Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland
SCHULDSANERING PLAN (WSNP)
Bijlage bij verzoekschrift toelating schuldsanering conform Faillissementswet art. 284
Schuldenaar
SCHULDENAAR:
Naam: [Schuldenaar Naam]
Geboortedatum: [Schuldenaar Geboortedatum]
BSN: [Schuldenaar Bsn]
Adres: [Schuldenaar Adres]
Huishoudtype: [Huishoud Type]
Financieel overzicht
ARTIKEL 1 - INKOMSTEN EN VRIJE RUIMTE
1.1 Maandelijks netto-inkomen: EUR [Maand Nettoloon] (bron: [Inkomen Bron]).
1.2 Vaste maandlasten: EUR [Vaste Lasten].
1.3 Vrije ruimte (afdracht bewindvoerder): EUR [Vrije Ruimte Maand] per maand (NIBUD-norm 2026).
ARTIKEL 2 - SCHULDENOVERZICHT
2.1 Totale schuldsom: EUR [Totale Schuldsom].
2.2 Aantal schuldeisers: [Aantal Schuldeisers].
2.3 Oorzaak van de schulden: [Schulden Oorzaak]
Minnelijk traject en verzoek
ARTIKEL 3 - MINNELIJK TRAJECT EN WSNP-VERZOEK
3.1 Resultaat minnelijk traject: [Minnelijk Resultaat]
3.2 Schuldenaar verzoekt de [Rechtbank] om toelating tot de WSNP conform Faillissementswet art. 284.
3.3 Gewenste startdatum saneringsperiode: [Gewenste Start Datum].
3.4 Schuldenaar verklaart bereid en in staat te zijn de saneringsverplichtingen (Fw art. 304-319) na te leven: afdracht vrije ruimte, sollicitatieplicht, informatieplicht en verbod op nieuwe schulden.
ONDERTEKENING
Datum: [Datum Ondertekening]
Schuldenaar: __________________________
[Schuldenaar Naam]
Schuldenaar
________________
Signature
Wat is Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland?
Het Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland is een juridisch document dat een schuldenaar indient bij de Rechtbank om toegelaten te worden tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen, geregeld in de Faillissementswet (Fw) artikelen 284 tot en met 362. De WSNP biedt particuliere schuldenaren en voormalige ondernemers die niet meer in staat zijn hun schulden te betalen, een wettelijk traject om in drie jaar schone lei te krijgen: na een saneringsperiode van doorgaans 36 maanden worden de resterende schulden die niet zijn voldaan, kwijtgescholden.
De Wet schuldsanering natuurlijke personen, ingesteld per 1998 en sindsdien meerdere keren gewijzigd (Reparatiewet WSNP 2008, aanpassingen 2013 en 2021), is de Nederlandse wettelijke insolventieprocedure voor particulieren en eenmanszaken. De WSNP staat in contrast met het faillissement (Fw art. 1-13), dat ook voor particulieren openstaat maar geen automatische schone lei oplevert en kostbaarder en langduriger is. De WSNP is specifiek ontworpen als 'social fresh start'-regeling.
Voordat een schuldenaar kan worden toegelaten tot de WSNP, moet het minnelijk traject zijn doorlopen en zijn mislukt. Het minnelijk traject houdt in dat de schuldenaar via de gemeentelijke schuldhulpverlening (Gemeentewet jo. Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) 2012) heeft geprobeerd met alle schuldeisers een vrijwillige schuldregeling te treffen. Pas als dit aantoonbaar mislukt is — een of meer schuldeisers weigerden akkoord te gaan — kan de schuldenaar via de gemeente of rechtsbijstandverlener een verzoekschrift indienen bij de Rechtbank (Fw art. 284 lid 1 verzoekschrift).
Bij toelating tot de WSNP wijst de Rechtbank een bewindvoerder aan (Fw art. 287 lid 2), doorgaans een advocaat of lid van de Branchevereniging voor schuldhulpverlening en Sociaal Bankieren (NVVK). De bewindvoerder beheert de boedel van de schuldenaar, verdeelt de vrije ruimte (het inkomen boven het bestaansminimum) over de schuldeisers, controleert de naleving van de saneringsverplichtingen (Fw art. 304-319) en rapporteert periodiek aan de Rechter-commissaris. Na drie jaar saneringsperiode en naleving van alle verplichtingen verleent de Rechtbank de schuldenaar de schone lei (Fw art. 354-356).
Het schuldsanering plan dat bij het verzoekschrift wordt ingediend, bevat een volledige schuldenoverzicht, een inkomsten- en uitgavenanalyse, een beschrijving van de oorzaak van de schulden (toelaatbaarheidscriterium: geen te goeder trouw handelen bij het aangaan van schulden in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag conform Fw art. 288), en een voorstel voor de maandelijkse afdracht aan schuldeisers via de bewindvoerder.
Het schuldsanering plan verschilt van de vrijwillige schuldregeling (Wgs 2012 art. 3) doordat de WSNP een rechterlijk besluit vereist en schuldeisers juridisch zijn gebonden aan de saneringsregeling zodra de Rechtbank de schuldenaar toelaat. Bij de vrijwillige schuldregeling moeten alle schuldeisers instemmen.
Wanneer heeft u Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland nodig?
Een Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland is nodig in de volgende situaties.
Na mislukking van het minnelijk traject. De WSNP kan alleen worden aangevraagd nadat het minnelijk schuldhulpverleningstraject via de gemeente aantoonbaar is mislukt (Fw art. 284 lid 3 jo. Wgs art. 3). Het schuldsanering plan vormt de kern van het verzoekschrift en documenteert de schuldenpositie, de oorzaak en het mislukte minnelijk traject. Zonder dit plan kan de Rechtbank het verzoek niet beoordelen.
Toelating tot WSNP via 'dwangakkoord' (Fw art. 287a). Als een of meer schuldeisers een redelijk voorstel in het minnelijk traject hebben geweigerd, kan de schuldenaar via een verzoekschrift bij de Rechtbank een dwangakkoord vorderen: de Rechtbank kan de weigerachtige schuldeiser opdragen alsnog in te stemmen als het aanbod redelijk is (Fw art. 287a lid 3). Het schuldsanering plan is ook voor dit traject vereist.
Verzoekschrift bij financieel overweldigde particulieren. Personen met meerdere schuldeisers, onmogelijk te dragen schuldenlasten, incassodruk en loonbeslagen dienen met een volledig schuldsanering plan te laten zien dat zij te goeder trouw zijn geweest bij het aangaan van de schulden en dat zij nu alle verplichtingen van de saneringsperiode willen nakomen.
Voormalige ondernemers bij bedrijfsbeëindiging. Een eenmanszaak-ondernemer of zzp-er die zijn onderneming heeft gestaakt en privéschulden heeft overgehouden uit de bedrijfsvoering, kan via de WSNP aandacht vragen voor zijn positie als voormalige ondernemer. De Rechtbank beoordeelt of de schulden te goeder trouw zijn ontstaan, ook voor zakelijke schulden (Fw art. 288 lid 2).
Bij dreigende gedwongen verkoop van de woning. Als een hypotheekhouder executoriaal beslag heeft gelegd op de woning, kan een schuldenaar door toelating tot de WSNP de executie tijdelijk stuiten (Fw art. 305 moratorium). Het schuldsanering plan documenteert de schuldhoogte en de woningwaarde als onderdeel van de boedelbeschrijving.
WHOA als alternatief voor grote zakelijke schuldenaren. Grote ondernemingen met schuldenaren bij meerdere crediteuren kunnen gebruik maken van de WHOA (Wet homologatie onderhands akkoord, Fw art. 370), die een minnelijk akkoord kan opleggen aan een meerderheid van schuldeisers. Het WSNP-traject is echter beperkt tot natuurlijke personen. Het WSNP-saneringsplan is dus uitsluitend voor particulieren en voormalige ondernemers.
Wat moet er in uw Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland staan?
Het Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland bevat de volgende verplichte elementen conform Faillissementswet en de Recofa-richtlijnen (Landelijk overleg van rechters-commissarissen in faillissementen).
Volledige schuldenoverzicht. Een geordende lijst van alle schulden met per schuldeiser: naam, adres, oorsprong van de schuld (hypotheek, consumptief krediet, belastingschuld Belastingdienst, alimentatieachterstand, energierekening), hoofdsom, rente en eventuele incassokosten. Vermelding van de prioriteit (preferente schulden zoals loonheffing, BTW bij de Belastingdienst en hypotheek gaan voor op concurrente schulden). Totaalbedrag van alle schulden.
Inkomsten- en uitgavenanalyse. Maandelijks netto-inkomen (loon, uitkering UWV WW of WIA, huurtoeslagen Belastingdienst, alimentatie), vaste lasten (huur of hypotheek, gas/water/licht, zorgverzekering conform Zvw), aflossingsverplichtingen en vrije ruimte. De vrije ruimte (het bedrag boven het bestaansminimum, doorgaans 95% van de NIBUD-norm) wordt maandelijks door de bewindvoerder ingehouden en verdeeld over de schuldeisers.
Oorzaak en tijdlijn van de schulden. Beschrijving van hoe en wanneer de schulden zijn ontstaan. Toelaatbaarheidseis: de schuldenaar moet te goeder trouw zijn geweest bij het aangaan van de schulden in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag (Fw art. 288 lid 1 onderdeel b). Vermeld relevante factoren: ziekte, echtscheiding, werkloosheid, mislukte onderneming. Schulden voortvloeiend uit fraude, verduistering of roekeloosheid zijn een grond voor weigering.
Resultaat minnelijk traject. Documentatie van het minnelijk schuldhulpverleningstraject via de gemeente of een NVVK-lid schuldhulpverlener: het gedane aanbod aan schuldeisers, reacties van schuldeisers, naam van de schuldeisers die weigerden. Dit onderdeel is cruciaal; zonder bewijs van mislukking minnelijk traject wijst de Rechtbank het verzoek af (Fw art. 284 lid 3).
Saneringsvoorstel. De maandelijkse afdracht die de schuldenaar bereid en in staat is te leveren aan de bewindvoerder ter verdeling onder schuldeisers, gebaseerd op de berekening van de vrije ruimte. Eventuele bijzondere omstandigheden die de saneringsperiode kunnen beïnvloeden (medische situatie, zorgverplichtingen, kinderalimentatie).
Boedelbeschrijving. Inventaris van alle vermogensbestanddelen van de schuldenaar: woning (WOZ-waarde, hypotheekschuld), voertuigen, banktegoeden, effecten, pensioenaanspraken, erfenissen te verwachten. De bewindvoerder beoordeelt welke activa te gelde worden gemaakt.
Aanvullende bijlagen. Op forms-legal.com zijn aanvullende modellen beschikbaar voor de Afbetalingsregeling (minnelijk traject), de Vrijwillige Schuldregeling (Wgs) en de Schuldbekentenis. Aangehecht: identiteitsbewijzen van alle schuldeisers, loonstroken of uitkeringsspecificaties van de afgelopen drie maanden, aanslagen Belastingdienst, huurcontracten, hypotheekakten en kredietovereenkomsten.
Hoe vult u uw Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland in?
Het invullen van het Schuldsanering Plan (WSNP) verloopt in samenwerking met de gemeentelijke schuldhulpverlener of een gespecialiseerde advocaat. Volg onderstaande stappen.
Stap 1 - Aansluiting bij schuldhulpverlening. Meld u aan bij de gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs 2012 art. 3: gemeente is verplicht binnen vier weken een intake te doen) of bij een NVVK-gecertificeerde schuldhulpverlener. De schuldhulpverlener begeleidt het minnelijk traject en stel het schuldsanering plan op voor de WSNP-aanvraag als het minnelijk traject mislukt.
Stap 2 - Alle schulden inventariseren. Verzamel alle aanmaningen, dagvaardingen, vonnissen, incassoberichten en BKR-registraties. Maak een geordende lijst van alle schuldeisers met: naam, adres, hoogte schuld, rente, vervaldatum, eventuele beslagen. Vraag een actueel BKR-overzicht op via bkr.nl. Controleer ook schulden bij de Belastingdienst via Mijn Belastingdienst (DigiD) en schulden bij UWV, SVB en gemeenten.
Stap 3 - Inkomsten en uitgaven nauwkeurig invullen. Vermeld alle maandelijkse inkomstenbronnen (nettoloon of uitkering, alimentatie, toeslag) en alle vaste lasten. Gebruik de NIBUD-normen om het bestaansminimum te berekenen; de vrije ruimte is het verschil tussen netto-inkomen en het bestaansminimum. Deze berekening is bepalend voor de maandelijkse afdracht.
Stap 4 - Oorzaak van de schulden beschrijven. Schrijf een heldere en eerlijke beschrijving van hoe de schulden zijn ontstaan: ontslag, ziekte, echtscheiding, mislukte onderneming. Vermeld de tijdlijn en welke stappen u heeft ondernomen om de schulden te verminderen. De Rechtbank beoordeelt of u te goeder trouw bent geweest (Fw art. 288 lid 1 onderdeel b).
Stap 5 - Minnelijk traject documenteren. Voeg alle correspondentie toe over het minnelijk aanbod aan schuldeisers: het aangeboden bedrag per schuldeiser, de weigeringen van schuldeisers (schriftelijke afwijzingen), het proces-verbaal van de schuldhulpverlener. Zonder dit bewijs is de WSNP-aanvraag gedoemd te mislukken.
Stap 6 - Verzoekschrift indienen bij Rechtbank. Het verzoekschrift (Fw art. 284 lid 1) wordt ingediend bij de Rechtbank van de woonplaats van de schuldenaar. Bijvoegen: het schuldsanering plan, identiteitsbewijs, bewijsstukken van het minnelijk traject, schuldenoverzicht, inkomens- en vermogensoverzicht. Griffiegeld: circa 182 EUR (2026-tarief; nihil bij gefinancierde rechtsbijstand conform Wet op de rechtsbijstand art. 26).
Stap 7 - Zitting bijwonen en toelichting geven. De Rechtbank plant een zitting (doorgaans binnen 30 dagen na indiening) waar de schuldenaar de aanvraag persoonlijk toelicht. Bereid u voor op vragen over de oorzaak van de schulden, de bereidheid tot samenwerking met de bewindvoerder, en uw inkomens- en vermogenspositie. Bijstand van een advocaat of schuldhulpverlener bij de zitting is sterk aan te bevelen.
Wettelijke vereisten voor Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland
Het Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland is gebonden aan uitgebreide wettelijke vereisten uit de Faillissementswet, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Recofa-richtlijnen.
Toelaatbaarheidsvereisten (Fw art. 288). De Rechtbank wijst het WSNP-verzoek toe als aan drie vereisten is voldaan: (1) minnelijk traject is aantoonbaar mislukt (Fw art. 284 lid 3); (2) schuldenaar is te goeder trouw bij het aangaan van de schulden in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag (Fw art. 288 lid 1 onderdeel b); (3) schuldenaar is bereid en in staat de saneringsverplichtingen na te komen (informatieplicht bewindvoerder, sollicitatieplicht, afdracht vrije ruimte, geen nieuwe schulden).
Gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs 2012). De gemeente is verplicht schuldhulpverlening aan te bieden (Wgs art. 3). Het minnelijk aanbod aan schuldeisers moet hebben plaatsgevonden via een schuldhulpverlener met een NVVK-certificaat of een advocaat. Het verzoekschrift (Fw art. 284) is het formele document dat bij de Rechtbank wordt ingediend; het schuldsanering plan is een bijlage bij het verzoekschrift.
Saneringsverplichtingen (Fw art. 304-319). Gedurende de saneringsperiode (doorgaans 36 maanden, soms 24 maanden bij coöperatieve houding) moet de schuldenaar: de vrije ruimte maandelijks afdragen aan de bewindvoerder (Fw art. 304); actief solliciteren naar werk (Fw art. 308 sollicitatieplicht); de bewindvoerder volledig informeren over wijzigingen in inkomsten, vermogen en leefsituatie (Fw art. 305 informatieplicht); geen nieuwe schulden aangaan (Fw art. 306 verbod nieuwe schulden). Overtreding van een verplichting leidt tot tussentijdse beëindiging van de saneringsregeling (Fw art. 350) zonder schone lei, met herleving van alle oorspronkelijke schulden.
Schone lei en verlenging (Fw art. 354-356). Bij naleving van alle verplichtingen verleent de Rechtbank na afloop van de saneringsperiode de schone lei: de resterende schulden worden kwijtgescholden. De Rechtbank kan de termijn verlengen (maximaal 5 jaar) als de schuldenaar zijn verplichtingen niet volledig heeft nageleefd maar de tekortkoming verschoonbaar is (Fw art. 354 lid 2).
Recofa-richtlijnen. De Recofa (Landelijk overleg van rechters-commissarissen) publiceert jaarlijks richtlijnen voor de uitvoering van de WSNP: berekening vrije ruimte, beloning bewindvoerder (Besluit salaris bewindvoerder WSNP), sollicitatieplicht en uitzonderingen. De Recofa-richtlijnen 2024 zijn de meest recente versie; de Rechtbank volgt deze richtlijnen bij de beoordeling.
Dwangakkoord (Fw art. 287a). Als een schuldeiser redelijkerwijs niet tot weigering had kunnen komen, kan de Rechtbank de schuldeiser verplichten alsnog in te stemmen. Voorwaarden: het aanbod is redelijk, de schuldeiser is de enige of voornaamste belemmering voor een minnelijk akkoord, en de schuldeiser heeft geen redelijke grond voor weigering. Toepassing in de praktijk is aanzienlijk; ABN AMRO, ING en Belastingdienst worden in de jurisprudentie regelmatig aangemerkt als weigerachtig zonder redelijke grond.
Veelgemaakte fouten bij uw Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland
Bij het Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland worden de volgende fouten regelmatig gemaakt.
Fout 1 - Onvolledige schuldenoverzicht. Schuldeisers die worden vergeten in het schuldenoverzicht, kunnen na de saneringsperiode alsnog aanspraak maken op betaling: de schone lei geldt uitsluitend voor schulden die in het plan zijn opgenomen. Controleer altijd het BKR-register, Mijn Belastingdienst, UWV-uitkeringsoverzichten en vonnissen bij de Rechtbank.
Fout 2 - Minnelijk traject onvoldoende gedocumenteerd. Zonder schriftelijk bewijs dat het minnelijk traject is doorlopen en mislukt, wijst de Rechtbank het verzoek af (Fw art. 284 lid 3). Bewaar altijd alle correspondentie met schuldhulpverlener en schuldeisers; een proces-verbaal van de schuldhulpverlener met de reacties van schuldeisers is het kernbewijs.
Fout 3 - Niet te goeder trouw bij de aanvraag. Schulden uit fraude, verduistering, oplichting, of uit roekeloze geldopname in de vijf jaar voor de aanvraag, worden door de Rechtbank aangemerkt als niet te goeder trouw (Fw art. 288 lid 1 onderdeel b). De schuldenaar moet eerlijk zijn over de oorzaak van de schulden; verzwijging leidt tot afwijzing of tussentijdse beëindiging.
Fout 4 - Nieuwe schulden tijdens saneringsperiode. Elke nieuwe schuld tijdens de saneringsperiode is een ernstige overtreding van Fw art. 306 en kan leiden tot tussentijdse beëindiging zonder schone lei. Dit omvat ook kleine schulden: onbetaalde energierekeningen, te late huurbetalingen, niet-gemelde studieschuld.
Fout 5 - Sollicitatieplicht niet naleven. De sollicitatieplicht (Fw art. 308) vereist dat de schuldenaar actief zoekt naar betaald werk om het inkomen te maximaliseren. Bewindvoerder en Rechter-commissaris controleren dit via sollicitatiebrieven en UWV-gegevens. Verwaarlozing leidt tot verslaglegging in het halfjaarrapport en mogelijk verlenging of beëindiging.
Fout 6 - Geen rechtsbijstand bij de zitting. Schuldenaars die zonder advocate of schuldhulpverlener verschijnen bij de WSNP-zitting, zijn kwetsbaarder voor afwijzing. Een advocaat kan bezwaren van de Rechtbank beantwoorden en de toelaatbaarheid bepleiten. Gefinancierde rechtsbijstand is beschikbaar bij beperkt inkomen (Wet op de rechtsbijstand art. 12; eigen bijdrage circa 196-835 EUR in 2026 afhankelijk van inkomen).
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/forms/schuldsanering-plan
"Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/forms/schuldsanering-plan.
@misc{formslegal-schuldsanering-plan,
author = {{Forms Legal}},
title = {Schuldsanering Plan (WSNP) Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/forms/schuldsanering-plan}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
De Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) is een wettelijke insolventieprocedure voor particulieren en voormalige ondernemers, geregeld in Faillissementswet art. 284-362. Na drie jaar saneringsperiode (doorgaans 36 maanden) en naleving van alle verplichtingen verleent de Rechtbank de schuldenaar de schone lei: de resterende schulden worden kwijtgescholden. Het faillissement (Fw art. 1-13) staat ook open voor particulieren maar levert geen automatische schone lei op; na het faillissement blijven onbetaalde schulden bestaan, tenzij de schuldeisers vrijwillig kwijtschelding verlenen. Bijkomend verschil: bij faillissement worden alle vermogensbestanddelen te gelde gemaakt door de curator; bij de WSNP behoudt de schuldenaar het bestaansminimum (NIBUD-norm) en beheert de bewindvoerder slechts de vrije ruimte. Kosten: WSNP-griffiegeld circa 182 EUR (nihil bij gefinancierde rechtsbijstand); faillissement-griffiegeld circa 1.900 EUR. De WSNP is in de praktijk de meest gehanteerde route voor particulieren met problematische schulden die een nieuw begin willen, terwijl faillissement vaker wordt gebruikt door ondernemingen of bij hoge vermogensbestanddelen.
Ja, Faillissementswet art. 284 lid 3 verplicht dat het minnelijk traject aantoonbaar is doorlopen en mislukt voordat de Rechtbank een WSNP-verzoek in behandeling neemt. Het minnelijk traject houdt in dat de schuldenaar via de gemeentelijke schuldhulpverlening (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening 2012 art. 3) een schuldregelingaanbod aan alle schuldeisers heeft gedaan. Als alle schuldeisers instemmen, is de minnelijke schuldregeling succesvol en is er geen WSNP nodig. Als een of meer schuldeisers weigeren, is het traject mislukt en kan het schuldsanering plan worden ingediend bij de Rechtbank. De gemeente is verplicht de schuldenaar binnen vier weken na aanmelding een intakegesprek aan te bieden (Wgs art. 3). De schuldhulpverlener legt het minnelijk aanbod (doorgaans 3 jaar lang 100% aflossing van de vrije ruimte of een percentage van de schulden) voor aan de schuldeisers en documenteert de reacties. Bij weigering van een schuldeiser kan ook een 'dwangakkoord' worden gevorderd bij de Rechtbank (Fw art. 287a) voordat het volledige WSNP-traject wordt ingegaan.
De standaard saneringsperiode bedraagt drie jaar (36 maanden) conform Faillissementswet art. 349a lid 2. In bepaalde situaties kan de periode worden verkort of verlengd. Verkorting: de Rechtbank kan de saneringsperiode verkorten tot twee jaar als de schuldenaar bijzonder coöperatief is geweest, volledig heeft voldaan aan alle verplichtingen en een hoog afdrachtspercentage heeft bereikt (Recofa-richtlijnen 2024 criterium). Verlenging: de Rechtbank kan de periode verlengen tot maximaal vijf jaar als de schuldenaar zijn verplichtingen niet volledig heeft nageleefd maar de tekortkoming verschoonbaar is (Fw art. 354 lid 2): bijv. tijdelijke ziekte waardoor sollicitatieplicht niet kon worden nagekomen, of een onverwacht inkomensverlies. Bij ernstige overtreding van verplichtingen (nieuwe schulden, informatieplicht geschonden, niet-coöperatief) kan de saneringsregeling tussentijds worden beëindigd (Fw art. 350): de schuldenaar verliest de bescherming van de WSNP en alle oorspronkelijke schulden herleven. De bewindvoerder rapporteert elke zes maanden aan de Rechter-commissaris over de voortgang; de schuldenaar kan bij elke rapportage reageren op bevindingen.
De schone lei (Fw art. 354-356) kwijeldt in principe alle schulden die in het schuldsanering plan zijn opgenomen en niet volledig zijn afgelost tijdens de saneringsperiode. Dit omvat consumptief krediet bij banken en creditcardmaatschappijen, schulden bij energiebedrijven, huurachterstanden (voor zover opgegeven aan schuldeisers), schulden bij familie en vrienden (indien opgegeven), en zakelijke schulden van voormalige ondernemers. Echter, een aantal schulden wordt NIET kwijtgescholden: (1) Schulden uit opzettelijk handelen (fraude, verduistering, oplichting) van de schuldenaar — Fw art. 358 lid 1; (2) Belastingschulden waarvoor de schuldenaar al is veroordeeld voor belastingfraude (AWR art. 69); (3) Alimentatiebetalingen (BW 1:155 jo. Fw art. 358 lid 3); (4) Schulden die de schuldenaar bewust heeft verzwegen in het schuldenoverzicht. Schuldeisers die niet zijn opgegeven in het schuldsanering plan kunnen ook na de schone lei hun vordering innen: zij vallen buiten de saneringsregeling. Zorg dus voor een volledig schuldenoverzicht om de schone lei maximaal te benutten.
Of u uw woning kunt houden tijdens de WSNP hangt af van de vermogenspositie van de woning. Als de woning overwaarde heeft (marktwaarde minus hypotheekschuld > 0), valt de overwaarde in de boedel (Fw art. 304 lid 1) en moet die in principe worden gebruikt voor de schuldeisers. De bewindvoerder kan besluiten de woning te verkopen om de overwaarde te realiseren, tenzij u zelf de overwaarde kunt uitkopen (bijv. via een nieuwe hypotheek of lening). Als de woning geen overwaarde heeft of zelfs een restschuld (marktwaarde lager dan hypotheekschuld), heeft de boedel geen direct belang bij de woning en hoeft deze niet te worden verkopen. U mag de woning dan houden, mits u de hypotheeklasten blijft betalen. De hypotheekverstrekker (bank) houdt een hypotheekrecht dat buiten de WSNP-boedel valt; de bank kan bij betalingsverzuim de woning executoriaal verkopen (BW 3:268 executoriale verkoop) ongeacht de WSNP. Bespreek met uw bewindvoerder en hypotheekadviseur of een behoud van de woning haalbaar is en of de hypotheeklasten passen binnen het bestaansminimum.
Een dwangakkoord (Fw art. 287a) is een rechterlijk besluit waarbij de Rechtbank een weigerachtige schuldeiser opdraagt alsnog in te stemmen met een minnelijk schuldregelingaanbod. Het instrument is beschikbaar voordat de schuldenaar de volledige WSNP-procedure ingaat: het is een 'tussenstap' die een dure en langdurige saneringsperiode kan voorkomen als slechts één of enkele schuldeisers het minnelijk akkoord blokkeren. Voorwaarden (Fw art. 287a lid 3): (1) De schuldenaar heeft een redelijk voorstel gedaan aan alle schuldeisers; (2) De weigerachtige schuldeiser had in redelijkheid niet tot weigering mogen komen, afgezet tegen het belang van de schuldenaar en de overige schuldeisers; (3) Een minnelijke regeling is mogelijk als de weigerachtige schuldeiser instemt. De Rechtbank weegt de belangen af en kan de weigering overrulen. Praktijkvoorbeelden waarbij rechters schuldeisers hebben gedwongen: weigering door Belastingdienst voor een formele reden terwijl de overige schuldeisers instemden, weigering door incassobureau op basis van een handelsbeleidsbeslissing. Het dwangakkoordverzoek wordt ingediend bij de Rechtbank; een advocaat of schuldhulpverlener begeleidt het verzoek.
Tijdens de WSNP-saneringsperiode heeft de schuldenaar uitgebreide verplichtingen conform Faillissementswet art. 304-319 en de Recofa-richtlijnen: (1) Afdracht vrije ruimte: het inkomen boven het bestaansminimum (NIBUD-norm 2026: ca. 95% van het sociaal minimum afhankelijk van huishoudsituatie) wordt maandelijks afgedragen aan de bewindvoerder ter verdeling over schuldeisers (Fw art. 304 lid 2); (2) Informatieplicht: de bewindvoerder volledig en tijdig informeren over wijzigingen in inkomen, vermogen, leefsituatie, erfenissen, schenkingen (Fw art. 305); (3) Sollicitatieplicht: actief werk zoeken en aanvaarden, minimaal vier sollicitatiepogingen per maand documenteren en aan bewindvoerder verstrekken (Fw art. 308; uitzonderingen bij medische ongeschiktheid); (4) Verbod nieuwe schulden: geen nieuwe schulden aangaan zonder toestemming van de bewindvoerder (Fw art. 306); (5) Verbod verrichten van rechtshandelingen: geen grote financiële transacties (aankoop woning, aandelen, auto boven 4.000 EUR) zonder toestemming bewindvoerder (Fw art. 304 lid 1); (6) Medewerking bewindvoerder: aanwezig zijn bij gevraagde afspraken, documenten verstrekken, toegang geven tot de woning voor inventarisatie (Fw art. 319). Niet-naleving van verplichtingen leidt tot een voortgangsrapport van de bewindvoerder aan de Rechter-commissaris en kan leiden tot verlenging van de saneringsperiode of tussentijdse beëindiging zonder schone lei.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Afbetalingsregeling Nederland
Vaststellingsovereenkomst voor gespreide voldoening van een bestaande schuld in maandelijkse termijnen conform BW 6:29 jo. BW 6:127 jo. BW 7:900.
Vrijwillige Schuldregeling Nederland
Minnelijk akkoord tussen schuldenaar en schuldeisers voor vrijwillige schuldenregeling conform Wgs 2012 art. 3 en BW 6:29, als alternatief voor de WSNP-procedure.
Schuldbekentenis Nederland
Eenzijdige verklaring waarin een schuldenaar het bestaan en de hoogte van een schuld erkent, met afspraken over terugbetaling, rente en verzuim conform BW 6:1 en 6:127.