Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland
RISICO-INVENTARISATIE EN -EVALUATIE (RI&E)
[Bedrijf Naam] | KvK [Bedrijf Kv K] | Versie [Rie Versie] | Datum [Rie Datum]
Conform Arbeidsomstandighedenwet art. 5 en Arbobesluit art. 2.1
1. Bedrijfsgegevens en scope
1. BEDRIJFSGEGEVENS EN SCOPE
Bedrijf: [Bedrijf Naam], gevestigd te [Bedrijf Adres], KvK-nummer [Bedrijf Kv K].
Aantal werknemers: [Aantal Werknemers]. Preventiemedewerker: [Preventie Medewerker] (Arbowet art. 13). Gecertificeerde arbodienst: [Arbodienst].
Scope: [Rie Scope].
2. Risicoanalyse per categorie
2. RISICOANALYSE PER CATEGORIE (Arbobesluit)
2.1 Fysieke belasting (Arbobesluit hfst. 5 afd. 2)
Risicoscore: [Fysiek Belasting Score]. Geplande maatregelen: [Fysiek Maatregel].
2.2 Beeldschermwerk en ergonomie (Arbobesluit art. 5.2-5.12)
Risicoscore: [Beeldscherm Score]. Geplande maatregelen: [Beeldscherm Maatregel].
2.3 Psychosociale arbeidsbelasting / PSA (Arbobesluit art. 2.15)
Risicoscore: [Psa Score]. Geplande maatregelen: [Psa Maatregel].
3. Plan van aanpak
3. PLAN VAN AANPAK (Arbobesluit art. 2.1)
Prioriteit A-maatregelen (onmiddellijke actie): [Prioriteit A].
4. Toetsing en ondertekening
4. TOETSING DOOR GECERTIFICEERDE ARBODIENST EN ONDERTEKENING
Toetsing door: [Arbodienst]. Datum toetsing: [Toetsing Datum].
Preventiemedewerker: __________________________ Datum: [Rie Datum]
[Preventie Medewerker]
Volgende herziening uiterlijk: [invullen, max vier jaar na [Rie Datum]]
Preventiemedewerker
________________
Signature
Wat is Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland?
De Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) in Nederland is het wettelijk verplichte document waarin een werkgever de arbeidsrisico's voor veiligheid, gezondheid en welzijn schriftelijk vastlegt en voorziet van een plan van aanpak, op grond van Arbeidsomstandighedenwet art. 5. De RI&E vloeit voort uit de Europese kaderrichtlijn 89/391/EEG; werkgevers met meer dan vijfentwintig werknemers moeten de RI&E laten toetsen door een gecertificeerde arbodienst, terwijl kleinere bedrijven gebruik kunnen maken van een branche-erkend RI&E-instrument.
De RI&E is gebaseerd op de Arbowet en op de Europese Kaderrichtlijn Veiligheid en Gezondheid op het werk (EU Richtlijn 89/391/EEG), die verplicht tot risicoanalyse op de werkplek voor alle EU-lidstaten. De Arbowet art. 5 lid 1 verplicht de werkgever de risico's schriftelijk vast te leggen; art. 5 lid 2 vereist dat de RI&E wordt getoetst door een gecertificeerde arbodienst of een gecertificeerde arbodeskundige (Stichting Beheer Certificatieregeling Arbodiensten, SCA) voor werkgevers met 26 of meer werknemers. Voor kleine bedrijven (1 tot 25 werknemers) bestaan branche-erkende RI&E-instrumenten die een basischeck bieden zonder verplichte externe toetsing.
De RI&E omvat minimaal de volgende risicocategorieën op grond van het Arbobesluit en de Arbeidsomstandighedenregeling: fysieke belasting (tillen, dragen, werkhoudingen, repeterende bewegingen, Arbobesluit hfst. 5 afd. 2), gevaarlijke stoffen (blootstelling aan chemische, biologische en carcinogene stoffen, Arbobesluit hfst. 4), beeldschermwerk (ergonomie, verlichting, Arbobesluit art. 5.2-5.12), lawaai (Arbobesluit art. 6.6-6.14, grenswaarden 80 dB(A) actiewaarde en 87 dB(A) grenswaarde), trillingen (Arbobesluit art. 6.11c-6.11e), psychosociale arbeidsbelasting (PSA: werkdruk, pesten, agressie en geweld, Arbobesluit art. 2.15), brand en vluchtwegen (Arbobesluit hfst. 3, ATEX), en werken op hoogte (Arbobesluit art. 7.15-7.32).
Elk geïdentificeerd risico wordt beoordeeld op waarschijnlijkheid en ernst (risicomatrix) en gekoppeld aan een maatregel conform de arbeidshygiënische strategie (Arbobesluit art. 4.4): elimineren, vervangen door minder gevaarlijk alternatief, collectieve beheersmaatregelen (afscherming, ventilatie), administratieve maatregelen (werkinstructies, beperking blootstelling), en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) als laatste redmiddel. Het Plan van aanpak (Arbobesluit art. 2.1) prioriteert de maatregelen, wijst een verantwoordelijke aan en stelt een termijn.
De RI&E moet periodiek worden herzien: minimaal elke vier jaar of eerder bij significante wijzigingen in de werkzaamheden, organisatie, gebruikte stoffen of werkmethoden. De Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) controleert de aanwezigheid en actualiteit van de RI&E tijdens arbeidsinspecties. Ontbreken van een RI&E of een niet-actuele RI&E leidt tot bestuurlijke boetes (Arbowet art. 34) en kan de aansprakelijkheid van de werkgever vergroten bij arbeidsongeval (BW art. 7:658).
Wanneer heeft u Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland nodig?
Een RI&E is wettelijk verplicht voor elke werkgever met personeel in dienst. De verplichting geldt ongeacht de grootte van het bedrijf, de sector of het type arbeidsovereenkomst.
Bij indiensttreding van de eerste werknemer. Zodra een werkgever zijn eerste werknemer in dienst neemt, is hij verplicht een RI&E op te stellen (Arbowet art. 5). Zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) zijn vrijgesteld, tenzij zij werken op een locatie waar de inlenende werkgever zijn RI&E moet uitbreiden voor ingeleend personeel.
Bij wezenlijke wijziging van werkzaamheden of organisatie. De RI&E moet worden herzien bij: introductie van nieuwe machines, processen of stoffen, reorganisatie of verhuizing, indiensttreding van bijzondere werknemerscategorieën (jeugdige werknemers, zwangere werknemers, werknemers met een beperking), en bij significante wijziging van het werk (bijv. invoering van thuiswerken conform Arbobesluit art. 5.2 beeldschermwerk).
Na een arbeidsongeval of bijna-incident. Na elk bedrijfsongeval waarbij een werknemer verzuimt of waarbij ernstig letsel ontstaat, vereist de Arbowet (art. 9) melding aan de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) bij ernstige gevallen (ziekenhuisopname, blijvend letsel, overlijden). De RI&E moet vervolgens worden herzien om vergelijkbare incidenten te voorkomen en de oorzaak te analyseren.
Bij nieuwe wetgeving of gewijzigde Arbobesluit-normen. Wanneer de normen voor blootstelling aan gevaarlijke stoffen (grenswaarden SZW-lijst carcinogene stoffen), lawaai-grenswaarden (Arbobesluit art. 6.6 e.v.) of andere arbonormen worden aangescherpt, moet de RI&E worden geactualiseerd om aan de nieuwe eisen te voldoen.
Voor uitzendkrachten en ingeleend personeel. De inlenende werkgever is verantwoordelijk voor de arbomsomstandigheden van uitzendkrachten en ingeleende medewerkers (Arbowet art. 16a). De RI&E moet de risico's voor ook deze categorie werknemers omvatten. De uitzendende werkgever of uitzendbureau dient de risico-informatie te verstrekken aan de werknemer vóór aanvang van de werkzaamheden.
Bij een thuiswerkplek. Conform de Arbowet en Arbobesluit art. 5.2 (beeldschermwerk) omvat de RI&E ook de thuiswerkplek. De werkgever beoordeelt de ergonomie van de thuiswerkplek via een RI&E-formulier dat de werknemer invult. Dit is verplicht voor structurele thuiswerkers.
Wat moet er in uw Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland staan?
Een complete en wettelijk conforme RI&E Nederland bevat de volgende elementen.
Bedrijfsgegevens en scope. Naam werkgever, KvK-nummer, vestigingsadres, naam preventiemedewerker (Arbowet art. 13), naam externe arbodienst of arbodeskundige (gecertificeerd, SCA-register), datum RI&E, versienummer, en beschrijving van de scope (welke bedrijfslocaties, afdelingen, functiegroepen zijn opgenomen).
Risicoanalyse per categorie. Systematische inventarisatie van risico's conform de Arbowet en het Arbobesluit per categorie: (1) Fysieke belasting (Arbobesluit hfst. 5 afd. 2): tillen, dragen, zitten, repeterende bewegingen, NEN-ISO-norm; (2) Gevaarlijke stoffen (Arbobesluit hfst. 4): SDS-bladen, blootstellingsmetingen, SZW-lijst; (3) Beeldschermwerk (Arbobesluit art. 5.2-5.12): ergonomie, verlichting, straling; (4) Lawaai (Arbobesluit art. 6.6-6.14): dB(A)-metingen, grenswaarden; (5) Psychosociale arbeidsbelasting (Arbobesluit art. 2.15): werkdruk, pesten, agressie; (6) Brand en vluchtroutes: BHV-plan, blusmiddelen, ATEX; (7) Werken op hoogte (Arbobesluit art. 7.15-7.32): steigers, ladders, daken.
Risicobeoordeling en prioritering. Per risico: beschrijving van het risico, waarschijnlijkheid (laag/midden/hoog), ernst van letsel/schade (gering/ernstig/fataal), risicoscore (combinatie waarschijnlijkheid × ernst), en prioriteit (A: hoog, onmiddellijk actie; B: midden, actie binnen drie maanden; C: laag, beheersen). Gebruik van een risicomatrix conform NEN-EN-ISO 31000.
Plan van aanpak. Per prioriteit A- en B-maatregel: omschrijving maatregel, verantwoordelijke persoon (naam en functie), geplande uitvoeringsdatum, en status (gepland, in uitvoering, gereed). Beheersmaatregelen conform arbeidshygiënische strategie (Arbobesluit art. 4.4): elimineren (bron), vervangen, collectief (ventilatie, afscherming), administratief (instructies), PBM (laatste redmiddel). Werknemers van forms-legal.com die ook een RI&E voor de thuiswerkplek nodig hebben, kunnen het thuiswerkbeleid-sjabloon als aanvulling gebruiken.
Toetsing door arbodienst of arbodeskundige. Voor werkgevers met 26 of meer werknemers: naam en certificaatnummer van de gecertificeerde arbodienst (SCA-register) of gecertificeerd arbodeskundige (Hv&A, VA, KA, PA). Datum toetsing, bevindingen en eventuele aanvullende aanbevelingen. Voor werkgevers met 1-25 werknemers: gebruik van branche-erkend RI&E-instrument (beschikbaar via rie.nl per branche).
BHV-organisatie. Bedrijfshulpverlening (BHV) conform Arbowet art. 15: aantal BHV'ers per vestiging, opleidingsniveau (EHBO + brandbestrijding + ontruiming), naam BHV-coördinator, datum laatste oefening, onderhoud blusmiddelen (Brandbeveiligingsnorm, NEN 2559), vluchtplan.
Preventieve maatregelen voor bijzondere werknemersgroepen. Maatregelen voor: jeugdige werknemers (Arbobesluit art. 1.37-1.43), zwangere werknemers en werknemers die borstvoeding geven (Arbobesluit art. 1.41-1.45), werknemers met een chronische ziekte of beperking (Wgbh/CZ).
Monitoring en actualisatie. Vastleggen van de herzieningsfrequentie (minimaal elke vier jaar, eerder bij significante wijzigingen). Verantwoordelijke voor de actualisatie (preventiemedewerker, HR of externe arbodienst). Procedure voor het verwerken van bevindingen uit arbeidsongevallen, bijna-incidenten en NAI-inspecties in de RI&E.
Hoe vult u uw Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland in?
Een RI&E Nederland opstellen gaat in de volgende stappen.
Stap 1 – Werkgevergegevens en scope invullen. Noteer de volledige handelsnaam, het KvK-nummer, het vestigingsadres, het aantal werknemers, de naam van de preventiemedewerker (Arbowet art. 13) en de naam van de gecertificeerde arbodienst (SCA-register, te raadplegen via arbo.nl). Bepaal de scope: welke locaties, afdelingen en functiegroepen worden beoordeeld.
Stap 2 – Werksituaties en activiteiten inventariseren. Loop alle werkplekken en activiteiten door: kantoorfuncties, productie, logistiek, buitendienst, thuiswerken. Betrek de medewerkers bij de inventarisatie; zij kennen de praktijkrisico's het best. Gebruik de checklist van de branche-erkende RI&E-tools (beschikbaar via rie.nl per branche, bijv. voor kantoor, bouw, zorg, horeca).
Stap 3 – Risico's per categorie beoordelen. Ga elke risicocategorie door (fysieke belasting, gevaarlijke stoffen, beeldschermwerk, lawaai, PSA, brand, werken op hoogte) en beoordeel per risico de waarschijnlijkheid en ernst. Gebruik een risicomatrix: laag/midden/hoog waarschijnlijkheid × gering/ernstig/fataal ernst = risicoscore. Hoge risicoscores krijgen prioriteit A (onmiddellijk actie).
Stap 4 – Plan van aanpak opstellen. Koppel elke A- en B-maatregel aan een verantwoordelijke persoon (naam en functie) en een concrete uitvoeringsdatum. Beheersmaatregelen: beginnen altijd met elimineren aan de bron, dan vervangen, dan collectief (bijv. afzuiging), dan instructies, dan PBM. Leg de maatregelen vast in het Plan van aanpak conform Arbobesluit art. 2.1.
Stap 5 – Toetsing door gecertificeerde arbodienst (bij 26+ werknemers). Stuur de RI&E ter toetsing aan uw gecertificeerde arbodienst of arbodeskundige. Verwerk de aanbevelingen in de RI&E. Noteer de naam, het certificaatnummer en de datum van toetsing in het formulier.
Stap 6 – OR-informatie en bespreking. Bespreek de RI&E met de ondernemingsraad (OR) of de personeelsvergadering. De OR heeft adviesrecht over het arbobeleid (WOR art. 25) en de preventiemedewerker treedt op als aanspreekpunt. Zorg dat het Plan van aanpak ook aan de OR beschikbaar wordt gesteld.
Stap 7 – Beschikbaar stellen aan medewerkers. De RI&E (of een samenvatting) moet beschikbaar zijn voor alle medewerkers, conform Arbowet art. 5 lid 4. Publiceer de RI&E op het intranet of in het personeelsdossier. Nieuwe medewerkers ontvangen de RI&E bij onboarding.
Stap 8 – Actualiteitscheck plannen. Plan de eerstvolgende actualisatie (uiterlijk vier jaar na de huidige datum, of eerder bij wezenlijke wijzigingen). Noteer de herzieningsdatum in het formulier. Na arbeidsongeval of bijna-incident: herzie de RI&E direct op het relevante onderdeel en documenteer de wijziging.
Stap 9 – Bewaren conform Arbowet. Bewaar de RI&E, het Plan van aanpak en de toetsingsverslagen minimaal vijf jaar. De Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) kan bij een inspectiebezoek de RI&E opvragen; ontbreken leidt tot bestuurlijke boetes (Arbowet art. 34).
Wettelijke vereisten voor Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland
De RI&E Nederland is onderworpen aan de volgende wettelijke vereisten.
Arbeidsomstandighedenwet art. 5 (RI&E-plicht). Elke werkgever met personeel is verplicht de risico's voor de veiligheid, gezondheid en welzijn van werknemers schriftelijk te inventariseren en te evalueren. De RI&E moet worden getoetst door een gecertificeerde arbodienst of arbodeskundige (voor werkgevers met 26+ werknemers). Ontbreken van een RI&E leidt tot bestuurlijke boetes tot EUR 4.500 per overtreding (Arbowet art. 34 jo. Beleidsregel 1.1 NAI).
Arbobesluit art. 2.1 (Plan van aanpak). Op basis van de RI&E stelt de werkgever een Plan van aanpak op met de prioritering van maatregelen, verantwoordelijken, termijnen en voortgangscontrole. Het Plan van aanpak is integraal onderdeel van de RI&E en moet schriftelijk beschikbaar zijn voor de OR en de medewerkers.
EU Kaderrichtlijn 89/391/EEG. De Arbowet implementeert de Europese Kaderrichtlijn Veiligheid en Gezondheid op het werk, die alle werkgevers in de EU verplicht tot preventief veiligheidsbeleid en risicoanalyse. Nederland is daardoor verplicht de RI&E-plicht te handhaven conform de EU-normen.
Arbowet art. 13 (preventiemedewerker). De werkgever met personeel is verplicht een preventiemedewerker aan te wijzen die belast is met de RI&E en de arbomaatregelen. Bij kleine bedrijven (1-25 werknemers) kan de werkgever zelf als preventiemedewerker optreden mits voldoende deskundig. De OR heeft instemmingsrecht bij de aanwijzing van de preventiemedewerker (WOR art. 27 jo. Arbowet art. 13).
Arbowet art. 9 (meldplicht arbeidsongevallen). Ernstige arbeidsongevallen (ziekenhuisopname, blijvend letsel, overlijden) moeten onmiddellijk worden gemeld bij de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI). De RI&E moet na een arbeidsongeval worden herzien op het relevante risicogebied.
BW art. 7:658 (werkgeversaansprakelijkheid). Bij een arbeidsongeval waarbij de werknemer schade lijdt, rust de bewijslast op de werkgever: hij moet aantonen dat hij zijn zorgplicht heeft nageleefd door de RI&E op te stellen, het Plan van aanpak uit te voeren en de werknemer voorlichting te geven. Ontbrekende of onvolledige RI&E vergroot de aansprakelijkheid van de werkgever.
Veelgemaakte fouten bij uw Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland
De volgende fouten worden bij het opstellen van een RI&E Nederland regelmatig gemaakt.
Fout 1 – RI&E niet periodiek bijgehouden. Werkgevers stellen éénmalig een RI&E op en vergeten de verplichte actualisatie (minimaal elke vier jaar). Een verouderde RI&E die geen rekening houdt met gewijzigde werkzaamheden, nieuwe machines of gewijzigde arbonormen, voldoet niet aan de Arbowet art. 5. De Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) controleert de actualiteitsdatum bij inspecties.
Fout 2 – Geen Plan van aanpak opgesteld. De RI&E inventariseert risico's, maar het Plan van aanpak (Arbobesluit art. 2.1) ontbreekt. Zonder Plan van aanpak is de RI&E onvolledig en niet-conform. De NAI legt hiervoor een bestuurlijke boete op. Het Plan van aanpak must prioriteiten, verantwoordelijken en concrete uitvoeringstermijnen bevatten.
Fout 3 – Toetsing door gecertificeerde arbodienst vergeten. Voor werkgevers met 26 of meer werknemers is toetsing verplicht. Werkgevers slaan deze stap soms over om kosten te besparen. Bij een NAI-inspectie of arbeidsongeval zonder gecertificeerde toetsing, is de werkgever kwetsbaar voor boetes en civielrechtelijke aansprakelijkheid (BW art. 7:658).
Fout 4 – Thuiswerkplek niet opgenomen. Werkgevers die thuiswerken toestaan, vergeten de thuiswerkplek in de RI&E op te nemen. Op grond van Arbobesluit art. 5.2 (beeldschermwerk) en Arbowet art. 5 omvat de RI&E alle werkplekken waar de werkgever verantwoordelijk voor is, inclusief thuiswerkplekken van structurele thuiswerkers.
Fout 5 – PSA-risico's onderbelicht. Psychosociale arbeidsbelasting (werkdruk, pesten, agressie) wordt door werkgevers soms als 'zacht' en minder urgent beoordeeld. De Arbowet art. 3 lid 2 en Arbobesluit art. 2.15 verplichten echter tot een expliciete beoordeling van PSA-risico's. Burn-out is de meest voorkomende oorzaak van langdurig ziekteverzuim; onderschatting leidt tot hoge loondoorbetalingskosten (BW art. 7:629) en UWV-sancties bij re-integratieverzuim (Wet verbetering poortwachter 2002).
Fout 6 – Medewerkers niet betrokken bij RI&E. De RI&E wordt alleen door HR of de arbodienst ingevuld, zonder inbreng van de medewerkers die de praktijkrisico's het best kennen. Dit leidt tot een incomplete RI&E. De Arbowet art. 12 geeft werknemers het recht bij te dragen aan het arbobeleid; de OR heeft adviesrecht (WOR art. 25). Betrek medewerkers actief via werkplekbezoeken, interviews of interne surveys.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/hr-forms/ri-e-formulier
"Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/hr-forms/ri-e-formulier.
@misc{formslegal-ri-e-formulier,
author = {{Forms Legal}},
title = {Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/employment/hr-forms/ri-e-formulier}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Ja, elke werkgever in Nederland die personeel in dienst heeft, is op grond van Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) art. 5 verplicht een RI&E op te stellen. De verplichting geldt voor alle werkgevers, ongeacht de grootte van het bedrijf, de sector of het type arbeidsovereenkomst. Zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) zijn vrijgesteld van de RI&E-verplichting, tenzij zij werken als ingeleend personeel; in dat geval is de inlenende werkgever verantwoordelijk. Voor kleine bedrijven (1 tot 25 werknemers) bestaan branche-erkende RI&E-instrumenten die via rie.nl per branche beschikbaar zijn; deze bieden een vereenvoudigde basischeck en zijn vrijgesteld van de verplichting tot externe toetsing door een gecertificeerde arbodienst. Werkgevers met 26 of meer werknemers moeten de RI&E laten toetsen door een gecertificeerde arbodienst of gecertificeerd arbodeskundige (Stichting Beheer Certificatieregeling Arbodiensten, SCA-register). Bij ontbreken van een RI&E kan de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) een bestuurlijke boete opleggen van maximaal EUR 4.500 per overtreding op grond van Arbowet art. 34 jo. Beleidsregel 1.1 NAI. Bovendien vergroot een ontbrekende RI&E de aansprakelijkheid van de werkgever bij een arbeidsongeval (BW art. 7:658).
Op grond van de Arbeidsomstandighedenwet art. 5 en de Beleidsregel 1.1 van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) moet de RI&E worden herzien zodra de omstandigheden daartoe aanleiding geven. Als richtlijn geldt: minimaal elke vier jaar bij ongewijzigde situatie. Eerder bij: introductie van nieuwe machines, werkprocessen of gevaarlijke stoffen; reorganisatie of verhuizing van werklocatie; invoering van thuiswerken als nieuwe werkwijze (Arbobesluit art. 5.2); significante wijziging van het aantal werknemers of de samenstelling van het personeelsbestand (bijv. indiensttreding van jeugdige werknemers of zwangere medewerkers); na een ernstig arbeidsongeval of bijna-incident; bij wijziging van wet- en regelgeving (nieuwe grenswaarden gevaarlijke stoffen, gewijzigde Arbobesluit-normen). De actualisatieplicht omvat ook het bijwerken van het Plan van aanpak (Arbobesluit art. 2.1) en de toetsing door de gecertificeerde arbodienst (voor werkgevers met 26+ werknemers). Plan de herzieningsdatum in het RI&E-formulier en stel een herinnering in zodat de actualisatie niet wordt vergeten. Na een arbeidsongeval moet de RI&E direct worden herzien op het relevante risicogebied en moet de oorzaakanalyse worden gedocumenteerd.
Voor werkgevers met 26 of meer werknemers is toetsing van de RI&E door een gecertificeerde arbodienst of gecertificeerd arbodeskundige verplicht op grond van Arbowet art. 14 en 14a. De gecertificeerde arbodienst of arbodeskundige staat ingeschreven in het register van de Stichting Beheer Certificatieregeling Arbodiensten (SCA, te raadplegen via arbo.nl). De arbodeskundige kan een hogere veiligheidskundige (Hv&A), veiligheidskundige (VA), arbeids- en organisatiedeskundige (KA) of bedrijfsarts (PA) zijn, afhankelijk van het type risico. Voor werkgevers met 1 tot 25 werknemers is externe toetsing niet verplicht indien gebruik wordt gemaakt van een branche-erkend RI&E-instrument (beschikbaar via rie.nl). Deze instrumenten zijn goedgekeurd door de sociale partners van de betreffende branche en bieden een vereenvoudigde risicobeoordeling. De interne preventiemedewerker (Arbowet art. 13) is verantwoordelijk voor het opstellen van de RI&E en het Plan van aanpak, maar is geen onafhankelijke toetser. De OR heeft adviesrecht over het arbobeleid (WOR art. 25) en kan aanbevelingen doen voor verbetering van de RI&E. Bij geschillen over de RI&E kan de werknemer of de OR een klacht indienen bij de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI, klachtenloket via nlarbeidsinspectie.nl).
Een ontbrekende of onvolledige RI&E heeft meerdere ernstige gevolgen voor de werkgever in Nederland. Ten eerste: bestuurlijke boetes van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI). Op grond van Arbowet art. 34 jo. Beleidsregel 1.1 NAI legt de arbeidsinspecteur een bestuurlijke boete op van maximaal EUR 4.500 per overtreding bij ontbreken van de RI&E. Ontbreken van het Plan van aanpak levert een afzonderlijke overtreding op. Ten tweede: verhoogde civielrechtelijke aansprakelijkheid bij arbeidsongeval. Op grond van BW art. 7:658 rust de bewijslast bij een arbeidsongeval op de werkgever: hij moet aantonen dat hij zijn zorgplicht heeft nageleefd. Ontbreekt de RI&E, dan kan de werkgever dit bewijs niet leveren en is hij aansprakelijk voor de schade van de werknemer. Ten derde: uitbreiding van loondoorbetalingsplicht bij UWV-loonsanctie. Indien de werkgever bij langdurig ziekteverzuim zijn re-integratieverplichtingen niet nakomt (mede door ontbrekend arbobeleid), kan UWV een loonsanctie opleggen: verlenging van de loondoorbetalingsplicht met maximaal één jaar (Wet verbetering poortwachter 2002). Ten vierde: reputatieschade en verlies van aanbestedingskwalificaties. Overheidsopdrachten en enkele sector-aanbestedingen vereisen een aantoonbaar arbobeleid, inclusief actuele RI&E, als selectiecriterium. Ontbrekende documentatie kan leiden tot diskwalificatie.
Ja, de RI&E moet ook de thuiswerkplek omvatten voor werknemers die structureel thuiswerken. Op grond van Arbobesluit art. 5.2 (beeldschermwerk) gelden de ergonomische eisen ook voor de thuiswerkplek. De werkgever is verantwoordelijk voor de arbomsomstandigheden van alle werkplekken waar werknemers hun arbeid verrichten, inclusief de thuiswerkplek. Dit volgt uit Arbowet art. 5 jo. art. 1 lid 3 sub b (definitie arbeidsplaats). In de praktijk: de werkgever stelt een RI&E-vragenlijst thuiswerkplek ter beschikking aan de werknemer. De werknemer vult de vragenlijst in en dient deze in bij HR. De werkgever beoordeelt de ingevulde vragenlijst en stelt zo nodig maatregelen voor (ergonomische voorzieningen, bijdrage in bureau of stoel). De thuiswerkplek-RI&E is beperkt: de werkgever kan de thuiswerkplek niet zelf inspecteren zonder toestemming van de werknemer (privédomein). De werkgever baseert zich op de zelf ingevulde vragenlijst van de werknemer. Medewerkers die thuiswerken op grond van de Wet werken waar je wilt (Wvwjw) hebben bij de aanvraag het thuiswerkplek-RI&E-formulier ingevuld; dit is onderdeel van de aanvraagprocedure in het thuiswerkbeleid.
De preventiemedewerker speelt een centrale rol bij de opstelling, uitvoering en actualisatie van de RI&E. Op grond van Arbowet art. 13 is elke werkgever verplicht een preventiemedewerker aan te wijzen. De taken van de preventiemedewerker omvatten: coördinatie van de RI&E-cyclus (inventarisatie, beoordeling, actualisatie), opstellen van het Plan van aanpak in samenwerking met HR en leidinggevenden, contact met de gecertificeerde arbodienst of arbodeskundige bij de toetsing, voorlichting en instructie van medewerkers over arborisico's (Arbowet art. 8), bijhouden van het register van arbeidsongevallen en bijna-incidenten (Arbowet art. 9), en deelname aan het werkoverleg met de OR (WOR art. 25 adviesrecht). Bij kleine bedrijven (1-25 werknemers) mag de werkgever zelf als preventiemedewerker optreden mits aantoonbaar deskundig (certificaat preventiemedewerker, bijv. NIBHV). Bij grotere bedrijven (25+ werknemers) is een specifiek aangewezen medewerker vereist. De OR heeft instemmingsrecht bij de aanwijzing van de preventiemedewerker (WOR art. 27 lid 1 sub d). De preventiemedewerker werkt samen met de bedrijfsarts, de veiligheidskundige en de arbeidshygiënist van de gecertificeerde arbodienst. De Nederlandse Arbeidsinspectie (NAI) beoordeelt bij een inspectie de kwalificaties van de preventiemedewerker en de aantoonbaarheid van zijn taken.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Thuiswerkbeleid Nederland
Formeel thuiswerkbeleid voor werkgevers in Nederland, gebaseerd op de Wet werken waar je wilt en de Arbeidsomstandighedenwet. Regelt aanvraag, goedkeuring, arbovoorzieningen en vergoedingen voor structureel thuiswerken.
Personeelshandboek Nederland
Formeel personeelshandboek voor Nederlandse werkgevers met OR-instemmingsrecht. Bevat arbeidsvoorwaarden, gedragscode, verzuimbeleid, veiligheidsregels en disciplinaire procedure conform BW 7:655 en WOR art. 27.
Ziekmelding Formulier (Eerste ziektedag)
Officieel ziekmeldingsformulier werknemer aan werkgever conform BW 7:629 (loondoorbetaling 70%) en Wet verbetering poortwachter (Wvp 2002), met eerste ziektedag, contactgegevens, bedrijfsarts en reintegratie.
Arbeidsovereenkomst voor Onbepaalde Tijd Nederland
Vaste arbeidsovereenkomst zonder einddatum tussen werkgever en werknemer conform Burgerlijk Wetboek Boek 7 art. 7:610 e.v. Bevat functie, loon, werktijden, proeftijd, vakantie, opzegging en CAO-bepalingen.