Eigen Aangifte Faillissement Nederland
VERZOEKSCHRIFT EIGEN AANGIFTE FAILLISSEMENT
Conform Faillissementswet art. 4 en Rv art. 278
Aan: De Rechtbank [Rechtbank Locatie], sector Civiel / Insolventie
Datum: [Aangiefte Datum]
SCHULDENAAR (VERZOEKER)
Naam: [Schuldenaar Naam]
Adres: [Schuldenaar Adres]
Type schuldenaar: [Schuldenaar Type]
KVK-nummer: [Kvk Nummer]
Advocaat / gemachtigde: [Advocaat Naam]
Hierna aangeduid als 'schuldenaar', verzoeker in deze zaak.
GRONDEN VAN HET VERZOEK
Verzoeker heeft opgehouden te betalen in de zin van Faillissementswet art. 1 met ingang van [Ophouden Datum].
Reden van insolventie: [Redenen Insolventie]
Verzoeker beschikt niet langer over voldoende liquide middelen om zijn opeisbare schulden te voldoen en voorziet geen reële mogelijkheid om dit binnen afzienbare tijd te herstellen.
STAAT VAN BATEN (ACTIVA)
Banksaldo op datum aangifte: EUR [Bank Saldo]
Overige activa:
[Overige Activa]
Totaal geschatte activa: EUR [Totaal Activa]
Bijlagen bij staat van baten: recente bankafschriften, voertuigdocumenten, taxatierapporten.
STAAT VAN SCHULDEN (PASSIVA)
[Schulden Omschrijving]
Totaal schulden: EUR [Totaal Passiva]
Bijlagen bij staat van schulden: facturen, aanmaningsbrieven, vonnissen, belastingaanslagen.
VERZOEK AAN DE RECHTBANK
Op grond van het vorenstaande verzoekt schuldenaar de Rechtbank [Rechtbank Locatie]:
1. [Schuldenaar Naam] in staat van faillissement te verklaren conform Faillissementswet art. 4 jo. art. 1;
2. Een curator te benoemen die belast wordt met het beheer en de vereffening van de faillissementsboedel conform art. 14 lid 1 Fw;
3. Een rechter-commissaris te benoemen die toezicht houdt op het beheer en de vereffening conform art. 64 Fw;
4. De dag van de terechtzitting zo spoedig mogelijk te bepalen en verzoeker op te roepen conform art. 6 lid 1 Fw.
ONDERTEKENING
Opgemaakt te [woonplaats], op [Aangiefte Datum].
Handtekening schuldenaar: ________________________
[Schuldenaar Naam]
Handtekening advocaat / gemachtigde (indien van toepassing): ________________________
[Advocaat Naam]
Schuldenaar
________________
Signature
Wat is Eigen Aangifte Faillissement Nederland?
Een eigen aangifte faillissement in Nederland is een verzoekschrift waarmee een schuldenaar de rechtbank verzoekt hem in staat van faillissement te verklaren conform Faillissementswet art. 4. De schuldenaar erkent daarmee dat hij heeft opgehouden te betalen — het wettelijke criterium voor faillissement neergelegd in Faillissementswet art. 1. Bij toewijzing benoemt de rechtbank een curator die het vermogen beheert, schulden inventariseert en de boedel afwikkelt conform Faillissementswet art. 14. De eigen aangifte onderscheidt zich van een aanvraag door een schuldeiser (art. 1 lid 2 Fw) doordat de schuldenaar zelf de regie neemt over het moment van aangifte, waardoor ordelijke overdracht aan een curator mogelijk is. De behandeling vindt plaats door de Rechtbank (sector civiel/handel) die bevoegd is op grond van woonplaats of statutaire vestiging van de schuldenaar conform Rv art. 262. Na uitspraak verschijnt het vonnis van faillietverklaring in de Staatscourant en in het Centraal Insolventieregister (CIR). Zodra het faillissement is uitgesproken, treedt een algemeen beslag op alle goederen van de schuldenaar in werking conform Faillissementswet art. 20. De schuldenaar verliest het beheer en de beschikking over zijn vermogen. De curator neemt de boedel over, stelt een lijst van crediteuren op, verkoopt activa en keert opbrengsten pro rata uit aan erkende crediteuren. Voor ondernemers bestaat naast het faillissement ook de mogelijkheid van surseance van betaling (art. 214 Fw) of, bij aannemelijke levensvatbaarheid, het WHOA-akkoord (art. 370 Fw). Particulieren met schulden die niet in het faillissement worden gehonoreerd kunnen na afloop een WSNP-traject (Wet schuldsanering natuurlijke personen, art. 284 Fw) aanvragen. Het verzoekschrift eigen aangifte dient schriftelijk te worden ingediend via de rechtbank met vermelding van een verificatievergadering (art. 108 Fw) en dient vergezeld te gaan van een staat van baten en schulden (art. 6 lid 3 jo. art. 4 lid 3 Fw).
Wanneer heeft u Eigen Aangifte Faillissement Nederland nodig?
Een eigen aangifte faillissement in Nederland is nodig wanneer een schuldenaar heeft opgehouden te betalen aan zijn schuldeisers en geen realistisch vooruitzicht meer bestaat op herstel buiten een formeel insolventietraject. De aangifte is aangewezen als (1) meerdere schuldeisers onbetaald blijven, (2) beslaglegging dreigt of reeds is gelegd op bankrekeningen of goederen, (3) een WHOA-akkoord of surseance van betaling niet haalbaar is gebleken, of (4) de schuldenaar wil voorkomen dat een schuldeiser het faillissement aanvraagt via art. 1 lid 2 Fw, wat de schuldenaar minder regie geeft. Eigen aangifte doen heeft voordelen: de schuldenaar kan de curator van tevoren informeren, activa ordelijk overdragen en voorkomen dat lopende bedrijfsprocessen abrupt worden stilgelegd. Voorafgaand aan de eigen aangifte dient te worden onderzocht of alternatieven zoals WSNP (voor particulieren, Fw art. 284), minnelijk schuldhulptraject (Gemeentelijke Kredietbank) of het WHOA-homologatietraject (Fw art. 370 e.v.) niet geschikter zijn. Voor rechtspersonen (BV, NV) geldt dat het bestuur krachtens zijn verantwoordelijkheid tijdig aangifte dient te doen om aansprakelijkheid van bestuurders wegens onbehoorlijk bestuur (BW 2:248) te voorkomen. Een te late aangifte kan leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid als de rechtbank vaststelt dat het bestuur wist of behoorde te weten dat schulden niet meer betaald konden worden.
Wat moet er in uw Eigen Aangifte Faillissement Nederland staan?
Een correct verzoekschrift eigen aangifte faillissement in Nederland bevat ten minste de volgende elementen conform Faillissementswet art. 4 en Rv art. 278. Ten eerste de identiteitsgegevens van de schuldenaar: volledige naam, adres, woonplaats en — bij een rechtspersoon — het KVK-nummer (Kamer van Koophandel), de statutaire naam en vestigingsadres. Ten tweede de bevoegde rechtbank: op grond van woonplaats (Rv art. 262) of feitelijke vestiging. Ten derde de verklaring dat de schuldenaar heeft opgehouden te betalen conform Fw art. 1: dit is het materiële criterium voor faillissement en dient uitdrukkelijk in het verzoekschrift te worden opgenomen. Ten vierde een staat van baten en schulden: een overzicht van alle activa (bankrekeningen, onroerend goed, voertuigen, vorderingen, inventaris) en alle passiva (uitstaande schulden per crediteur met bedrag en vervaldatum) conform art. 4 lid 3 jo. art. 6 lid 3 Fw. Ten vijfde een lijst van crediteuren met namen, adressen en vorderingsbedragen. Ten zesde bijgevoegde bewijsstukken: recente jaarrekening, bankafschriften over de laatste drie maanden, loonaangiften (voor werkgevers), aanmaning- en incassobrieven. De staat van baten en schulden is cruciaal: een onvolledige staat kan leiden tot afwijzing of later tot aansprakelijkheid van de schuldenaar wegens het verschaffen van onjuiste inlichtingen (art. 340 Sr). Bij het gebruik van forms-legal.com vult u stap voor stap uw gegevens in en genereert u een compleet verzoekschrift eigen aangifte faillissement dat u kunt indienen bij de rechtbank. Voor BV's en andere rechtspersonen kan een notarieel of rechtbankgelegaliseerde handtekening vereist zijn.
Hoe vult u uw Eigen Aangifte Faillissement Nederland in?
Vul het formulier eigen aangifte faillissement in Nederland als volgt in. Stap 1 — Schuldenaar: vermeld uw volledige naam of de statutaire naam van de rechtspersoon, uw BRP-adres of vestigingsadres conform KVK, uw BSN (burgerservicenummer) of KVK-nummer, en eventueel de naam van een advocaat of gemachtigde. Stap 2 — Type schuldenaar: selecteer of u een natuurlijk persoon (particulier of eenmanszaak) of een rechtspersoon (BV, NV, VOF, stichting) bent. Dit bepaalt welke bijlagen vereist zijn en welke wettelijke verplichtingen gelden. Stap 3 — Bevoegde rechtbank: kies de rechtbank van uw woonplaats of vestigingsplaats. Nederland heeft elf rechtbanken (Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht, Midden-Nederland, Noord-Holland, Noord-Nederland, Oost-Brabant, Overijssel, Limburg, Zeeland-West-Brabant). Stap 4 — Verklaring ophouden betalen: formuleer duidelijk dat u heeft opgehouden te betalen, met vermelding van de datum waarop u dat redelijkerwijs heeft vastgesteld. Stap 5 — Staat van baten: lijst van alle bezittingen met geschatte waarden. Stap 6 — Staat van schulden: lijst van alle schuldeisers, vorderingsbedragen, vervaldatums en eventuele zekerheden (hypotheek, pand). Stap 7 — Datum en ondertekening: vermeld datum en onderteken het verzoekschrift. Bij rechtspersonen ondertekenen alle bevoegde bestuurders. Na het invullen downloadt u het document en dient u het in bij de rechtbank, eventueel per post of via het REG-formulier via de rechtbank-website. Betaal het griffierecht (circa EUR 300-700 afhankelijk van rechtsvorm en rechter).
Wettelijke vereisten voor Eigen Aangifte Faillissement Nederland
De wettelijke vereisten voor eigen aangifte faillissement in Nederland vloeien voort uit de Faillissementswet en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Fw art. 1 stelt het materiële criterium: de schuldenaar dient te hebben opgehouden te betalen. Dit betekent dat hij meerdere schuldeisers heeft en niet aan zijn opeisbare verplichtingen kan voldoen. Fw art. 4 regelt de eigen aangifte: het verzoek wordt ingediend bij de bevoegde rechtbank via een verzoekschrift conform Rv art. 278. De rechtbank behandelt het verzoek ter zitting (art. 6 lid 1 Fw). Indien de rechtbank het verzoek toewijst, spreekt zij het faillissement uit bij vonnis (art. 16 Fw) en benoemt zij een curator (art. 14 lid 1 Fw). Publicatie volgt in de Staatscourant en het Centraal Insolventieregister conform art. 14 lid 3 Fw. Bijlagen conform art. 4 lid 3 Fw: staat van baten en schulden, lijst van crediteuren, laatste jaarrekening (voor rechtspersonen). Na faillietverklaring rust op de schuldenaar een inlichtingenplicht jegens de curator (art. 105 Fw) en een medewerkingsplicht bij boedelbeschrijving (art. 104 Fw). Schending kan leiden tot strafrechtelijke aansprakelijkheid wegens bedrieglijke bankbreuk (art. 341 Sr) of eenvoudige bankbreuk (art. 344 Sr). Griffierecht: conform de Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) bedraagt het griffierecht circa EUR 300-700. Voor particulieren bestaat mogelijkheid van vermindering via toevoeging (rechtsbijstand) Wet op de rechtsbijstand art. 22.
Veelgemaakte fouten bij uw Eigen Aangifte Faillissement Nederland
Veelgemaakte fouten bij het indienen van een eigen aangifte faillissement in Nederland zijn de volgende. Fout 1: onvolledige staat van baten en schulden. Een onvolledige opgave van activa of passiva is de meest voorkomende reden voor vertraging of afwijzing. Vergeet geen bankrekeningen, crypto-wallets, aanspraken op loon of uitkering, en schulden aan de Belastingdienst of UWV. Fout 2: verkeerde rechtbank. Dien het verzoek in bij de rechtbank van uw woonplaats of feitelijke vestiging (Rv art. 262). Bij meerdere vestigingen is de rechtbank van de hoofdvestiging bevoegd. Fout 3: wachten tot een schuldeiser aangifte doet. Een schuldeiser die faillissement aanvraagt heeft minder reden om mee te werken aan een ordelijke overdracht. Eigen aangifte geeft de schuldenaar meer regie en voorkomt verrassingen. Fout 4: te laat aangifte doen als bestuurder van een BV. Bestuurdersaansprakelijkheid wegens onbehoorlijk bestuur (BW 2:248) dreigt als het bestuur wist of behoorde te weten dat het faillissement niet meer afgewend kon worden maar toch niets deed. Fout 5: vergeten griffierecht te betalen. Zonder betaling van het griffierecht wordt het verzoek niet in behandeling genomen. Vraag zo nodig om vermindering via toevoeging. Fout 6: niet nadenken over alternatieven. Een WHOA-akkoord (Fw art. 370) of surseance van betaling (Fw art. 214) kan voor levensvatbare ondernemingen voordeliger zijn dan faillissement.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Eigen Aangifte Faillissement Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/government/court-forms/nl-insolventie-aangifte-eigen
"Eigen Aangifte Faillissement Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/government/court-forms/nl-insolventie-aangifte-eigen.
@misc{formslegal-nl-insolventie-aangifte-eigen,
author = {{Forms Legal}},
title = {Eigen Aangifte Faillissement Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/government/court-forms/nl-insolventie-aangifte-eigen}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Bij een eigen aangifte faillissement dient de schuldenaar zelf het verzoekschrift in bij de rechtbank conform Faillissementswet art. 4. Bij een faillissementsaanvraag door een schuldeiser doet een of meerdere schuldeisers het verzoek op grond van art. 1 lid 2 Fw. Het juridische criterium is gelijk — de schuldenaar heeft opgehouden te betalen — maar het initiatief en de timing verschillen. Bij eigen aangifte heeft de schuldenaar meer regie: hij bepaalt het moment van indiening, kan van tevoren de bedrijfsvoering afronden, personeel informeren en activa ordelijk overdragen aan de toekomstige curator. Bij een aanvraag door een schuldeiser heeft de schuldenaar minder invloed op het tijdstip en kan het faillissement op een ongelegen moment worden uitgesproken, wat de chaos vergroot. Bovendien moet bij een aanvraag door een schuldeiser worden aangetoond dat de schuldeiser een opeisbare vordering heeft, terwijl de schuldenaar bij eigen aangifte dit bewijs niet hoeft te leveren ten aanzien van zijn eigen schulden. In de praktijk kiezen bestuurders van insolvente BV's en NV's vaak voor eigen aangifte om bestuurdersaansprakelijkheid wegens onbehoorlijk bestuur (BW 2:248) te beperken en de gecontroleerde afwikkeling te bevorderen.
Bij het verzoekschrift eigen aangifte faillissement dienen conform Faillissementswet art. 4 lid 3 jo. art. 6 lid 3 ten minste de volgende bijlagen te worden gevoegd. Ten eerste een staat van baten: een gespecificeerd overzicht van alle bezittingen van de schuldenaar, inclusief banktegoeden (met rekeningnummers en saldo op datum indiening), onroerend goed (met WOZ-waarde en eventuele hypotheekschuld), voertuigen (kenteken en waarde conform Marge-RDW), inventaris en bedrijfsmiddelen (dagwaarde), vorderingen op derden, aandelen of deelnemingen, en eventuele cryptocurrency-wallets. Ten tweede een staat van schulden: alle crediteuren met naam, adres, vorderingsbedrag, vervaldatum en eventuele zekerheden (hypotheek, pandrecht, borgstelling). Ten derde de meest recente jaarrekening (voor rechtspersonen conform BW 2:394) of — bij ontbreken — een balans opgesteld door de accountant of de schuldenaar zelf. Ten vierde bankafschriften over de laatste drie maanden van alle rekeningen. Ten vijfde voor werkgevers: loonaangiften en eventuele achterstallige loonbetalingen. Ten zesde aanmaningsbrieven en gerechtelijke stukken van schuldeisers. Een onvolledige staat van baten en schulden is de meest voorkomende reden voor vertraging. Zorg dat u niets vergeet: zelfs kleine bezittingen of schulden dienen te worden opgenomen.
De behandeling van een eigen aangifte faillissement door de Nederlandse rechtbank is doorgaans snel. De rechtbank roept de schuldenaar op voor een zitting, die in de meeste gevallen binnen een tot twee weken na indiening van het verzoekschrift plaatsvindt conform Faillissementswet art. 6 lid 1. Na de zitting doet de rechtbank vrijwel direct — nog dezelfde dag of binnen enkele dagen — uitspraak bij vonnis conform art. 16 Fw. Bij toewijzing benoemt de rechtbank onmiddellijk een curator en een rechter-commissaris. Het vonnis van faillietverklaring wordt dezelfde dag of de eerstvolgende werkdag gepubliceerd in het Centraal Insolventieregister (CIR) en in de Staatscourant conform art. 14 lid 3 Fw. Vanaf dat moment staat de schuldenaar formeel failliet en verliest hij het beheer en de beschikking over zijn vermogen (art. 23 Fw). Het gehele proces van indiening tot uitspraak duurt in de praktijk een tot drie weken. De afwikkeling van het faillissement door de curator — verificatievergadering, verkoop activa, uitdelingslijst — kan maanden tot jaren in beslag nemen afhankelijk van de complexiteit van de boedel.
Bij faillietverklaring van een natuurlijk persoon (particulier of eenmanszaak) valt in beginsel het gehele vermogen in de faillissementsboedel conform Faillissementswet art. 20. De curator beheert alle bezittingen en verkoopt deze ten behoeve van schuldeisers. Er zijn echter wettelijke uitzonderingen (art. 21 Fw) op het beginsel van algeheel beslag. Zo vallen bepaalde goederen die noodzakelijk zijn voor het levensonderhoud of de uitoefening van een beroep buiten de boedel, zoals kleding, beddengoed en gereedschap tot een redelijke waarde. Inkomsten na datum faillietverklaring die boven een door de rechter-commissaris vastgesteld vrij te laten bedrag uitkomen, vloeien naar de boedel (art. 295 Fw voor WSNP-traject). Voor woningen geldt dat de curator de hypotheekhouder zal laten overgaan tot executie of zelf het pand te gelde maakt. Na afwikkeling van het faillissement resteren doorgaans niet-geverifieerde schulden: schuldeisers die niet volledig zijn voldaan behouden in principe een vordering op de schuldenaar. Om definitief schuldenvrij te worden, kan een particulier daarna een WSNP-traject (Wet schuldsanering natuurlijke personen, Fw art. 284) aanvragen of via Gemeentelijke Kredietbank een minnelijk schuldhulptraject doorlopen.
Ja. Als bestuurder van een BV kunt u persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor het tekort in de faillissementsboedel als u uw taak onbehoorlijk heeft vervuld en dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement, conform BW 2:248. Onbehoorlijk bestuur wordt in de wet vermoed aanwezig te zijn als de BV niet voldoet aan haar publicatieplicht (jaarrekening tijdig deponeren conform BW 2:394) of aan haar boekhouding (BW 2:10). Te late aangifte is op zichzelf niet automatisch onbehoorlijk bestuur, maar als de rechtbank vaststelt dat u als bestuurder wist of behoorde te weten dat faillissement onafwendbaar was en u desondanks geen aangifte deed terwijl u schuldeisers onnodig benaderde — door nieuwe schulden te maken, activa te vervreemden of selectief schuldeisers te betalen — dan kan de curator u persoonlijk aanspreken voor het gehele tekort in de boedel. Paulianeuze betalingen (art. 42 Fw) in de verdachte periode van een jaar voor faillissement kunnen worden teruggedraaid door de curator. De verjaringstermijn voor een bestuurdersaansprakelijkheidsvordering bedraagt vijf jaar na de dag van faillietverklaring (BW 3:310 lid 1). Tijdige eigen aangifte in combinatie met een volledige staat van baten en schulden verkleint het risico op persoonlijke aansprakelijkheid aanzienlijk.
Nederland kent drie hoofdtrajecten bij insolventie, elk met een ander doel en toepassingsgebied. Faillissement (Fw art. 1-212) is het liquidatietraject: de schuldenaar heeft opgehouden te betalen, de curator verkoopt alle activa en verdeelt de opbrengst over schuldeisers. Het bedrijf houdt in de regel op te bestaan. Eigen aangifte is geregeld in art. 4 Fw. Surseance van betaling (Fw art. 214-318) is het moratoriumtraject: de schuldenaar vraagt tijdelijk uitstel van betaling aan zolang er redelijke verwachting bestaat dat schulden later kunnen worden voldaan. Surseance stuit ook schuldeisers, maar is tijdelijk (maximaal 18 maanden verlengbaar) en leidt doorgaans tot faillissement als geen akkoord wordt bereikt. Het WHOA-akkoord (Wet homologatie onderhands akkoord, Fw art. 370-420, in werking 2021) biedt levensvatbare bedrijven de mogelijkheid een dwangakkoord aan te bieden aan schuldeisers, waarbij een meerderheid een tegenstemmende minderheid kan binden — zonder tussenkomst van een curator. WHOA is het meest innovatieve instrument en kan het faillissement voorkomen als de kernactiviteiten nog rendabel zijn maar de schuldenlast te hoog is. De keuze tussen de drie trajecten hangt af van de levensvatbaarheid van de onderneming: WHOA voor levensvatbare kern, surseance als tijdelijk uitstel reëel is, faillissement bij definitieve insolventie.
Het indienen van een eigen aangifte faillissement bij de rechtbank brengt griffierecht met zich mee. Het griffierecht is gebaseerd op de Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) en bedraagt in 2026 circa EUR 309 voor een natuurlijk persoon zonder advocaat en EUR 676-741 voor rechtspersonen en zaken mét rechtsbijstand door een advocaat. De exacte bedragen zijn te raadplegen op rechtspraak.nl/griffierecht. Voor particulieren met een laag inkomen bestaat de mogelijkheid van toevoeging — gefinancierde rechtsbijstand via de Raad voor Rechtsbijstand conform de Wet op de rechtsbijstand art. 22 — waarmee het griffierecht wordt verminderd tot EUR 89-196 afhankelijk van het inkomen. Naast het griffierecht zijn er geen verplichte kosten voor eigen aangifte door de schuldenaar zelf, maar in de praktijk maakt u ook kosten voor het opstellen van de staat van baten en schulden door een accountant (circa EUR 500-2.000), en eventueel voor een advocaat die het verzoekschrift opstelt (circa EUR 750-2.000). Na faillietverklaring worden curatorkosten ten laste van de boedel gebracht; zijn er geen of weinig activa dan betaalt de schuldenaar hiervoor niets extra. Met behulp van forms-legal.com kunt u het verzoekschrift eigen aangifte zelf opstellen en zo de kosten voor juridische bijstand verlagen.
Na faillietverklaring bestaan er beperkingen maar ook mogelijkheden. Als particulier of eenmanszaak mag u in beginsel na het faillissement opnieuw een onderneming starten — het faillissement van een eenmanszaak is immers het faillissement van de persoon zelf, en zodra het faillissement is afgewikkeld en u eventueel een schone lei heeft via WSNP (Fw art. 350), staat u vrij. Als bestuurder van een gefailleerde BV kunt u in beginsel direct een nieuwe BV oprichten en daarin bestuurder worden, tenzij de rechtbank een bestuursverbod heeft opgelegd conform BW 2:106a. Een bestuursverbod (maximum drie jaar) wordt opgelegd als de bestuurder paulianeus heeft gehandeld, de administratieplicht ernstig heeft verwaarloosd of bewust onjuiste inlichtingen heeft verstrekt. Het bestuursverbod geldt voor alle Nederlandse rechtspersonen en wordt geregistreerd in het Handelsregister van de KVK. Buiten Nederland geldt het Nederlandse bestuursverbod niet automatisch, maar buitenlandse registers worden steeds meer gekoppeld via EU-richtlijnen inzake bestuurders. Een faillissement staat niet in het Strafblad (Justitieel Documentatiesysteem) tenzij strafrechtelijk bedrieglijke bankbreuk (art. 341 Sr) is vastgesteld. Kredietregistratie bij BKR en kredietverstrekkers zal echter langdurig — doorgaans vijf jaar na afwikkeling — zichtbaar zijn, wat nieuwe financiering bemoeilijkt.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Schuldbekentenis Nederland
Eenzijdige verklaring waarin een schuldenaar het bestaan en de hoogte van een schuld erkent, met afspraken over terugbetaling, rente en verzuim conform BW 6:1 en 6:127.
Afbetalingsregeling Nederland
Vaststellingsovereenkomst voor gespreide voldoening van een bestaande schuld in maandelijkse termijnen conform BW 6:29 jo. BW 6:127 jo. BW 7:900.
Borgstellingsovereenkomst Nederland
Schriftelijke borgtocht waarbij een borg zich verbindt tot nakoming van de verplichting van een hoofdschuldenaar jegens een schuldeiser conform BW 7:850-870.
Geldleningsovereenkomst Nederland
Schriftelijke overeenkomst van verbruikleen tussen uitlener en lener met hoofdsom, rente, aflossing en zekerheid conform BW Boek 7 titel 2C art. 129-134.