekening Plaats]
Datum: [Ondertekening Datum]
[Partner1 Naam]
Handtekening: _________________________
[Partner2 Naam]
Handtekening: _________________________
Gezien door advocaat: [Advocaat Naam]
Handtekening: _________________________
Echtgenoot 1
________________
Signature
Echtgenoot 2
________________
Signature
Advocaat
________________
Signature
Wat is Echtscheidingsconvenant (Nederland)?
Een echtscheidingsconvenant in Nederland is een schriftelijke overeenkomst waarin echtgenoten of geregistreerde partners alle afspraken rond hun scheiding vastleggen. Het convenant regelt de partneralimentatie, de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap of de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden, de verevening van het ouderdomspensioen op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wet VPS), en de toedeling van de echtelijke woning en eventuele schulden. De partijen leggen vast wie wat ontvangt en welke betalingsverplichtingen na de ontbinding van het huwelijk blijven bestaan.
Bij minderjarige kinderen is het convenant onvolledig zonder een ouderschapsplan: artikel 815 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verplicht ouders dit plan met afspraken over zorg, omgang, hoofdverblijf en kinderalimentatie bij het echtscheidingsverzoek te voegen. Het ondertekende echtscheidingsconvenant wordt samen met het gezamenlijke of eenzijdige verzoekschrift bij de rechtbank ingediend. De rechter kan de inhoud opnemen in de echtscheidingsbeschikking, waardoor de afspraken een executoriale titel krijgen en juridisch afdwingbaar worden. Indiening bij de rechtbank verloopt verplicht via een advocaat.
Wanneer heeft u Echtscheidingsconvenant (Nederland) nodig?
Een echtscheidingsconvenant in Nederland is nodig zodra echtgenoten of geregistreerde partners hun huwelijk of partnerschap willen ontbinden en daarbij financiële en vermogensrechtelijke gevolgen onderling willen regelen. Het convenant is de aangewezen route bij een echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek (artikel 819 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering): beide partners dienen samen via één advocaat of mediator een verzoekschrift bij de rechtbank in, waaraan het ondertekende convenant wordt gehecht. Deze gezamenlijke route verloopt sneller en goedkoper dan een procedure op tegenspraak en geeft beide partijen grip op de uitkomst in plaats van die over te laten aan de rechter.
Bij minderjarige kinderen is een convenant feitelijk onmisbaar, want artikel 815 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verplicht ouders een ouderschapsplan bij het echtscheidingsverzoek te voegen. Het ouderschapsplan regelt de zorgverdeling, het hoofdverblijf, de omgang en de kinderalimentatie; de overige financiële afspraken (partneralimentatie, verdeling van de gemeenschap, pensioenverevening, woning) horen thuis in het convenant. Zonder ouderschapsplan verklaart de rechtbank het verzoek niet-ontvankelijk, tenzij ouders aantonen dat zij in redelijkheid geen plan konden opstellen.
Ook bij een scheiding zonder kinderen is een convenant raadzaam wanneer er gezamenlijk vermogen, een koopwoning, een hypotheek, ondernemingsvermogen of opgebouwde pensioenrechten in het spel zijn. Echtgenoten die vóór 1 januari 2018 in algehele gemeenschap van goederen zijn gehuwd, moeten de volledige boedel verdelen op grond van artikel 1:100 Burgerlijk Wetboek; wie daarna trouwde valt onder de beperkte gemeenschap. Partners met huwelijkse voorwaarden moeten een eventueel verrekenbeding afwikkelen. In al deze gevallen voorkomt een schriftelijk convenant latere geschillen over wie waar recht op heeft.
Een convenant is verder aangewezen wanneer partijen willen afwijken van de wettelijke standaardregels. Zo kunnen zij de standaardverevening van het ouderdomspensioen op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding uitsluiten of omzetten in conversie, afspraken maken over een afkoopsom voor partneralimentatie in plaats van maandelijkse termijnen, of vastleggen dat één partner in de echtelijke woning blijft tegen overname van de hypotheekschuld. Dergelijke maatwerkafspraken zijn alleen rechtsgeldig wanneer zij schriftelijk en ondubbelzinnig zijn vastgelegd.
Tot slot is het convenant van belang voor de uitvoerbaarheid achteraf. Wanneer de rechter de afspraken opneemt in de echtscheidingsbeschikking, krijgen zij een executoriale titel: de alimentatiegerechtigde kan bij wanbetaling het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) inschakelen of beslag laten leggen zonder opnieuw te hoeven procederen. Een mondelinge of slordig opgestelde afspraak mist die kracht. Het convenant wordt daarom opgesteld vóór de echtscheiding wordt uitgesproken en de ontbinding pas definitief wanneer de beschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente waar het huwelijk is voltrokken (artikel 1:163 Burgerlijk Wetboek).
Wat moet er in uw Echtscheidingsconvenant (Nederland) staan?
Een echtscheidingsconvenant in Nederland bevat een vaste reeks onderwerpen die samen de volledige afwikkeling van de scheiding regelen. Onderstaande kernelementen horen in een volwaardig convenant thuis.
**1. Partijgegevens en grondslag.** Volledige namen, geboortedata en woonadressen van beide echtgenoten, de huwelijksdatum en -plaats, en de vermelding dat partijen duurzaam gescheiden leven zodat aan de echtscheidingsgrond van artikel 1:151 Burgerlijk Wetboek (duurzame ontwrichting) is voldaan. Tevens of er sprake is van algehele gemeenschap, beperkte gemeenschap (huwelijken na 1 januari 2018) of huwelijkse voorwaarden.
**2. Partneralimentatie (artikel 1:157 Burgerlijk Wetboek).** Vastlegging van de hoogte, de ingangsdatum en de duur van de bijdrage in het levensonderhoud van de minstverdienende ex-partner. Sinds de Wet herziening partneralimentatie (1 januari 2020) bedraagt de wettelijke maximumduur de helft van de huwelijksduur met een plafond van vijf jaar, met uitzonderingen voor langdurige huwelijken en jonge kinderen. Partijen kunnen de alimentatie ook afkopen met een eenmalig bedrag of het recht over en weer uitsluiten (nihilbeding).
**3. Verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap (artikel 1:100 Burgerlijk Wetboek) of afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden.** Een overzicht van alle bezittingen en schulden per peildatum, met toedeling van bankrekeningen, spaargeld, auto's, inboedel, beleggingen, ondernemingsvermogen en schulden. Bij huwelijkse voorwaarden met een periodiek of finaal verrekenbeding wordt het te verrekenen vermogen berekend en verdeeld.
**4. Pensioenverevening (Wet verevening pensioenrechten bij scheiding 1995).** De standaardregel kent elke ex-partner de helft toe van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen. Partijen kunnen kiezen voor afwijkende verdeling, voor conversie (omzetting in een eigen aanspraak) of voor volledige uitsluiting. Het bijzonder partnerpensioen valt onder een aparte regeling. Melding aan de pensioenuitvoerder moet binnen twee jaar na de scheiding plaatsvinden via het wettelijke meldingsformulier.
**5. De echtelijke woning en hypotheek.** Afspraken over wie in de woning blijft, of de woning wordt verkocht of overgenomen, hoe de overwaarde of restschuld wordt verdeeld en wie de hypotheeklasten draagt tot aan de overdracht. Bij overname moet de bank ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid verlenen, anders blijft de vertrekkende partner medeschuldenaar.
**6. Verwijzing naar het ouderschapsplan.** Bij minderjarige kinderen verwijst het convenant naar het verplichte ouderschapsplan (artikel 815 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering) waarin zorgverdeling, hoofdverblijf, omgang en kinderalimentatie staan; deze onderwerpen worden niet in het convenant zelf dubbel geregeld.
**7. Fiscale afspraken.** Toedeling van de hypotheekrenteaftrek, verdeling van een eventuele belastingteruggave of -aanslag, en de fiscale behandeling van de partneralimentatie (aftrekbaar bij de betaler, belast bij de ontvanger op grond van de Wet inkomstenbelasting 2001).
**8. Slotbepalingen.** Een finale kwijting waarin partijen verklaren over en weer niets meer van elkaar te vorderen te hebben, een bepaling over de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand, en de ondertekening door beide partijen.
Met het gratis sjabloon van forms-legal.com stelt u een compleet echtscheidingsconvenant op dat alle bovenstaande onderdelen omvat en direct geschikt is om door uw advocaat of mediator bij de rechtbank in te dienen.
Hoe vult u uw Echtscheidingsconvenant (Nederland) in?
Een echtscheidingsconvenant in Nederland zorgvuldig invullen vereist onderstaande stappen, die beide echtgenoten samen of na onderhandeling via een advocaat-scheidingsmediator doorlopen.
**Stap 1 – Partijgegevens en huwelijksgegevens invullen.** Vermeld van beide echtgenoten de volledige voor- en achternaam, geboortedatum, geboorteplaats en huidige woonadres. Vul de huwelijksdatum en huwelijksplaats in zoals vermeld op de huwelijksakte, en geef aan onder welk huwelijksvermogensregime is getrouwd: algehele gemeenschap van goederen (huwelijk vóór 1 januari 2018), beperkte gemeenschap (huwelijk daarna) of huwelijkse voorwaarden. Vermeld of er minderjarige kinderen zijn.
**Stap 2 – Peildatum bepalen.** Kies de peildatum voor de omvang en de waardering van het vermogen. Gebruikelijk is de datum van indiening van het echtscheidingsverzoek voor de omvang van de gemeenschap (artikel 1:99 Burgerlijk Wetboek) en een afgesproken datum voor de waardering. Leg deze datum expliciet vast om latere discussie over koersschommelingen of waardestijgingen te voorkomen.
**Stap 3 – Bezittingen en schulden inventariseren.** Maak een volledig overzicht van alle bankrekeningen, spaartegoeden, beleggingen, voertuigen, inboedel, levensverzekeringen, ondernemingsvermogen en schulden (leningen, creditcardschulden, belastingschulden). Vul per onderdeel de waarde op de peildatum in en bepaal aan wie het wordt toegedeeld en of er een verrekening van overwaarde nodig is.
**Stap 4 – Echtelijke woning en hypotheek regelen.** Geef aan of de woning wordt verkocht, door één partner wordt overgenomen of voorlopig gezamenlijk blijft. Vul de WOZ- of taxatiewaarde, de hypotheekschuld en de over- of onderwaarde in. Bij overname: vermeld de overnamesom en de afspraak dat de overnemende partij ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid bij de geldverstrekker regelt. Verdeel de hypotheekrenteaftrek tot de overdrachtsdatum.
**Stap 5 – Partneralimentatie berekenen en vastleggen.** Bepaal op basis van de behoefte van de minstverdienende partner en de draagkracht van de andere partner het maandbedrag, de ingangsdatum en de duur (maximaal de helft van de huwelijksduur met een plafond van vijf jaar onder de Wet herziening partneralimentatie). Kies tussen periodieke betaling, een afkoopsom of een nihilbeding, en leg een indexeringsclausule vast (jaarlijkse wettelijke indexering op grond van artikel 1:402a Burgerlijk Wetboek).
**Stap 6 – Pensioenverevening kiezen.** Bepaal of de standaardverevening van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding wordt toegepast (ieder de helft van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen), of dat partijen kiezen voor conversie, een afwijkende verdeling of uitsluiting. Noteer ook de afspraak over het bijzonder partnerpensioen. Vergeet niet binnen twee jaar het meldingsformulier naar de pensioenuitvoerder te sturen.
**Stap 7 – Ouderschapsplan koppelen.** Bij minderjarige kinderen: verwijs in het convenant naar het afzonderlijke ouderschapsplan en zorg dat beide documenten consistent zijn. Regel de kinderalimentatie in het ouderschapsplan, niet in het convenant zelf.
**Stap 8 – Controleren, ondertekenen en indienen.** Lees het volledige convenant na op consistentie en volledigheid, neem een finale kwijting op en onderteken in tweevoud met datum en plaats. Beide partijen behouden een exemplaar. Lever het ondertekende convenant aan bij de advocaat of mediator die het samen met het verzoekschrift bij de rechtbank indient. Na de uitspraak laat u de echtscheidingsbeschikking binnen zes maanden inschrijven in de registers van de burgerlijke stand.
Wettelijke vereisten voor Echtscheidingsconvenant (Nederland)
Een echtscheidingsconvenant in Nederland is onderworpen aan een reeks dwingende wettelijke vereisten die bepalen of het convenant rechtsgeldig is en of de rechtbank het kan opnemen in de echtscheidingsbeschikking. Naleving van onderstaande regels is essentieel.
**Echtscheidingsgrond (artikel 1:150 en 1:151 Burgerlijk Wetboek).** Echtscheiding kan in Nederland alleen worden uitgesproken op grond van duurzame ontwrichting van het huwelijk. Voor geregistreerd partnerschap geldt een vergelijkbare regeling met de mogelijkheid van beëindiging met wederzijds goedvinden. Het convenant zelf is geen zelfstandige scheidingsgrond, maar de schriftelijke uitwerking van de gevolgen die aan het verzoek worden gehecht.
**Verplichte procesvertegenwoordiging (artikel 815 en 819 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).** Een echtscheidingsverzoek kan uitsluitend door een advocaat bij de rechtbank worden ingediend; partijen kunnen dit niet zelf doen. Bij een gemeenschappelijk verzoek treedt één advocaat of advocaat-mediator op voor beide partijen. Het ondertekende convenant wordt als bijlage bij het verzoekschrift gevoegd.
**Ouderschapsplan bij minderjarige kinderen (artikel 815 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).** Ouders van minderjarige kinderen zijn verplicht een ouderschapsplan bij het verzoek te voegen, op straffe van niet-ontvankelijkheid. Het plan bevat ten minste afspraken over de verdeling van zorg- en opvoedingstaken, de informatie-uitwisseling over de kinderen en de kinderalimentatie. Dit vloeit voort uit het ouderlijk gezag van artikel 1:247 en 1:247a Burgerlijk Wetboek.
**Partneralimentatie (artikel 1:157 Burgerlijk Wetboek en Wet herziening partneralimentatie 2020).** Afspraken over partneralimentatie zijn rechtsgeldig binnen de wettelijke kaders. De maximale wettelijke duur bedraagt sinds 1 januari 2020 de helft van de huwelijksduur met een plafond van vijf jaar, behoudens de uitzonderingen voor langdurige huwelijken (langer dan vijftien jaar nabij de AOW-leeftijd) en huwelijken met jonge kinderen. Een afgesproken nihilbeding of niet-wijzigingsbeding (artikel 1:159 Burgerlijk Wetboek) moet uitdrukkelijk schriftelijk worden vastgelegd.
**Verdeling van de gemeenschap (artikel 1:100 Burgerlijk Wetboek).** Bij ontbinding van de gemeenschap hebben beide echtgenoten een gelijk aandeel, tenzij huwelijkse voorwaarden anders bepalen. De verdeling moet de volledige boedel omvatten; een onvolledige verdeling kan later worden aangevochten op grond van artikel 3:179 lid 2 Burgerlijk Wetboek. Benadeling voor meer dan een kwart geeft recht op vernietiging (artikel 3:196 Burgerlijk Wetboek).
**Pensioenverevening (Wet verevening pensioenrechten bij scheiding 1995).** De wet kent elke ex-partner standaard de helft toe van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen. Afwijking, conversie of uitsluiting is alleen geldig wanneer dit schriftelijk in het convenant of in huwelijkse voorwaarden is overeengekomen. Rechtstreekse uitbetaling door de pensioenuitvoerder vereist melding binnen twee jaar na de inschrijving van de scheiding.
**Inschrijving in de burgerlijke stand (artikel 1:163 Burgerlijk Wetboek).** De echtscheiding wordt pas definitief wanneer de beschikking binnen zes maanden na het in kracht van gewijsde gaan wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente waar het huwelijk is voltrokken. Verstrijkt deze termijn, dan verliest de beschikking haar kracht en moet opnieuw worden geprocedeerd.
**Rechterlijke toetsing en bekrachtiging.** De rechtbank toetst of het convenant niet in strijd is met de openbare orde, met dwingend recht of met het belang van de minderjarige kinderen. Worden de afspraken in het dictum van de beschikking opgenomen, dan verkrijgen zij een executoriale titel waarmee bij wanbetaling het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen of de deurwaarder kan worden ingeschakeld.
Veelgemaakte fouten bij uw Echtscheidingsconvenant (Nederland)
Een echtscheidingsconvenant in Nederland gaat vaak mis op een aantal terugkerende punten die tot latere geschillen, heropening van de verdeling of zelfs gedeeltelijke nietigheid leiden. Onderstaande fouten verdienen bijzondere aandacht.
**Fout 1 – Pensioenverevening niet binnen twee jaar melden.** Veel partijen leggen de pensioenafspraak wel vast maar vergeten de melding aan de pensioenuitvoerder. De Wet verevening pensioenrechten bij scheiding vereist melding binnen twee jaar na inschrijving van de scheiding voor rechtstreekse uitbetaling door het pensioenfonds. Wordt deze termijn gemist, dan moet de vereveningsgerechtigde het bedrag rechtstreeks bij de ex-partner innen, wat tot incassoproblemen leidt.
**Fout 2 – Onvolledige boedelbeschrijving.** Een convenant dat niet alle bezittingen en schulden benoemt, laat ruimte voor latere claims. Vergeten posten zoals een lijfrente, een ondernemingsaandeel, een belastingteruggave of een gezamenlijke schuld kunnen op grond van artikel 3:179 lid 2 Burgerlijk Wetboek alsnog worden verdeeld. Inventariseer daarom alle vermogensbestanddelen per peildatum en neem een restpostbepaling op.
**Fout 3 – Geen ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek.** Wanneer één partner de woning overneemt maar de bank de vertrekkende partner niet uit de hoofdelijke aansprakelijkheid ontslaat, blijft die laatste juridisch medeschuldenaar van de volledige hypotheek. Bij wanbetaling kan de bank dan alsnog bij de vertrokken ex-partner aankloppen. Maak de overdracht afhankelijk van het schriftelijke ontslag uit de aansprakelijkheid.
**Fout 4 – Partneralimentatie zonder indexering of looptijd.** Een vastgesteld bedrag zonder indexeringsclausule verliest jaarlijks koopkracht; de wettelijke indexering van artikel 1:402a Burgerlijk Wetboek geldt automatisch maar wordt vaak niet benoemd, wat tot onduidelijkheid leidt. Ontbreekt een duidelijke einddatum, dan ontstaat discussie over de maximale wettelijke duur. Leg ingangsdatum, bedrag, indexering en einddatum ondubbelzinnig vast.
**Fout 5 – Kinderalimentatie in het convenant in plaats van het ouderschapsplan.** Kinderalimentatie hoort thuis in het ouderschapsplan en blijft altijd wijzigbaar omdat het belang van het kind voorop staat (artikel 1:401 Burgerlijk Wetboek). Een poging om kinderalimentatie via een niet-wijzigingsbeding vast te zetten is nietig. Houd de afspraken over de kinderen consistent met het ouderschapsplan.
**Fout 6 – Geen of een onduidelijke peildatum.** Zonder een vastgelegde peildatum voor omvang en waardering ontstaat ruzie over koersschommelingen, waardestijging van de woning of saldo's op rekeningen. Bepaal expliciet de datum van indiening voor de omvang en een afgesproken datum voor de waardering.
**Fout 7 – Fiscale gevolgen over het hoofd zien.** De fiscale behandeling van partneralimentatie (aftrekbaar bij de betaler, belast bij de ontvanger onder de Wet inkomstenbelasting 2001), de verdeling van de hypotheekrenteaftrek tot de overdrachtsdatum en de gevolgen voor toeslagen worden vaak vergeten. Reken de netto-effecten door voordat de bedragen worden vastgelegd.
**Fout 8 – Termijn voor inschrijving missen.** De echtscheidingsbeschikking moet binnen zes maanden worden ingeschreven in de burgerlijke stand (artikel 1:163 Burgerlijk Wetboek), anders vervalt zij. Wie deze termijn laat verlopen blijft gehuwd en moet de gehele procedure opnieuw voeren. Plan de inschrijving direct na ontvangst van de beschikking.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Echtscheidingsconvenant (Nederland) (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/echtscheidingsconvenant
"Echtscheidingsconvenant (Nederland) (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/echtscheidingsconvenant.
@misc{formslegal-echtscheidingsconvenant,
author = {{Forms Legal}},
title = {Echtscheidingsconvenant (Nederland) (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/personal/family/echtscheidingsconvenant}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Een echtscheidingsconvenant is niet in alle gevallen wettelijk verplicht, maar in de praktijk vrijwel onmisbaar. Bij een echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek (artikel 819 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering) is het convenant de vorm waarin partijen hun financiële afspraken vastleggen en aan het verzoekschrift hechten. Bij minderjarige kinderen geldt wel een harde verplichting: ouders moeten een ouderschapsplan indienen (artikel 815 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering), op straffe van niet-ontvankelijkheid. Wanneer er gezamenlijk vermogen, een koopwoning, een hypotheek of opgebouwde pensioenrechten zijn, voorkomt een convenant latere geschillen over de verdeling. Zonder convenant moet de rechter de gevolgen zelf vaststellen in een procedure op tegenspraak, wat langer duurt en kostbaarder is. Een schriftelijk convenant geeft beide partijen grip op de uitkomst en kan, eenmaal opgenomen in de echtscheidingsbeschikking, direct worden afgedwongen.
Sinds de Wet herziening partneralimentatie van 1 januari 2020 bedraagt de wettelijke maximumduur van partneralimentatie (artikel 1:157 Burgerlijk Wetboek) de helft van de huwelijksduur, met een plafond van vijf jaar. Op deze hoofdregel bestaan drie uitzonderingen: bij huwelijken die langer dan vijftien jaar duurden en de alimentatiegerechtigde binnen tien jaar de AOW-leeftijd bereikt, loopt de alimentatie door tot de AOW-datum; bij zorg voor kinderen jonger dan twaalf jaar duurt de alimentatie tot het jongste kind twaalf wordt; en voor een aantal lopende oude gevallen geldt overgangsrecht. Partijen mogen in het convenant van de wettelijke duur afwijken, een lager of hoger bedrag afspreken, de alimentatie afkopen met een eenmalig bedrag, of over en weer afzien van alimentatie via een nihilbeding. De hoogte wordt bepaald door de behoefte van de minstverdienende partner en de draagkracht van de andere partner.
De verdeling van het ouderdomspensioen valt onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding van 1995. De standaardregel kent elke ex-partner de helft toe van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd; dit heet pensioenverevening. De vereveningsgerechtigde krijgt geen eigen aanspraak maar een recht op uitbetaling op het moment dat de ander met pensioen gaat. Om rechtstreekse uitbetaling door het pensioenfonds te verkrijgen, moet binnen twee jaar na de inschrijving van de scheiding een meldingsformulier naar de pensioenuitvoerder worden gestuurd; gebeurt dat niet, dan moet de gerechtigde het bedrag bij de ex-partner zelf innen. In het convenant kunnen partijen kiezen voor conversie, waarbij het vereveningsaandeel wordt omgezet in een zelfstandige eigen aanspraak, voor een afwijkende verdeelsleutel of voor volledige uitsluiting van verevening. Daarnaast bestaat het bijzonder partnerpensioen, dat apart wordt geregeld.
De echtelijke woning en de hypotheek worden in het convenant geregeld via een van drie routes: verkoop aan een derde, overname door één van de partners, of een tijdelijke voortzetting van het gezamenlijke eigendom. Bij verkoop wordt de overwaarde of de restschuld na aflossing van de hypotheek verdeeld volgens het aandeel in de gemeenschap (artikel 1:100 Burgerlijk Wetboek). Bij overname betaalt de blijvende partner de helft van de overwaarde aan de ander en neemt de hypotheekschuld over. Cruciaal is dat de geldverstrekker de vertrekkende partner schriftelijk ontslaat uit de hoofdelijke aansprakelijkheid; zonder dat ontslag blijft die partner juridisch medeschuldenaar van de volledige hypotheek, ook al woont hij of zij er niet meer. Verder worden de hypotheekrenteaftrek tot de overdrachtsdatum en de verdeling van de gebruikslasten vastgelegd. Wie in de woning blijft tijdens de procedure draagt doorgaans de lopende lasten.
Een echtscheidingsverzoek kan in Nederland uitsluitend door een advocaat bij de rechtbank worden ingediend; partijen kunnen dit niet zelf doen (artikel 815 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). Bij een echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek kunnen beide partners samen één advocaat of advocaat-scheidingsmediator inschakelen, wat aanzienlijk goedkoper is dan ieder een eigen advocaat. De mediator begeleidt de onderhandelingen, stelt het convenant en het ouderschapsplan op en dient het verzoek in. Het convenant zelf mag u samen opstellen of met behulp van een sjabloon voorbereiden, maar voor de indiening bij de rechtbank is procesvertegenwoordiging door een advocaat verplicht. Wie er samen niet uitkomt, kan kiezen voor een procedure op tegenspraak waarbij elke partner een eigen advocaat heeft. De rechter toetst het convenant op strijd met dwingend recht en met het belang van eventuele minderjarige kinderen voordat de afspraken in de beschikking worden opgenomen.
Een eenmaal getekend convenant is in beginsel bindend, maar bepaalde onderdelen kunnen onder voorwaarden worden gewijzigd. Partneralimentatie is wijzigbaar bij een wijziging van omstandigheden (artikel 1:401 Burgerlijk Wetboek), tenzij partijen een uitdrukkelijk niet-wijzigingsbeding hebben opgenomen (artikel 1:159 Burgerlijk Wetboek); zelfs dan kan de rechter bij een zeer ingrijpende wijziging afwijken. Kinderalimentatie blijft altijd wijzigbaar omdat het belang van het kind voorop staat; een niet-wijzigingsbeding voor kinderalimentatie is nietig. De verdeling van de gemeenschap kan worden aangevochten wanneer een partij voor meer dan een kwart is benadeeld (artikel 3:196 Burgerlijk Wetboek) of wanneer een vermogensbestanddeel is vergeten (artikel 3:179 lid 2 Burgerlijk Wetboek). Een convenant kan ook worden vernietigd wegens dwaling, bedrog of misbruik van omstandigheden. Buiten deze gronden geldt dat afspraken nagekomen moeten worden; de finale kwijting sluit nieuwe vorderingen over en weer uit.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Adoptie Buitenland Nederland (Wobka/Haags Adoptieverdrag)
Verzoekschrift en aanvraagformulier voor interlandelijke adoptie uit het buitenland door aspirant-adoptiefouders in Nederland op grond van de Wobka en het Haags Adoptieverdrag 1993, via gecertificeerde vergunninghouder.
Alimentatieovereenkomst
Schriftelijke overeenkomst tussen ex-echtgenoten of ex-partners over de hoogte, duur, indexering en wijze van betaling van partneralimentatie en kinderalimentatie, op grond van BW Art. 1:157-1:160 en BW Art. 1:404.
Huwelijkse Voorwaarden
Notariele akte waarin echtgenoten afwijken van de wettelijke beperkte gemeenschap van goederen op grond van BW 1:114 t/m 1:119 en de Wet op het notarisambt (Wna).
Opleiding Persoonlijk Akkoord
Overeenkomst tussen werkgever en werknemer over de vergoeding van opleidingskosten, terugbetalingsverplichting en studieverlof in Nederland op grond van BW 7:400 en BW 6:217.
Ouderschapsplan
Wettelijk verplicht plan bij echtscheiding, beeindiging geregistreerd partnerschap of beeindiging samenleving met minderjarige kinderen op grond van BW 1:252a en de Wet bevordering voortgezet ouderschap 2009.