Factoringovereenkomst Nederland
FACTORINGOVEREENKOMST
Cessie van handelsvorderingen conform Burgerlijk Wetboek Boek 3 artikel 94 en opdrachtbepalingen BW Boek 7 titel 7 art. 400-413
Partijen
DE ONDERGETEKENDEN:
1. CEDENT (factoringklant)
Naam: [Cedent Naam]
Adres: [Cedent Adres]
KVK-nummer: [Cedent Kvk]
BTW-nummer: [Cedent Btw]
Vertegenwoordigd door: [Cedent Tekeningsbevoegde]
IBAN: [Cedent Iban]
2. FACTOR (factormaatschappij)
Naam: [Factor Naam]
Adres: [Factor Adres]
KVK-nummer: [Factor Kvk]
AFM-vergunning: [Factor Afm]
IBAN: [Factor Iban]
Factoring en cessie
ARTIKEL 1 - FACTORINGREGIME
1.1 Type factoring: [Factoring Vorm].
1.2 Cessiemethodiek: [Cessie Methode]. Bij stille cessie geregistreerde onderhandse akte bij Belastingdienst Centraal Bureau Onderhandse Akten (BW 3:94 lid 3); bij openbare cessie mededeling aan debiteur (BW 3:94 lid 1-2).
ARTIKEL 2 - SCOPE VAN CEDEERBARE VORDERINGEN
2.1 Cedent cedeert aan factor: [Scope Vorderingen].
2.2 Uitgesloten vorderingen: [Uitgesloten Vorderingen].
Voorschot en fee
ARTIKEL 3 - VOORSCHOT EN FEE
3.1 Voorschotpercentage: [Voorschot Percentage]% van het factuurbedrag inclusief BTW, uitbetaald binnen 24-48 uur na aanmelding factuur.
3.2 Discount charge: [Discount Charge]% per jaar (vrijgesteld van BTW conform Wet OB 1968 art. 11 lid 1 onderdeel j).
3.3 Service fee: [Service Fee]% van factuurbedrag (belast met 21% BTW; aftrekbaar als voorbelasting voor zakelijke cedent).
3.4 Kredietverzekering fee (Non-Recourse): [Kredietverzekering Fee]%.
Kredietlimieten (Non-Recourse)
ARTIKEL 4 - KREDIETLIMIETEN PER DEBITEUR
4.1 Voor Non-Recourse Factoring stelt factor per debiteur een kredietlimiet vast op basis van: [Kredietinformatie Bron].
4.2 Procedure: [Limiet Procedure].
4.3 Bij overschrijding van toegekende kredietlimiet draagt cedent zelf het kredietrisico (gedeeltelijke Recourse).
Debiteurenbeheer
ARTIKEL 5 - DEBITEURENBEHEER EN INCASSO
5.1 Schema betalingsherinneringen: [Herinnerings Schema].
5.2 Juridische incasso via gerechtsdeurwaarder vanaf: [Incasso Start].
5.3 Buitengerechtelijke incassokosten conform Besluit BIK en BW 6:96.
5.4 Bij wanbetaling van debiteur kan factor (Non-Recourse) of cedent (Recourse) een dagvaarding uitbrengen bij Rechtbank Kanton voor vorderingen tot 25.000 EUR (Rv art. 93) of civiele kamer voor hogere bedragen.
Reserves
ARTIKEL 6 - RESERVES EN COMPENSATIEACCOUNT
6.1 Factor houdt een reserve in van [Reserve Percentage]% van het factuurbedrag als zekerheid tegen creditnotas, commerciele geschillen of fraude.
6.2 Vrijgavetermijn: [Vrijgave Termijn].
6.3 Bij definitieve oninbaarheid wordt de reserve gebruikt voor compensatie.
Wwft en compliance
ARTIKEL 7 - WWFT ANTI-WITWASVEREISTEN
7.1 Factor voert clientonderzoek uit op cedent (Wwft 2018 art. 3) en op uiteindelijk begunstigde UBO (Wwft art. 10a).
7.2 Screening tegen sanctielijsten van Verenigde Naties en Europese Unie; melding ongebruikelijke transacties bij FIU-Nederland (Wwft art. 16).
7.3 Bij verdachte transacties weigert factor de dienstverlening of beeindigt de overeenkomst.
Looptijd en opzegging
ARTIKEL 8 - LOOPTIJD EN OPZEGGING
8.1 Initiele looptijd: [Initiele Looptijd] maanden vanaf ondertekeningsdatum.
8.2 Na afloop initiele looptijd automatische verlenging voor onbepaalde tijd, tenzij opgezegd met opzegtermijn van [Opzegtermijn] maanden.
8.3 Vroegtijdige beeindiging mogelijk tegen vergoeding gederfde fee; restitutieprocedure voor lopende vorderingen.
Geschillen en ondertekening
ARTIKEL 9 - TOEPASSELIJK RECHT EN GESCHILLEN
9.1 Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing, in het bijzonder BW Boek 3 (cessie), Boek 6 (verbintenissenrecht) en Boek 7 (opdracht).
9.2 Bevoegde rechter: [Bevoegde Rechter].
9.3 Arbitragebeding van toepassing: [Arbitragebeding] (bij ja: Nederlands Arbitrage Instituut NAI Rotterdam).
ARTIKEL 10 - SLOTBEPALINGEN
10.1 Wijzigingen zijn alleen geldig indien schriftelijk overeengekomen door beide partijen.
10.2 Mocht een bepaling nietig of vernietigbaar zijn, dan blijven de overige bepalingen onverminderd van kracht.
10.3 Bij stille cessie wordt afzonderlijk een geregistreerde onderhandse cessieakte opgemaakt en geregistreerd bij Belastingdienst Centraal Bureau Onderhandse Akten.
ONDERTEKENING
Plaats: [Plaats Ondertekening]
Datum: [Datum Ondertekening]
Cedent: __________________________ Factor: __________________________
[Cedent Naam] [Factor Naam]
Cedent
________________
Signature
Factor
________________
Signature
Wat is Factoringovereenkomst Nederland?
De Factoringovereenkomst in Nederland regelt de overdracht van handelsvorderingen aan een factormaatschappij die financiering, debiteurenbeheer en vaak kredietverzekering verzorgt, gebaseerd op de cessieregeling van Burgerlijk Wetboek art. 3:94 en de opdrachtbepalingen van BW art. 7:400 tot 7:413. De vorderingen kunnen stil worden overgedragen via een geregistreerde of notariële akte zonder mededeling aan de debiteur, of openbaar met mededeling, waarna de debiteur uitsluitend nog bevrijdend aan de factor kan betalen.
De wettelijke grondslag voor factoring is gegrond op meerdere wetsbepalingen. De cessie (eigendomsoverdracht van de vordering) verloopt via BW 3:94: stille cessie van vorderingen door notariele of geregistreerde onderhandse akte (sinds 2004 mogelijk zonder mededeling aan debiteur), of openbare cessie met mededeling aan debiteur die dan rechtstreeks aan de factor moet betalen. De dienstverlening (debiteurenbeheer, incasso) volgt BW Boek 7 titel 7 opdracht artikelen 400-413. Voor consumentenfacturen (B2C) gelden aanvullend bepalingen voor consumentenkrediet (BW 7:57-83) en bescherming tegen agressieve incassopraktijken (Wet incassokosten).
De Factoringovereenkomst kent twee hoofdvormen op basis van risico-overdracht. Bij Recourse Factoring (regresfactoring) behoudt de cedent het kredietrisico op de debiteur: bij wanbetaling vordert de factor het voorschot terug van de cedent (terugkoopplicht). De factor verstrekt voornamelijk financiering en debiteurenbeheer, NIET kredietverzekering. Voordeel: lagere fee (typisch 0,5-1,5% van factuurbedrag). Bij Non-Recourse Factoring (zonder regres) draagt de factor het kredietrisico: bij wanbetaling van de debiteur (faillissement, surseance, weigering) draagt de factor het verlies, MITS de debiteur vooraf is goedgekeurd binnen een toegekend kredietlimiet per debiteur. Hogere fee (typisch 1,5-3% van factuurbedrag) maar volledige risico-afdekking voor de cedent.
De Factoringovereenkomst verschilt fundamenteel van factuurfinanciering (invoice financing of invoice discounting, vaak via Fintech-platforms zoals October, Floryn of Spotcap) waarbij de cedent een lening krijgt met factuurpand als zekerheid maar de vorderingen NIET worden gecedeerd en de cedent zelf debiteurenbeheer voert. Het verschilt ook van forfaitering, een internationale variant voor exportvorderingen met langere looptijd. Voor reverse factoring (supply chain financing) is de positie omgekeerd: de afnemer initieert het traject en biedt zijn leveranciers vroegtijdige betaling tegen kleine korting.
De Nederlandse factoringmarkt wordt gedomineerd door bancaire factormaatschappijen (ABN AMRO Commercial Finance, ING Commercial Finance, Rabobank Working Capital Solutions, IFN Finance) en gespecialiseerde aanbieders (Bibby Financial Services, Eurofactor, IFN Finance, Defactor). De totale factoringomzet in Nederland bedroeg in 2024 ongeveer 121 miljard EUR (Bron: EU Federation for Factoring and Commercial Finance EUF), wat circa 11% van het Nederlandse BBP vertegenwoordigt. De Autoriteit Financiele Markten AFM houdt toezicht op aanbieders met Wft-vergunning voor consumentenkrediet; voor zakelijke factoring is geen vergunning nodig maar wel naleving van Wwft 2018 anti-witwasvereisten.
De enforceability van de Factoringovereenkomst verloopt via cessieregels en algemeen verbintenissenrecht. Bij stille cessie zonder mededeling aan debiteur kan de cedent nog betalingen ontvangen die hij vervolgens moet doorstorten naar de factor (BW 3:94 lid 3); bij openbare cessie met mededeling moet de debiteur rechtstreeks aan de factor betalen. Bij wanbetaling door debiteur is de factor (Non-Recourse) of de cedent (Recourse) gerechtigd tot incasso via gerechtsdeurwaarder, dagvaarding bij Rechtbank Kanton voor vorderingen tot 25.000 EUR (Rv art. 93) of civiele kamer voor hogere bedragen. Voor grensoverschrijdende factoring geldt UNIDROIT-Verdrag inzake International Factoring (Ottawa 1988, ratificatie EU 1990) en Brussel I-bis Verordening EU 1215/2012.
Wanneer heeft u Factoringovereenkomst Nederland nodig?
De Factoringovereenkomst Nederland wordt afgesloten in situaties waarin een onderneming zijn werkkapitaal wil vergroten door directe omzetting van handelsvorderingen in liquide middelen, professioneel debiteurenbeheer uitbesteden of kredietrisico afdekken. Onderstaande situaties komen in de Nederlandse MKB-praktijk regelmatig voor.
Werkkapitaalfinanciering voor groeiende MKB-onderneming. Een onderneming met snelle omzetgroei (10-30% per jaar) heeft toenemende werkkapitaalbehoefte: voorraad inkopen voor toekomstige verkoop, leveranciers betalen voor klanten betalen, salarissen en BTW afdragen. Traditionele bancaire lening of rekening-courant-faciliteit is vaak ontoereikend of duurder; factoring biedt schaalbare financiering die meegroeit met de omzet (voorschot van 80-90% van factuurbedrag binnen 24-48 uur).
Financiering van langere betaaltermijnen aan klanten. Bij verkoop aan grote afnemers (multinationals, retailketens, overheid) hanteren afnemers vaak betaaltermijnen van 60-90 dagen. De cedent kan zijn vorderingen direct cederen aan de factor en het werkkapitaal vrijmaken voor inkoop, productie of expansie. De afnemer betaalt na afloop van zijn termijn rechtstreeks aan de factor (openbare cessie) of nog aan de cedent die doorboekt (stille cessie).
Professioneel debiteurenbeheer uitbesteden. Onderneming met groot aantal debiteuren (honderden tot duizenden) heeft hoge administratieve lasten: factureren, betalingsherinneringen sturen, telefonisch nabellen, juridische incasso bij wanbetaling. Factoring includeert debiteurenbeheer en incasso: de factor beheert het debiteurenbestand, voert herinneringen, vraagt kredietinformatie op via Graydon, Dun and Bradstreet of Creditsafe, en zet bij verzuim de incassoprocedure in gang via gerechtsdeurwaarder.
Kredietverzekering tegen wanbetaling debiteur. Bij grote individuele facturen (>100.000 EUR per debiteur) of bij verkoop aan onbekende afnemers (export, nieuwe klanten) wil de cedent kredietrisico afdekken. Non-Recourse Factoring biedt volledige risico-afdekking: bij faillissement, surseance of weigering van de debiteur draagt de factor het verlies, mits de debiteur vooraf is goedgekeurd binnen het toegekende kredietlimiet. Alternatief: kredietverzekering bij gespecialiseerde aanbieders zoals Atradius, Euler Hermes (nu Allianz Trade) of Coface.
Exportfacturen aan buitenlandse afnemers. Bij export naar EU-lidstaten of derde landen kan factoring de exporttransactie financieren en kredietrisico afdekken. Bibby Financial Services, Eurofactor en internationale partners bieden gespecialiseerde exportfactoring met lokale incasso-organisatie in het land van de debiteur. UNIDROIT-Verdrag inzake International Factoring (Ottawa 1988) regelt het juridisch kader voor grensoverschrijdende factoring binnen EU.
Financiering tijdens overname of management buy-out. Bij overname van een onderneming, management buy-out (MBO) of management buy-in (MBI) is werkkapitaalfinanciering vaak een kritieke factor. Factoring biedt directe financiering op basis van bestaand debiteurenbestand zonder beoordeling van overige zekerheden of jaarrekening; aanvulling op acquisitiefinanciering.
Reorganisatie en surseance-traject. Onderneming in financiele moeilijkheden, surseance van betaling (Faillissementswet art. 214) of pre-pack zoekt directe liquiditeit. Factoring kan bestaand debiteurenbestand omzetten in cash zonder dat de bank zijn rekening-courant-faciliteit verlaagt. Aandachtspunt: bij faillissement van de cedent kan de curator de cessie aanvechten als paulianeuze handeling onder Faillissementswet art. 42 indien binnen jaar van benadeling.
Seizoensgebonden bedrijfsvoering. Onderneming met seizoenspieken (tuinbouw, mode, toerisme, evenementen) heeft enkele maanden per jaar sterk verhoogde werkkapitaalbehoefte. Factoring biedt flexibele financiering die meebeweegt met factuurvolume; tijdens lage seizoenen lagere kosten omdat fee per factuur wordt berekend.
Financiering startup of scale-up zonder traditionele zekerheden. Startup of scale-up zonder substantieel vast activum (geen bedrijfspand, weinig voorraad, geen historie) krijgt moeilijk bancaire lening. Factoring biedt alternatief: zekerheid op de cedeerde vorderingen, dagelijkse voorschot op nieuwe facturen, schaalbaar met omzetgroei. Steeds vaker gecombineerd met aanvullende mezzaninefinanciering of converteerbare lening van investeerders.
Wat moet er in uw Factoringovereenkomst Nederland staan?
De Factoringovereenkomst Nederland bevat onderstaande essentiele elementen die conform BW 3:94 (cessie), BW Boek 7 titel 7 (opdracht), Wwft 2018 (anti-witwas) en de gangbare factoring-praktijk moeten zijn vastgelegd om rechtsgeldigheid en uitvoerbaarheid te waarborgen.
Identificatie van partijen. Cedent (factoringklant) met statutaire naam, vestigingsadres, KVK-nummer, BTW-nummer, bevoegde vertegenwoordiger (te controleren in Handelsregister Kamer van Koophandel via kvk.nl) en IBAN voor uitbetaling voorschot. Factor (factormaatschappij) met statutaire naam, vestigingsadres, KVK-nummer, eventueel Wft-vergunningsnummer Autoriteit Financiele Markten AFM (bij consumentenfactoring), aansprakelijkheidsverzekering en IBAN voor terugbetaling cedent.
Type factoring en risico-overdracht. Specificatie van Recourse Factoring (regresfactoring, cedent draagt kredietrisico) of Non-Recourse Factoring (factor draagt kredietrisico binnen goedgekeurde debiteurenlimiet). Bij Non-Recourse: vermelding van het kredietverzekeringsdeel, de debiteurenlimieten per individuele debiteur (typisch 100.000-1.000.000 EUR), en de uitsluitingen (commerciele geschillen, vertraging door cedent, fraude). Bij Recourse: terugkoopplicht bij wanbetaling met procedure en termijn.
Scope van cedeerbare vorderingen. Specificatie welke vorderingen worden gecedeerd: alle huidige en toekomstige handelsvorderingen op alle of bepaalde debiteuren (whole turnover), alleen specifieke factuurnummers (single invoice factoring), of vorderingen op specifieke afnemerssegment (sector, geografie). Vermelding van uitgesloten vorderingen: consumentenfacturen (BW 7:57-83), facturen met openstaand commercieel geschil, intercompany-vorderingen, vorderingen op overheidsorganen met betaaltermijn boven 90 dagen.
Cessiemethodiek (stille of openbare). Vermelding van stille cessie (BW 3:94 lid 3: notariele of geregistreerde onderhandse akte zonder mededeling aan debiteur; cedent ontvangt nog betalingen en boekt door) of openbare cessie (BW 3:94 lid 1-2: notariele of onderhandse akte met mededeling aan debiteur die rechtstreeks aan factor betaalt). Stille cessie heeft voorkeur voor cedent (geen verstoring van klantrelatie); openbare cessie heeft voorkeur voor factor (rechtstreekse betaling).
Voorschotpercentage en fee. Het voorschot dat de factor uitbetaalt bij overdracht van de vordering, typisch 80-90% van het factuurbedrag inclusief BTW. Het restant (10-20%) wordt na incasso door de debiteur uitbetaald aan cedent, na aftrek van fee en eventuele inhoudingen. De factor fee bestaat uit twee componenten: discount charge (rente op het voorschot, typisch Euribor 3-maands plus 1-3 procentpunten) en service fee (vergoeding voor debiteurenbeheer en incasso, typisch 0,5-2% van factuurbedrag). Bij Non-Recourse hoger door kredietverzekeringsdeel.
Debiteurenbeheer en incasso. Procedure voor factureren door cedent (eventueel met factuurelement vermelding cessie en betaling aan IBAN factor), betalingsherinneringen door factor (typisch op dag 10, 30 en 45 na vervaldatum), telefonische incasso vanaf dag 60, juridische incasso via gerechtsdeurwaarder vanaf dag 90 of bij specifieke trigger (faillissement aanvraag, ondernemingsverkoop). De website forms-legal.com biedt aanvullende modellen voor de Algemene Voorwaarden B2B (cedent-debiteurrelatie), de Overeenkomst van Opdracht (zzp-detailmanagement) en de Geldleningsovereenkomst (aanvullende werkkapitaalfinanciering).
Kredietlimieten per debiteur (Non-Recourse). Voor Non-Recourse Factoring: vooraf-goedkeuringsprocedure waarin de factor per nieuwe debiteur een kredietlimiet vaststelt op basis van Graydon, Dun and Bradstreet of Creditsafe kredietinformatie. Vermelding van het maximumbedrag dat de factor risicoloos accepteert; boven de limiet draagt de cedent zelf het kredietrisico (gedeeltelijke Recourse). Procedure voor periodieke herziening van limieten (typisch jaarlijks) en bij negatieve signalen (verlaging Graydon-rating, betalingsachterstand).
Wwft anti-witwasvereisten. Factoringmaatschappijen vallen onder Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme Wwft 2018: clientonderzoeksplicht op cedent (Wwft art. 3) en op uiteindelijk begunstigde (UBO conform Wwft art. 10a), screening tegen sanctielijsten van VN en EU, melding ongebruikelijke transacties bij FIU-Nederland (Wwft art. 16). Bij verdachte transacties weigert de factor de dienstverlening of beeindigt de overeenkomst.
Reserves en compensatieaccount. De factor houdt een reservebedrag in van de uitbetaalde voorschotten (typisch 10-20% van het factuurbedrag) als zekerheid tegen credittnotas (terugbetaling door cedent aan debiteur na korting, retour, klacht), commerciele geschillen of fraude. Het reservebedrag wordt vrijgegeven na 30-60 dagen na vervaldatum mits geen kredietverzekeringsmelding of geschil. Bij definitieve oninbaarheid wordt de reserve gebruikt voor compensatie.
Looptijd, opzegging en termijnen. Initiele looptijd (typisch 12-24 maanden), automatische verlenging tenzij opgezegd, opzegtermijn (typisch 3-6 maanden), procedure bij vroegtijdige beeindiging (vergoeding gederfde fee, restitutieprocedure voor lopende vorderingen). Bij Wsnp of faillissement van de cedent: voortzetting door curator of beeindiging met vereffening.
Geschillen en toepasselijk recht. Bevoegde rechter (Rechtbank Amsterdam, Rotterdam of woonplaats factor afhankelijk van afspraak), toepasselijk Nederlands recht (BW Boek 3, 6, 7), eventueel arbitragebeding (NAI Nederland Arbitrage Instituut Rotterdam). Voor grensoverschrijdende factoring: UNIDROIT-Verdrag International Factoring (Ottawa 1988) en Brussel I-bis Verordening EU 1215/2012.
Hoe vult u uw Factoringovereenkomst Nederland in?
Het invullen van de Factoringovereenkomst Nederland verloopt in onderstaande stappen om de overeenkomst rechtsgeldig, optimaal voor werkkapitaal en bij verzuim handhaafbaar te maken.
Stap 1 - Cedent en factor identificeren. Vul voor de cedent (factoringklant) de statutaire naam, vestigingsadres, KVK-nummer, BTW-nummer en de bevoegde vertegenwoordiger (te controleren in Handelsregister Kamer van Koophandel via kvk.nl). Vul de IBAN waarop de factor het voorschot uitbetaalt. Voor de factor: statutaire naam, vestigingsadres, KVK-nummer en eventueel AFM-vergunningsnummer.
Stap 2 - Type factoring en risico-overdracht bepalen. Kies tussen Recourse Factoring (cedent draagt kredietrisico, lagere fee 0,5-1,5%) of Non-Recourse Factoring (factor draagt kredietrisico, hogere fee 1,5-3%). Voor Non-Recourse: vermeld het kredietverzekeringsdeel, kredietlimieten per individuele debiteur, en uitsluitingen (commerciele geschillen, vertraging door cedent, fraude). Voor Recourse: vermeld de terugkoopplicht en procedure bij wanbetaling.
Stap 3 - Scope van cedeerbare vorderingen specificeren. Bepaal welke vorderingen worden gecedeerd: alle huidige en toekomstige handelsvorderingen (whole turnover, meest gangbare vorm), alleen specifieke factuurnummers (single invoice factoring), of vorderingen op bepaalde afnemerssegment. Vermeld uitgesloten vorderingen: consumentenfacturen (BW 7:57-83), facturen met openstaand geschil, intercompany-vorderingen, vorderingen op overheidsorganen met betaaltermijn boven 90 dagen.
Stap 4 - Cessiemethodiek kiezen. Kies stille cessie (BW 3:94 lid 3: zonder mededeling aan debiteur, cedent ontvangt nog betalingen en boekt door naar factor) of openbare cessie (BW 3:94 lid 1-2: met mededeling aan debiteur die rechtstreeks aan factor betaalt). Stille cessie heeft voorkeur voor cedent (geen verstoring klantrelatie); openbare cessie heeft voorkeur voor factor (rechtstreekse incasso). Vermeld de geregistreerde onderhandse akte of notariele akte als basis voor de cessie.
Stap 5 - Voorschotpercentage en fee vaststellen. Vul het voorschotpercentage (typisch 80-90% van factuurbedrag inclusief BTW). Specificeer de discount charge (rente op voorschot, typisch Euribor 3-maands plus 1-3 procentpunten) en service fee (vergoeding voor debiteurenbeheer, typisch 0,5-2% van factuurbedrag). Voor Non-Recourse vermeld de aanvullende fee voor kredietverzekering (typisch 0,3-1%). Vermeld berekeningsmethode: per factuur, per maand of forfaitair per kwartaal.
Stap 6 - Debiteurenbeheer- en incassoprocedure vastleggen. Specificeer de procedure: cedent factureert met vermelding van cessie en IBAN factor (bij openbare cessie); factor stuurt betalingsherinneringen op dag 10, 30 en 45 na vervaldatum; telefonische incasso vanaf dag 60; juridische incasso via gerechtsdeurwaarder vanaf dag 90 of bij specifieke trigger (faillissement aanvraag debiteur, ondernemingsverkoop). Vermeld vergoeding voor extra werkzaamheden.
Stap 7 - Kredietlimieten per debiteur instellen (Non-Recourse). Voor Non-Recourse Factoring: beschrijf de vooraf-goedkeuringsprocedure waarin de factor per nieuwe debiteur een kredietlimiet vaststelt op basis van Graydon, Dun and Bradstreet of Creditsafe kredietinformatie. Vermeld het maximumbedrag dat de factor risicoloos accepteert; boven de limiet draagt cedent zelf het kredietrisico. Procedure voor periodieke herziening (jaarlijks) en bij negatieve signalen.
Stap 8 - Reserves en compensatieaccount instellen. Specificeer het reservebedrag dat de factor inhoudt van de uitbetaalde voorschotten (typisch 10-20% van factuurbedrag) als zekerheid tegen credittnotas, commerciele geschillen of fraude. Vermeld de vrijgaveprocedure: na 30-60 dagen na vervaldatum mits geen kredietverzekeringsmelding of geschil. Bij oninbaarheid wordt de reserve gebruikt voor compensatie.
Stap 9 - Wwft anti-witwasvereisten implementeren. Factor voert clientonderzoek uit op cedent (Wwft 2018 art. 3): identificatie tekeningsbevoegde aan paspoort, verificatie KVK-uittreksel, screening tegen sanctielijsten VN/EU, UBO-identificatie conform Wwft art. 10a, herkomst gelden bij eerste financiering. Bij verdachte transacties meldt factor bij FIU-Nederland (Wwft art. 16) en kan dienstverlening weigeren of beeindigen.
Stap 10 - Looptijd, opzegging en ondertekening. Vul de initiele looptijd (typisch 12-24 maanden), automatische verlengingsclausule, opzegtermijn (typisch 3-6 maanden), procedure bij vroegtijdige beeindiging (vergoeding gederfde fee, restitutie lopende vorderingen). Vermeld bevoegde rechter (Rechtbank Amsterdam, Rotterdam of woonplaats factor) en toepasselijk Nederlands recht. Beide partijen ondertekenen handmatig of digitaal conform eIDAS-verordening EU 910/2014 en BW 3:15a; voor stille cessie aanvullende geregistreerde onderhandse cessieakte.
Wettelijke vereisten voor Factoringovereenkomst Nederland
De Factoringovereenkomst Nederland is gebonden aan wettelijke vereisten uit Burgerlijk Wetboek Boek 3 (cessie), Boek 6 (verbintenissenrecht), Boek 7 (opdracht), Wwft 2018 (anti-witwas), Wet op het financieel toezicht (Wft) en Faillissementswet (paulianeuze handelingen).
Cessiebepalingen (BW 3:94). De cessie van vorderingen aan de factor moet voldoen aan formele eisen. Voor openbare cessie (BW 3:94 lid 1-2): notariele akte of onderhandse akte plus mededeling aan debiteur; vanaf moment van mededeling moet debiteur rechtstreeks aan factor betalen. Voor stille cessie (BW 3:94 lid 3, sinds 2004): notariele akte of geregistreerde onderhandse akte zonder mededeling aan debiteur; cedent ontvangt nog betalingen die hij moet doorstorten naar factor. Registratie van onderhandse akte voor stille cessie geschiedt door de Belastingdienst Centraal Bureau Onderhandse Akten (geen kosten); registratie creeert een nominaal vaste datum die tegenover derden bewijskracht heeft.
Opdracht en zorgplicht (BW Boek 7 titel 7). De dienstverleningsaspecten van factoring (debiteurenbeheer, incasso, kredietverzekering) volgen de opdrachtbepalingen van BW Boek 7 titel 7 artikelen 400-413. De factor moet zorgvuldig handelen als opdrachtnemer (BW 7:401), rekening en verantwoording afleggen (BW 7:403), en houdt zich aan de instructies van de cedent voor specifieke afwijkingen (BW 7:402). Bij grove nalatigheid is de factor aansprakelijk voor schade (BW 7:402 en 6:74).
Vergunningplicht en Wft. Voor zakelijke factoring (B2B) is geen Wft-vergunning vereist van de Autoriteit Financiele Markten AFM; factoring valt niet onder consumentenkrediet. Voor consumentenfactoring (B2C, voornamelijk in healthcare en abonnementen) is wel vergunning vereist onder Wft art. 2:60 en gelden de informatieplichten van BW 7:57-83. Aanbieders met combinatie van factoring en aanvullende financiering (revolving credit line) hebben mogelijk gedeeltelijke Wft-vergunning nodig voor het kredietdeel.
Wwft anti-witwasvereisten (Wwft 2018). Factoringmaatschappijen kwalificeren als instelling onder Wwft 2018 en moeten clientonderzoek uitvoeren: identificatie cedent en uiteindelijk begunstigde (UBO, art. 10a), herkomst gelden bij eerste financiering, screening tegen sanctielijsten van Verenigde Naties en Europese Unie, en melding ongebruikelijke transacties bij Financial Intelligence Unit-Nederland (FIU-NL, Wwft art. 16). Bij contante betalingen door debiteuren boven 10.000 EUR meldingsplicht. Bij vermoeden van fraude, BTW-carrousel of witwassen weigert factor de dienstverlening.
Faillissementswet en pauliana (Fw art. 42-47). Bij faillissement van de cedent kan de curator de cessie aanvechten als paulianeuze handeling onder Faillissementswet art. 42: indien benadeling van schuldeisers en wetenschap van benadeling bij beide partijen (cedent en factor). De factor moet aantonen dat de cessie tegen reele tegenprestatie (voorschot van marktconform percentage) is geschied. Bij vermoeden van paulianeus handelen kan curator de cessie vernietigen en de vorderingen terug in de boedel brengen. Voor stille cessie biedt registratie via Belastingdienst Centraal Bureau bewijskracht.
Intercompany en concernrelaties. Cedent en factor mogen niet tot dezelfde groep behoren (anders gedeeltelijke consolidatie en geen reele financieringsfunctie). Cessie van vorderingen tussen vennootschappen in dezelfde groep (intercompany) wordt door belastingdienst en accountantswet beoordeeld op at arms length-rente en niet kunstmatige constructies (Wet IB 2001 en RJ 271).
BTW behandeling factoring (Wet OB 1968). De factor fee (discount charge en service fee) wordt voor BTW-doeleinden gesplitst: de discount charge (financieringscomponent) is vrijgesteld van BTW conform Wet OB 1968 art. 11 lid 1 onderdeel j (financiele dienst); de service fee (administratie en incasso) is belast met 21% BTW conform Wet OB 1968 art. 9 lid 1. De factor brengt BTW in rekening over de service fee; deze is voor zakelijke cedent aftrekbaar als voorbelasting (Wet OB 1968 art. 15).
Incassowet (Wet incassokosten WIK 2012). Voor incasso van consumentenvorderingen door factor gelden de bepalingen van Wet incassokosten 2012: maximum incassokosten 15% van het factuurbedrag tot 2.500 EUR (minimaal 40 EUR), 10% van het meerdere tot 5.000 EUR, en aflopend tot 6.775 EUR maximum. Vooraf schriftelijke aanmaning met minimum 14 dagen termijn (BW 6:96 lid 6). Voor B2B-incasso doorgaans hogere of contractueel bepaalde tarieven.
Geschillen en bevoegde rechter. De Factoringovereenkomst bevat doorgaans een forumkeuze (Rechtbank Amsterdam, Rotterdam of woonplaats factor) en eventueel arbitragebeding (Nederlands Arbitrage Instituut NAI Rotterdam). Voor consumentenfactoring beperkt BW 6:236 onderdeel n de forumkeuze tot woonplaats van de consument. Bij grensoverschrijdende factoring geldt het UNIDROIT-Verdrag inzake International Factoring (Ottawa 1988) en de Brussel I-bis Verordening EU 1215/2012.
Verjaring en stuiting (BW 3:307; BW 3:308). De rechtsvordering van factor op debiteur (na cessie) verjaart vijf jaar na opeisbaarheid van de oorspronkelijke vordering (BW 3:307 lid 1); de rentevordering verjaart vijf jaar (BW 3:308). De factor moet jaarlijks stuiten via aangetekende aanmaning of dagvaarding (BW 3:317). De rechtsvordering van factor op cedent (terugkoopplicht bij Recourse) verjaart eveneens vijf jaar.
Procedurele afdwingbaarheid. Bij wanbetaling van debiteur: ingebrekestelling (BW 6:82), buitengerechtelijke incassokosten (BW 6:96 en Besluit BIK), gerechtelijke incasso via Rechtbank Kanton voor vorderingen tot 25.000 EUR (Rv art. 93) of civiele kamer voor hogere bedragen. Conservatoir beslag op debiteurensaldo, voorraad of bankrekening mogelijk na verlof voorzieningenrechter (Rv art. 700-770). Bij wanbetaling van cedent (Recourse): vergelijkbare procedure.
Veelgemaakte fouten bij uw Factoringovereenkomst Nederland
Bij de Factoringovereenkomst Nederland worden onderstaande fouten regelmatig gemaakt en leiden tot ongeldige cessie, juridische geschillen, fiscale problemen of financiele schade.
Fout 1 - Ongeregistreerde stille cessie. Voor stille cessie zonder mededeling aan debiteur (BW 3:94 lid 3) is een notariele akte of een geregistreerde onderhandse akte vereist. Een louter onderhandse cessieakte zonder registratie bij de Belastingdienst Centraal Bureau Onderhandse Akten is niet tegenwerpelijk aan derden (bijvoorbeeld curator bij faillissement of beslaglegger door andere schuldeiser). Registratie is kosteloos en kan elektronisch; vergeet dit nooit voor stille cessie.
Fout 2 - Onvoldoende clientonderzoek (Wwft). Factoringmaatschappijen vallen onder Wwft 2018 en moeten clientonderzoek uitvoeren op cedent (art. 3) en op uiteindelijk begunstigde UBO (art. 10a). Verzuim leidt tot bestuurlijke boetes door De Nederlandsche Bank DNB tot 1 miljoen EUR per overtreding, tuchtmaatregelen tegen bestuurders, en in ernstige gevallen strafrechtelijke vervolging onder Wwft art. 9. Documenteer screening, identificatie, herkomst gelden en periodieke heronderzoek.
Fout 3 - Cessie van geschilfacturen. De cessie van facturen waarover de debiteur een commercieel geschil heeft (klacht over kwaliteit, levering, prijs, retour) leidt tot terugvordering door de factor van de cedent bij Recourse Factoring of tot weigering van betaling door debiteur. Vermijd cessie van facturen met openstaand geschil; los het geschil eerst op of zonder facturen uit van factoring.
Fout 4 - Onjuiste BTW-behandeling fee. De factor fee splitst in een financieringscomponent (discount charge, vrijgesteld van BTW conform Wet OB 1968 art. 11 lid 1 onderdeel j) en een dienstverleningscomponent (service fee, belast met 21% BTW conform art. 9 lid 1). Onjuiste BTW-facturering (alles vrijgesteld of alles belast) leidt tot naheffing bij belastingcontrole en correctie van voorbelasting bij cedent.
Fout 5 - Geen kredietlimieten per debiteur (Non-Recourse). Bij Non-Recourse Factoring zonder vooraf goedgekeurde kredietlimieten per debiteur draagt de factor het volledige kredietrisico zonder pricing. Bij wanbetaling van een grote debiteur kan de factor zijn dienstverlening eenzijdig beeindigen of uitsluiten van bepaalde debiteurensegmenten. Vraag vooraf bevestiging van kredietlimieten via Graydon, Dun and Bradstreet of Creditsafe en update jaarlijks.
Fout 6 - Concurrence tussen factor en bank. Bij factoring met gelijktijdige bancaire rekening-courant-faciliteit ontstaat conflict over de prioriteit van zekerheden. De bank heeft doorgaans pandrecht op alle activa inclusief debiteuren via algemene voorwaarden; de factor heeft cessie van specifieke vorderingen. Bij faillissement strijdig recht: vooraf afspraak tussen factor en bank via Intercreditor Agreement of subordinatieverklaring.
Fout 7 - Onjuist voorschotpercentage. Het voorschotpercentage (typisch 80-90% van factuurbedrag) moet de credit nota-risk, kortingen voor snelle betaling en commerciele geschillen kunnen dekken. Een te hoog voorschotpercentage (>90%) leidt tot terugbetalingsverplichting cedent indien debiteur na korting minder betaalt. Een te laag voorschotpercentage (<75%) belemmert het werkkapitaaleffect.
Fout 8 - Pauliana bij faillissementsdreiging. Bij financiele moeilijkheden van de cedent moet voorzichtig worden omgegaan met factoring: indien benadeling van andere schuldeisers en wetenschap van benadeling bij beide partijen (cedent en factor) kan de curator de cessie vernietigen onder Faillissementswet art. 42-47. Factor moet aantonen dat cessie tegen reele tegenprestatie (marktconform voorschotpercentage) geschiedde; documentatie tijdig opbouwen.
Fout 9 - Forumkeuze in nadeel consument. Bij consumentenfactoring (B2C) is een forumkeuze die de bevoegdheid van de woonplaats factor aanwijst vernietigbaar als oneerlijk beding (BW 6:236 onderdeel n). Voor consumenten geldt steeds de Rechtbank Kanton van de woonplaats van de consument als bevoegd (Rv art. 93). Voor zakelijke factoring is forumkeuze vrij (BW 6:236 geldt alleen voor consumenten).
Fout 10 - Vergeten van mededeling bij stille cessie omschakeling. Bij stille cessie ontvangt cedent betalingen die hij moet doorstorten naar factor (BW 3:94 lid 3). Indien de factor wenst over te schakelen naar openbare cessie (bijvoorbeeld bij verzuim cedent of dreigend faillissement) moet de mededeling aan debiteur worden gedaan zodat debiteur rechtstreeks aan factor betaalt. Vergeten van mededeling betekent dat debiteur door blijft betalen aan cedent met risico op verlies bij faillissement of paulianeus handelen.
Bronnen en Citaten
Wettelijke citaten linken naar officiële overheidsbronnen.
- eIDASEU official
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Factoringovereenkomst Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/agreements/factoring-overeenkomst
"Factoringovereenkomst Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/agreements/factoring-overeenkomst.
@misc{formslegal-factoring-overeenkomst,
author = {{Forms Legal}},
title = {Factoringovereenkomst Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/financial/agreements/factoring-overeenkomst}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Recourse Factoring (regresfactoring) en Non-Recourse Factoring (zonder regres) verschillen fundamenteel in de overdracht van het kredietrisico op de debiteur. Bij Recourse Factoring behoudt de cedent (factoringklant) het kredietrisico: indien de debiteur niet betaalt door faillissement, surseance, weigering of betwisting van de factuur, vordert de factor het voorschot terug van de cedent via de terugkoopplicht. De factor verstrekt voornamelijk financiering (voorschot van 80-90% van factuurbedrag) en debiteurenbeheer, NIET kredietverzekering. Voordeel: lagere fee (typisch 0,5-1,5% van factuurbedrag). Bij Non-Recourse Factoring draagt de factor het kredietrisico volledig: bij wanbetaling van een vooraf goedgekeurde debiteur binnen de toegekende kredietlimiet draagt de factor het verlies. De cedent ontvangt de voorschotbetaling en hoeft niets terug te betalen, ook niet bij faillissement van de debiteur. Hogere fee (typisch 1,5-3% van factuurbedrag) vanwege het kredietverzekeringsdeel. Voorwaarde voor Non-Recourse: vooraf goedkeuring van iedere debiteur door de factor met kredietlimiet op basis van Graydon, Dun and Bradstreet of Creditsafe kredietinformatie. Bij overschrijding van het toegekende kredietlimiet draagt cedent zelf het kredietrisico voor het meerdere (gedeeltelijke Recourse). Voor Nederlandse MKB-ondernemingen met sterke debiteurenportefeuille (grote namen, kredietwaardig) volstaat doorgaans Recourse; bij onbekende debiteuren, export of grote individuele facturen biedt Non-Recourse betere risico-afdekking.
Stille cessie (BW 3:94 lid 3, sinds 2004) en openbare cessie (BW 3:94 lid 1-2) zijn twee methoden voor de juridische overdracht van vorderingen aan de factor met verschillende gevolgen voor de debiteur en de klantrelatie. Bij stille cessie wordt de cessie vastgelegd in een notariele akte of een geregistreerde onderhandse akte ZONDER mededeling aan de debiteur. De debiteur weet niet dat de vordering is overgedragen en betaalt nog steeds aan de cedent (factoringklant); de cedent moet de ontvangen betalingen onmiddellijk doorstorten naar de factor. Registratie van de onderhandse akte bij de Belastingdienst Centraal Bureau Onderhandse Akten (kosteloos en elektronisch) creeert een vaste datum die tegenover derden bewijskracht heeft, essentieel voor positie van de factor bij faillissement van de cedent. Stille cessie heeft voorkeur voor cedent: de klantrelatie blijft ongestoord, de debiteur ziet geen factor en de cedent factureert in eigen naam. Bij openbare cessie wordt de cessie vastgelegd in een notariele akte of onderhandse akte EN gemeld aan de debiteur; vanaf het moment van mededeling moet de debiteur rechtstreeks aan de factor betalen. Openbare cessie heeft voorkeur voor factor: rechtstreekse incasso, geen risico op tussentijdse betaling aan cedent of paulianeus handelen. In de Nederlandse praktijk wordt stille cessie het meest gebruikt voor lopende factoringrelaties; openbare cessie wordt ingeschakeld bij verzuim cedent, dreigend faillissement of bij een initiele transactie waarbij directe duidelijkheid voor debiteur gewenst is.
De kosten van factoring in Nederland bestaan uit twee hoofdcomponenten: de discount charge (rente op het voorschot) en de service fee (vergoeding voor debiteurenbeheer en incasso), eventueel aangevuld met een kredietverzekeringsdeel bij Non-Recourse Factoring. De discount charge is typisch Euribor 3-maands plus 1-3 procentpunten opslag, berekend over het uitstaande voorschot vanaf voorschotbetaling tot incasso bij debiteur. Voor 2026 bedraagt dit doorgaans 4-6% per jaar bij Euribor 3-maands op 2,5%. De service fee is 0,5-2% van het factuurbedrag voor Recourse Factoring en 1,5-3% voor Non-Recourse Factoring, afhankelijk van omvang van het factoringvolume, gemiddelde factuurgrootte, aantal debiteuren en gemiddelde betaaltermijn. Voor een MKB-onderneming met 2 miljoen EUR jaaromzet en gemiddelde betaaltermijn van 45 dagen bedraagt de totale factoringkost typisch 30.000-60.000 EUR per jaar (1,5-3% van omzet). Aanvullende kosten kunnen zijn: opstartfee bij contractondertekening (eenmalig 500-2.000 EUR), creditmanagement-fee per nieuwe debiteur (50-150 EUR per nieuwe debiteur), kosten voor extra factuur-processing of correcties (5-25 EUR per actie), en kosten voor speciale rapportage of integratie met cedent-administratiesoftware. De BTW-behandeling: de discount charge is vrijgesteld van BTW (financiele dienst, Wet OB 1968 art. 11 lid 1 onderdeel j); de service fee is belast met 21% BTW (aftrekbaar voor zakelijke cedent als voorbelasting). Vraag bij meerdere aanbieders een offerte en vergelijk op total cost, niet alleen op service fee.
Ja, factoring kan technisch worden gecombineerd met een bancaire rekening-courant-faciliteit, maar in de praktijk ontstaat een conflict over de prioriteit van zekerheden dat vooraf moet worden opgelost. De bank heeft doorgaans pandrecht op alle activa van de cedent inclusief debiteuren via de algemene voorwaarden van de kredietovereenkomst (BW 3:236-237 stille verpanding); de factor heeft cessie van specifieke vorderingen onder BW 3:94. Bij faillissement van de cedent ontstaan strijdige rechten op dezelfde vorderingen. De oplossing in de praktijk: een Intercreditor Agreement of subordinatieverklaring tussen factor en bank waarin wordt afgesproken dat de factor exclusieve cessie heeft op de gecedeerde vorderingen en de bank pandrecht op alle overige activa. De bank ondertekent een waiver of subordination clause; vergelijkbaar bij gelijktijdige verzekeringsmaatschappij (Atradius, Euler Hermes nu Allianz Trade, Coface) voor kredietverzekering. Vermijd starten met factoring zonder eerst de bank te informeren en het Intercreditor Agreement af te stemmen, anders riskeert u boete-clausule of opzegging van de bankfaciliteit. Voor een MKB-onderneming met een bancaire rekening-courant van 500.000 EUR en factoringfaciliteit van 1 miljoen EUR: bank biedt liquiditeit voor algemene bedrijfsvoering op basis van pandrecht op voorraad en bedrijfsmiddelen; factor biedt liquiditeit op basis van handelsvorderingen met debiteurenbeheer. Combinatie verhoogt totale werkkapitaalniveau aanzienlijk maar vraagt zorgvuldige juridische structurering.
Bij faillissement van de cedent (factoringklant) heeft de Factoringovereenkomst belangrijke gevolgen voor de factor en andere schuldeisers. De curator (benoemd na faillissementsvonnis conform Faillissementswet art. 14) onderzoekt of de cessie van vorderingen rechtsgeldig is gebeurd: voor stille cessie geregistreerde onderhandse akte of notariele akte vereist (BW 3:94 lid 3); voor openbare cessie mededeling aan debiteur (BW 3:94 lid 1-2). Bij geldige cessie blijven de gecedeerde vorderingen eigendom van de factor en vallen NIET in de boedel; de factor int rechtstreeks bij debiteuren. Bij ongeldige cessie (zonder registratie of mededeling) vallen de vorderingen wel in de boedel en moet de factor zijn voorschot opeisen als concurrente schuldeiser. De curator kan de cessie aanvechten als paulianeuze handeling onder Faillissementswet art. 42 indien benadeling van schuldeisers en wetenschap van benadeling bij beide partijen; de factor moet aantonen dat de cessie tegen reele tegenprestatie (marktconform voorschotpercentage 80-90%) geschiedde. Bij geslaagde pauliana wordt de cessie vernietigd en vallen de vorderingen terug in de boedel; de factor verliest zijn zekerheid en wordt concurrente schuldeiser. Voor de cedent in surseance (Fw art. 214) of pre-pack: factoring kan tijdelijke liquiditeit bieden voor doorstart, mits bewindvoerder of curator instemt. Bij Wsnp (Fw titel III art. 284) voor natuurlijke personen-ondernemers geldt vergelijkbaar regime.
Of u uw klanten (debiteuren) moet informeren over uw factoring hangt af van de gekozen cessiemethodiek. Bij openbare cessie (BW 3:94 lid 1-2) is mededeling aan de debiteur verplicht: vanaf de mededeling moet de debiteur rechtstreeks aan de factor betalen, niet meer aan u als cedent. De mededeling gebeurt doorgaans via aankondigingsbrief van factor of cedent zelf, met instructies voor nieuwe IBAN. Op nieuwe facturen wordt een cessieclausule opgenomen: 'Deze vordering is gecedeerd aan [Factor] N.V.; betaling geldt alleen bevrijdend bij overschrijving op IBAN [factor IBAN].' Bij stille cessie (BW 3:94 lid 3) is mededeling NIET verplicht; de debiteur weet niets en betaalt aan u zoals altijd. U bent vervolgens verplicht de ontvangen betaling onmiddellijk door te storten naar de factor (binnen 1-2 werkdagen). Stille cessie heeft voorkeur voor cedenten die de klantrelatie ongestoord willen houden; klanten kunnen factoring soms verkeerd interpreteren als teken van financiele moeilijkheden, terwijl het in werkelijkheid normale werkkapitaalfinanciering is. Voor Non-Recourse Factoring met kredietverzekering is vaak openbare cessie nodig om verzekeringsdekking te waarborgen; sommige verzekeraars vereisen mededeling. Weeg voordelen (relatiebehoud) tegen praktische nadelen (doorstortverplichting, risico verkeerde betaling, beperking kredietverzekering). Bij twijfel: bespreek met factormaatschappij en juridisch adviseur.
Reverse Factoring, ook bekend als Supply Chain Financing (SCF) of Confirming, is een variant van factoring waarbij de positie is omgekeerd: de AFNEMER (kopende onderneming) initieert het traject en biedt zijn leveranciers vroegtijdige betaling via een factormaatschappij. De afnemer (typisch grote multinational zoals Unilever, Heineken, Philips of een retailketen) sluit een overeenkomst met de factor; de leverancier (vaak MKB) kan facturen aan deze afnemer aanmelden bij de factor en krijgt direct uitbetaling minus kleine korting (typisch 0,5-1% van factuurbedrag), terwijl de afnemer pas op de overeengekomen vervaldatum (60-120 dagen) aan de factor betaalt. De factor financiert het verschil. Voordelen afnemer: behoud lange betaaltermijnen (positieve werkkapitaalimpact), goede leveranciersrelatie, betere prijsvoorwaarden. Voordelen leverancier: snelle betaling tegen kleine korting (effectief 6-12% per jaar tegen 0,5-1% op 30-60 dagen), geen kredietrisico op afnemer, geen eigen kredietfaciliteit nodig. Aanbieders in Nederland: ING Working Capital, ABN AMRO Commercial Finance, Rabobank, en Fintech-platforms zoals Taulia en PrimeRevenue. Voor leveranciers vooral aantrekkelijk indien afnemer kredietwaardiger is dan leverancier en bij grote afnemers met lange betaaltermijnen. Voor MKB-leveranciers van grote afnemers een toegankelijke vorm van werkkapitaalfinanciering zonder eigen factorcontract; voor afnemers een instrument voor leveranciersrelatie en werkkapitaaloptimalisatie.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Algemene Voorwaarden B2B Nederland
Algemene voorwaarden voor zakelijke transacties (business-to-business) conform Burgerlijk Wetboek art. 6:231 tot 6:247 en EU Late Payment Directive 2011/7. Regelt aanbiedingen, betaling, levering, aansprakelijkheid, garantie, overmacht en geschillenbeslechting tussen ondernemingen.
Overeenkomst van Opdracht (ZZP)
Overeenkomst van opdracht tussen opdrachtgever en zelfstandig zonder personeel (ZZP) conform Burgerlijk Wetboek 7:400 tot 7:413, met expliciete uitsluiting van loondienst conform Wet DBA 2016. Regelt opdracht, tarief, looptijd, aansprakelijkheid, intellectueel eigendom en geheimhouding.
Geldleningsovereenkomst Nederland
Schriftelijke overeenkomst van verbruikleen tussen uitlener en lener met hoofdsom, rente, aflossing en zekerheid conform BW Boek 7 titel 2C art. 129-134.
Borgstellingsovereenkomst Nederland
Schriftelijke borgtocht waarbij een borg zich verbindt tot nakoming van de verplichting van een hoofdschuldenaar jegens een schuldeiser conform BW 7:850-870.