Export Overeenkomst Nederland
EXPORT OVEREENKOMST
Inzake de internationale verkoop van goederen conform Burgerlijk Wetboek art. 7:1, CISG (Weens Koopverdrag, Trb. 1981, 184) en Incoterms 2020 (ICC-publicatie nr. 723).
Partijen
DE ONDERGETEKENDEN:
1. [Exporteur Naam], gevestigd te [Exporteur Adres], KvK-nummer [Exporteur Kv K], hierna: 'Exporteur';
2. [Importeur Naam], gevestigd te [Importeur Adres], land: [Importeur Land], hierna: 'Importeur';
Hierna gezamenlijk: 'Partijen'. Partijen zijn overeengekomen als volgt:
Artikel 1 - Goederen
ARTIKEL 1 - GOEDEREN EN SPECIFICATIES
1.1 Exporteur verkoopt aan Importeur de volgende goederen: [Goederen Omschrijving].
1.2 Hoeveelheid: [Hoeveelheid Eenheid].
1.3 Goederen voldoen aan de technische specificaties en kwaliteitsnormen zoals opgenomen in Bijlage A.
Artikel 2 - Levering
ARTIKEL 2 - LEVERING EN INCOTERMS 2020
2.1 Levering geschiedt op basis van: [Incoterm] — [Leveringsplaats] (Incoterms 2020, ICC-publicatie nr. 723).
2.2 Uiterste leveringsdatum: [Leveringsdatum].
2.3 Bij overschrijding leveringsdatum is Exporteur van rechtswege in verzuim (BW art. 6:83 sub a) en is Importeur gerechtigd schadevergoeding te vorderen (BW art. 6:74).
Artikel 3 - Prijs en betaling
ARTIKEL 3 - PRIJS EN BETALING
3.1 Contractprijs: [Contractprijs], valuta: [Valuta].
3.2 Betalingswijze: [Betalingswijze].
3.3 Betaling binnen [Betaaltermijn] dagen na factuurdatum c.q. na afgifte vervoersdocumenten.
3.4 Bij te late betaling: wettelijke handelsrente conform BW art. 6:119a plus buitengerechtelijke incassokosten.
Artikel 4 - Douane en vergunningen
ARTIKEL 4 - DOUANE, EXPORTVERGUNNING EN SANCTIES
4.1 Exportvergunning status: [Exportvergunning]. Exporteur is verantwoordelijk voor verkrijging benodigde exportvergunningen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
4.2 Oorsprongsverklaring: [Oorsprongsverklaring].
4.3 Exporteur staat ervoor in dat levering niet in strijd is met Sanctiewet 1977, EU-sanctieverordeningen of OFAC-sancties jegens [Importeur Land].
4.4 Invoerformaliteiten (douaneaangifte, invoerrechten, accijnzen) komen voor rekening Importeur, tenzij DDP-term overeengekomen.
Artikel 5 - Toepasselijk recht en geschillen
ARTIKEL 5 - TOEPASSELIJK RECHT EN GESCHILLENBESLECHTING
5.1 Op deze overeenkomst is van toepassing: [Toepasselijk Recht].
5.2 Bevoegde rechter: [Bevoegde Rechtbank].
5.3 Partijen zullen bij geschil eerst trachten dit op te lossen via overleg; bij mislukken geschilbeslechting conform lid 5.1.
Ondertekening
ONDERTEKENING
Aldus opgemaakt in tweevoud en ondertekend te [Ondertekening Plaats] op [Ondertekening Datum].
Exporteur: __________________________
[Exporteur Naam]
Importeur: __________________________
[Importeur Naam]
Exporteur
________________
Signature
Importeur
________________
Signature
Wat is Export Overeenkomst Nederland?
De export overeenkomst Nederland is een schriftelijk contract waarbij een Nederlandse exporteur goederen verkoopt en levert aan een buitenlandse importeur, met toepassing van Burgerlijk Wetboek art. 7:1 (koopovereenkomst), het CISG Weens Koopverdrag (Trb. 1981, 184) en Incoterms 2020 (ICC-publicatie nr. 723). De overeenkomst legt de juridische basis voor grensoverschrijdende goederenstromen vanuit Nederland naar bestemmingslanden wereldwijd, en regelt alle aspecten van de transactie van goederenspecificaties tot geschilbeslechting.
Het CISG — het VN-Verdrag inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende zaken, aanvaard in Wenen op 11 april 1980 — is in Nederland in werking getreden op 1 januari 1992. Het verdrag is van rechtswege van toepassing op iedere koop van roerende zaken tussen partijen met vestigingen in verschillende verdragsstaten, tenzij Partijen het uitdrukkelijk uitsluiten (CISG art. 6). Het CISG regelt de totstandkoming van de koopovereenkomst (artt. 14-24), de verplichtingen van de verkoper (levering, conformiteit, documentatie; artt. 30-52) en de verplichtingen van de koper (betaling, inontvangstneming; artt. 53-65). Wezenlijk voordeel: CISG overbrugt de kloof tussen verschillende nationale rechtsstelsels bij internationale transacties.
Incoterms 2020, gepubliceerd door de Internationale Kamer van Koophandel (ICC), zijn gestandaardiseerde leveringsclausules die bepalen waar het risico overgaat van exporteur op importeur, wie de transportkosten draagt, wie de verplichte verzekering afsluit en wie de douaneformaliteiten verzorgt. De 11 termen zijn verdeeld in twee categorieën: termen voor ieder vervoerstype (EXW, FCA, CPT, CIP, DAP, DPU, DDP) en termen specifiek voor zee- en binnenvaarttransport (FAS, FOB, CFR, CIF). Cruciaal: Incoterms regelen risico-overgang en kosten, maar niet eigendomsoverdracht (geregeld door BW art. 3:84 en 3:89 naar plaats levering).
De export overeenkomst onderscheidt zich van een binnenlandse koopovereenkomst door: toepasselijkheid CISG als internationaal uniform recht; Incoterms 2020 als leveringssystematiek; douane-formaliteiten bij uitvoer (Douanewet, EU Douanewetboek CDU 952/2013) en invoer in bestemmingsland; exportvergunningsvereisten voor dual-use goederen (EU-verordening 2021/821) en militaire goederen (Besluit strategische goederen); sanctiecheck onder Sanctiewet 1977 en EU-sanctieverordeningen; betalingszekerheid via Letter of Credit (akkreditief conform ICC UCP 600) of bankgarantie; en forumkeuze voor internationale geschilbeslechting (ICC-arbitrage of Netherlands Commercial Court bij Rechtbank Amsterdam of Rotterdam).
Nederland heeft als open exporteconomie een van de grootste handelsvolumes ter wereld: de totale goederenexport bedraagt circa EUR 700 miljard per jaar (CBS 2025), met Rotterdam (Europoort) als grootste haven van Europa (15 miljoen TEU containerdoorvoer) en Schiphol als belangrijkste luchtvrachtcentrum. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) verstrekt exportvergunningen, biedt informatie over handelsakkoorden (EU-EPA Japan, EU-Korea, EU-Canada CETA, EU-Vietnam EVFTA) en beheert het systeem voor preferentiële oorsprong (EUR.1 certificaten via KvK). ABN AMRO, ING en Rabobank zijn de voornaamste banken voor trade finance (Letters of Credit, garanties, exportfinanciering via Atradius DSB).
Voor producten met dubbel gebruik (dual-use: civiel én militair toepasbaar zoals encryptiesoftware, bepaalde chemicaliën, elektronica) is een exportvergunning vereist onder EU Dual-Use Verordening 2021/821. Exporteurs kunnen in aanmerking komen voor Algemene Uitvoervergunning EU001 (voor export naar Australië, Canada, Japan, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Zwitserland, VK, VS) of EU002-EU008 voor specifiekere categorieën, danwel een individuele vergunning via RVO aanvragen. Geweigerde exportvergunningen zijn appellabel bij de Rechtbank Den Haag (administratief) en vervolgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Wanneer heeft u Export Overeenkomst Nederland nodig?
Een export overeenkomst Nederland is vereist bij elk export-traject waarbij een Nederlandse leverancier goederen levert aan een buitenlandse koper, ongeacht het bestemmingsland of de goederenwaarde.
Eenmalige export van machines of eindproducten. Wanneer een Nederlandse machinebouwer of fabrikant een eenmalige levering doet aan een buitenlandse koper (bijv. een productielijn van EUR 500.000,-- aan een Duits bedrijf) documenteert de export overeenkomst alle condities: goederenspecificaties, Incoterm FCA Rotterdam, betalingswijze via Letter of Credit ING, leveringstermijn 12 weken. Zonder schriftelijke export overeenkomst is bewijslast bij conformiteitsgeschillen onhoudbaar: CISG art. 35 stelt dat verkoper goederen moet leveren die geschikt zijn voor het voorzienbare gebruik conform de overeenkomst.
Structurele exportrelatie met vaste afnemer. Bij een langlopende commerciële relatie met een buitenlandse distributeur of agent regelt een raam-export overeenkomst de algemene condities (toepasselijk recht, betalingswijze, Incoterm, garanties) voor alle afzonderlijke orders die via Purchase Order worden geplaatst. Master Agreement plus afzonderlijke Order Forms maakt de contractuele documentatie beheersbaar bij hoge orderfrequentie. Rechtbank Amsterdam en de Netherlands Commercial Court (NCC) zijn gangbare forumkeuze bij Europese handelspartners.
Export van dual-use of gecontroleerde goederen. Bij export van producten met dubbel gebruik (dual-use) of strategische goederen is een export overeenkomst essentieel om exportvergunningscondities te documenteren en aansprakelijkheid te regelen. De RVO verstrekt Algemene Uitvoervergunning of individuele vergunning; exporteur moet end-user verklaring importeur opnemen als bijlage. Bij schending Sanctiewet 1977 of EU-sancties riskeren exporteur en directeuren strafrechtelijke vervolging (OM) naast bestuursrechtelijke sancties (AFM, FIOD).
Export met betalingszekerheid via Letter of Credit. Bij export naar landen met hoger politiek of commercieel risico (bijv. Turkije, India, Brazilië, Egypte) is een documentair krediet (Letter of Credit, LC) conform ICC UCP 600 de aangewezen betalingszekerheid. De export overeenkomst legt de LC-vereisten vast: opening LC via eerste-klas bank, geldigheid tot 30 dagen na verzending, documentvereisten (handelsfactuur, paklijst, cognossement, certificate of origin). Atradius DSB (het Nederlandse exportkredietverzekeringsbedrijf, 100% eigendom van de Nederlandse Staat) biedt aanvullende dekking bij LC-non-betaling door politiek risico.
Export van agrarische of voedingsproducten. Nederland is een van de grootste landbouwexporteurs ter wereld (EUR 110 miljard/jaar; tomaten, zuivel, bloemen via FloraHolland, varkensvlees). Export overeenkomsten voor agrarische producten vereisen aanvullende clausules: kwaliteits- en fytosanitaire certificaten (NVWA/RVO); specifieke Incoterm-term voor bederfelijke goederen (FCA of CIP met all-risk transportverzekering); temperature-controlled transport; aankomstinspectie door importeur binnen 24 uur; kortere klachtperiode dan standaard CISG art. 39 (2 jaar vervaltermijn).
Samenwerkingsexport via Exportcombinatie. Kleine Nederlandse bedrijven exporteren steeds vaker gezamenlijk als Exportcombinatie om concurrerende schaal te bereiken. In dat geval legt de export overeenkomst vast welke partij als contracterende exporteur optreedt jegens de importeur, hoe de winst/verlies-verdeling binnen de combinatie werkt, en welke partner verantwoordelijk is voor exportvergunning en douane-aangifte. RVO en EVD (Enterprise Netherlands) bieden subsidie voor gezamenlijke exportinitiatieven via Subsidieregeling Internationaal Ondernemen.
Wat moet er in uw Export Overeenkomst Nederland staan?
Een degelijke export overeenkomst Nederland bevat de volgende kernelementen die elk apart besproken dienen te worden met de exporteur en eventueel diens advocaat of exportconsultant.
Identificatie partijen en beschrijving goederen. Volledige statutaire naam, adres en KvK-nummer exporteur; naam, adres en eventueel handelsregister-equivalent importeur. Nauwkeurige goederenbeschrijving inclusief HS-code (Geharmoniseerd Systeem, bijgehouden door de Wereld Douaneorganisatie WCO) voor correcte douane-indeling; technische specificaties; kwaliteitsnormen (ISO-normen, CE-markering voor EU-markt, UL-certificering voor VS-markt); modelnummer en versie. Hoeveelheid en eenheid (stuks, kg, liter, m²) conform meetstandaarden. Foutieve HS-code leidt tot verkeerde invoerrechten bij importeur en kan export overeenkomst nietig verklaren.
Incoterm 2020 leveringsterm met named place. Keuze leveringsterm uit 11 Incoterms 2020 (ICC-publicatie nr. 723) met exacte named place of delivery. FCA (Free Carrier) is de meest aanbevolen term voor intermodaal transport inclusief containervervoer: risico gaat over op exporteur wanneer goederen zijn overgedragen aan eerste vervoerder op aangewezen locatie. DAP (Delivered at Place) is populair bij export naar Europa zonder invoerverplichting exporteur. DDP (Delivered Duty Paid) legt zwaarste verplichting bij exporteur inclusief invoerrechten; te vermijden bij onzekerheid invoerprocedures bestemmingsland. Naam- en adresspecificatie named place is essentieel voor verzekeringsaanspraken bij schade durante transport.
Prijsstelling en betalingszekerheid. Contractprijs in overeengekomen valuta (bij voorkeur EUR voor Nederlandse exporteur om valutarisico te vermijden); specificatie exclusief of inclusief BTW (bij export buiten EU: 0% BTW onder Wet OB 1968 art. 9 lid 2 sub b, met bewijslast uitvoer via douane-aangifte). Betalingszekerheid: Letter of Credit (LC) conform ICC UCP 600 via Nederlandse grootbank (ABN AMRO, ING, Rabobank) biedt maximale zekerheid; bankgarantie of stand-by LC als alternatief. Open rekening (factuur) alleen bij bewezen betrouwbare handelspartner met goede reputatie of bij ingedekte transactie via Atradius kredietverzekering.
Douane-formaliteiten en exportvergunning. Exporteur is verantwoordelijk voor Nederlandse douane-uitvoerformaliteiten (EU Douanewetboek CDU 952/2013, Douanewet 1995) en verkrijging benodigde exportvergunning bij RVO (voor dual-use goederen conform EU 2021/821). Importeur is verantwoordelijk voor invoerformaliteiten bestemmingsland. Exporteur garandeert dat levering niet in strijd is met Sanctiewet 1977, EU-sanctieverordeningen (bijgehouden door OFAC en EUR-Lex) of VN-sancties. Oorsprongsverklaring (EUR.1 certificaat via KvK of Kamer van Koophandel, of factuurverklaring bij export < EUR 6.000) verlaagt invoerrechten bij landen met EU-handelsakkoord. Op forms-legal.com vindt u gratis aanvullende modellen voor distributieovereenkomst, agentuurovereenkomst en non-disclosure agreement ter voorbereiding van uw internationale marktentree.
Conformiteitsgarantie en klachtenprocedure. Exporteur garandeert dat goederen voldoen aan de contractuele specificaties en vrij zijn van gebreken die bij levering bestaan (CISG art. 35-36). Bij non-conformiteit heeft importeur recht op herstel, vervanging of prijsvermindering (CISG art. 46-50). Klachttermijn: importeur moet gebreken melden binnen redelijke termijn na ontdekking of na het tijdstip waarop hij had moeten ontdekken (CISG art. 39); in export overeenkomst gangbaar 30-60 dagen na aankomst. Maximale klachttermijn CISG art. 39 lid 2: 2 jaar na levering.
Aansprakelijkheidsbeperking en overmacht. Exporteur aansprakelijkheid beperkt tot directe schade en maximaal de contractprijs; gevolgschade (verlies productie importeur), gederfde winst en indirecte schade uitgesloten conform CISG art. 74 (proportionaliteitseis) en BW art. 6:75 (overmacht). Overmachtclausule (force majeure): schriftelijke kennisgeving binnen 5 werkdagen; overmacht-omstandigheden: oorlog, embargo, staking, naturramp, pandemie, overheidsmaatregelen die uitvoer verhinderen. Bij aanhoudende overmacht (>90 dagen) recht op ontbinding zonder schadeplichtigheid conform BW art. 6:265.
Geschilbeslechting. Keuze toepasselijk recht: Nederlands recht (gangbaar voor Nederlandse exporteur) met of zonder CISG; bij internationale transacties ook keuze voor ICC-arbitrage Parijs (International Chamber of Commerce) of NAI-arbitrage Rotterdam (Nederlands Arbitrage Instituut). Netherlands Commercial Court (NCC) bij Rechtbank Amsterdam en Rechtbank Rotterdam behandelt internationale handelszaken in het Engels. Mediatieclausule als first-step vóór arbitrage of procedure.
Hoe vult u uw Export Overeenkomst Nederland in?
Een export overeenkomst Nederland zorgvuldig invullen vereist voorbereiding van goederendocumentatie, kennis van Incoterms 2020 en afstemming met uw bank voor betalingszekerheid.
Stap 1 - Partijen identificeren en verifiëren. Vul uw volledige statutaire naam, vestigingsadres en KvK-nummer in als exporteur. Verifieer de importeur in het handelsregister van het vestigingsland (bijv. Handelsregister Duitsland via unternehmensregister.de; Kamer van Koophandel België via kbo.economie.fgov.be). Bij onbekende importeur: vraag uittreksel handelsregister, jaarrekening en bankrefentie vóór ondertekening. Controleer importeur via Atradius-kredietbeoordeling of Dun & Bradstreet.
Stap 2 - Goederen nauwkeurig beschrijven. Bepaal de HS-code (Geharmoniseerd Systeem) van uw product via de GS-Tariefindeling van de Belastingdienst (gstarieven.belastingdienst.nl) of de Europese TARIC-database (ec.europa.eu/taxation_customs/dds2/taric). Beschrijf goederen met modelnummer, technische specificaties, kwaliteitsnormen (CE, ISO, UL), meetbare parameters (materiaal, dimensies, capaciteit). Bijlage A met complete technische specificaties is best practice.
Stap 3 - Incoterm selecteren en named place specificeren. Kies leveringsterm op basis van vervoersmodaliteit (zee: FOB/CIF/CFR voor bulklading; multimodaal: FCA/CPT/CIP/DAP/DPU/DDP) en risico-verdeling. Specificeer altijd de exacte named place: bij FCA bijv. 'FCA Europoort Terminal, Rotterdam, Nederland'; bij DAP bijv. 'DAP Hauptlager, Köln, Duitsland'. Bestudeer ICC-publicatie nr. 723 (te bestellen via ICC-Nederland of uw Kamer van Koophandel) voor complete uitleg per term.
Stap 4 - Prijs en betalingszekerheid overeenkomen. Bepaal contractprijs per eenheid en totaal in contractvaluta. Bij Export buiten EU: BTW 0% op factuur (wet OB 1968 art. 9 lid 2 sub b) mits u uitvoerbewijs kunt overleggen (douane-aangifte EX-A of goederen-verklaringen). Bij nieuwe of risicovolle afnemer: Letters of Credit aanvragen via ABN AMRO Trade Finance, ING Transaction Services of Rabobank International; specificeer LC-vereisten (geldigheid, documenten, bank). Overweeg Atradius-kredietverzekering bij open-rekening-transacties.
Stap 5 - Douane en exportvergunning controleren. Controleer of uw product op de Controlelijst Strategische Goederen staat (annex I EU 2021/821) via de checker-tool op rvo.nl. Bij dual-use: vraag Algemene Uitvoervergunning EU001-EU008 of individuele vergunning aan bij RVO Exportcontrole. Doe sanctiecheck van importeur en bestemmingsland via AFM-sanctielijst, EU-sanctielijst (EUR-Lex) en OFAC-SDN list. Vraag EUR.1 certificaat aan bij Kamer van Koophandel wanneer bestemmingsland EPA/FTA-partner heeft met EU.
Stap 6 - Toepasselijk recht en geschilbeslechting kiezen. Bij Europese handelspartners: kies Nederlands recht met CISG (automatisch van toepassing bij beide verdragsstaten) of sluit CISG uitdrukkelijk uit als u liever de volledige toepassing van BW Boek 7 heeft. Bij transcontinentale transacties: ICC-arbitrage Parijs biedt internationaal erkend neutraliteitsvoordeel. Netherlands Commercial Court (NCC) bij Rechtbank Rotterdam is een Engels-talige optie voor Nederland als forum.
Wettelijke vereisten voor Export Overeenkomst Nederland
De export overeenkomst Nederland is onderworpen aan een gelaagd stelsel van Nederlandse, Europese en internationale verplichtingen.
Douanewetgeving bij uitvoer (EU CDU en Douanewet). Elke uitvoer van goederen uit Nederland (en de EU) is onderworpen aan het EU Douanewetboek (CDU, Verordening 952/2013) en de nationale Douanewet 1995. Exporteur dient een elektronische uitvoeraangifte (EX-A) te doen via het Douane-systeem AGS (Aangiftesysteem) van de Nederlandse Douane; douane-afhandeling via douane-expediteur (douane-agent). Na vrijgave uitvoer geeft douane de Uitvoerbegeleidingsdocument (EBD/EAD) af; het Controleresultaat Uitvoer (CRU) is het definitieve bewijs van uitvoer voor BTW-aantekening 0%-tarief.
Exportvergunning voor dual-use goederen (EU 2021/821). Goederen met dubbel civiel-militair gebruik (dual-use: bepaalde chemicaliën, elektronica, telecommunicatieapparatuur, navigatiesystemen, encryptiesoftware) staan op de Controlelijst Strategische Goederen (Bijlage I EU 2021/821). Export van deze goederen buiten de EU vereist een exportvergunning van de RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). Vergunningplicht geldt ook voor militaire goederen (Besluit strategische goederen) en voor goederen die worden ingezet voor ontwikkeling van massavernietigingswapens. Overtreding is een economisch delict (WED art. 1) met strafrechtelijke vervolging door OM en FIOD.
Sanctiewet 1977 en EU-sanctieverordeningen. De Sanctiewet 1977 vormt de grondslag voor de implementatie van EU- en VN-sanctiemaatregelen in Nederland. EU-sanctieverordeningen (bijgehouden op EUR-Lex, sectie 'restrictive measures') bevatten: persoons- en entiteitslijsten (asset freeze, reisverbod); sector-specifieke maatregelen (olie, wapens, luxegoederen); transactieverboden; en embargo's per land (Rusland, Iran, Noord-Korea, Syrië, Belarus, Myanmar). DNB en AFM handhaven financieel-economische sancties; FIOD en OM handhaven strafrechtelijk. Exporteur dient bij iedere transactie een sanctiecheck te doen van importeur, eindgebruiker en bestemmingsland.
CISG als automatisch toepasselijk recht bij internationale koopovereenkomsten. Het CISG (Weens Koopverdrag 1980, Trb. 1981, 184) is in Nederland in werking per 1 januari 1992 en telt 97 verdragsstaten. CISG is van rechtswege van toepassing wanneer beide partijen gevestigd zijn in verschillende verdragsstaten, tenzij uitdrukkelijk uitgesloten (CISG art. 6). CISG regelt: aanbod en aanvaarding (artt. 14-24); verplichtingen verkoper (artt. 30-52); verplichtingen koper (artt. 53-65); risico-overgang (artt. 66-70); remedies bij wanprestatie (artt. 45-65, 74-88). Voor Nederlandse exporteurs is het cruciaal te begrijpen dat de CISG-conformiteitseis (art. 35) strenger kan zijn dan BW art. 7:17 op bepaalde aspecten.
BTW-vrijstelling bij export buiten EU (Wet OB 1968 art. 9 lid 2 sub b). Leveringen van goederen die worden uitgevoerd naar een bestemming buiten de EU zijn belast met 0% BTW conform Wet op de Omzetbelasting 1968 art. 9 lid 2 sub b en de Uitvoeringsresolutie OB. Exporteur moet uitvoer aantonen via: douane-aangifte EX-A met Controleresultaat Uitvoer (CRU); cognossement of CMR-vrachtbrief; of andere Belastingdienst-erkende bewijsmiddelen. Bij intra-EU levering aan BTW-plichtige koper: intracommunautaire levering (0% BTW), mits importeur BTW-nummer in VIES-systeem verifieerbaar is.
Rotterdamse Regels en Hague-Visby Rules voor zeevracht. Bij zeevracht gelden het Haags-Visby Verdrag (Trb. 1955, 40) voor cognossement-transport en de Rotterdam-Regels (VN-verdrag 2008, Trb. 2010, 199) voor multimodaal transport. Aansprakelijkheid vervoerder is beperkt tot SDR 2 per kg of SDR 835 per collo (Hague-Visby). Exporteur dient bij high-value goederen aanvullende all-risk transportverzekering (ICC-A) te sluiten; verzekeringswaarde = 110% CIF-waarde conform Incoterms CIP-term (verzekeringsplicht exporteur).
Veelgemaakte fouten bij uw Export Overeenkomst Nederland
Exporteurs in Nederland maken bij het opstellen en uitvoeren van een export overeenkomst regelmatig fouten die leiden tot financiële schade, douane-problemen of juridische aansprakelijkheid.
Fout 1 - Geen of onjuiste Incoterm met onduidelijke named place. Veel export overeenkomsten vermelden alleen de Incoterm-term zonder de verplichte named place of delivery, of hanteren een verouderde Incoterms 2010-term terwijl Incoterms 2020 van kracht zijn. Risico: onduidelijkheid over risico-overgang bij schade durante transport, met langdurig geschil over aansprakelijkheid. Best practice: altijd Incoterms 2020 vermelden (ICC-publicatie nr. 723) met volledige named place inclusief land; studeer ICC-handleiding voor de precieze implicaties van uw keuze; overweeg FCA voor intermodaal transport, FOB/CIF uitsluitend voor zeevracht in bulklading.
Fout 2 - CISG niet bewust toe- of uitgesloten. Veel exporteurs weten niet dat het CISG automatisch van toepassing is bij transacties met importeurs gevestigd in verdragsstaten (97 landen), inclusief Duitsland, China, VS, France, Japan. Bij toepassing CISG gelden afwijkende regels voor aanbod-aanvaarding (artt. 18-24), klachtplicht (art. 39), remedies en schadevergoeding. Best practice: neem bewuste keuze: ofwel expliciet CISG toepassen en de relevante artt. toelichten, ofwel expliciet uitsluiten en keuze voor uitsluitend BW Boek 7 maken. Schrijf in overeenkomst: 'De partijen sluiten de toepassing van het Weens Koopverdrag (CISG) uitdrukkelijk uit' of juist 'Op de conformiteitsgarantie zijn de artikelen 35-40 CISG van toepassing.'
Fout 3 - Geen sanctiecheck bij exporteur of importeur. Exporteurs die geen structurele sanctiecheck uitvoeren van importeur, eindgebruiker en bestemmingsland riskeren strafrechtelijke vervolging, bestuurlijke boetes en reputatieschade. Overschrijding Sanctiewet 1977 en EU-sanctieverordeningen is een economisch delict (WED). Best practice: voer bij iedere nieuwe transactie en jaarlijks voor bestaande klanten een sanctiecheck uit via: EU Consolidated Sanctions List (EUR-Lex); OFAC SDN List (VS); VN-sanctielijst (UNSCR); Sanctiescherm tool van RVO. Documenteer datum, resultaat en wie de check heeft uitgevoerd voor accountability.
Fout 4 - BTW-0%-tarief niet aantoonbaar. Exporteurs die 0% BTW toepassen maar het uitvoerbewijs niet correct bewaren riskeren naheffing door de Belastingdienst inclusief rente en boete. Best practice: bewaar het Controleresultaat Uitvoer (CRU) van de douane systematisch per transactie; zorg dat douane-expediteur het CRU aan u verstrekt; controleer of CRU overeenkomt met factuuromschrijving en -bedrag; bewaar BTW-administratie minimaal 7 jaar (AWR art. 52 bewaarplicht).
Fout 5 - Onvoldoende betalingszekerheid bij risicovolle afnemer. Export op open rekening (factuur) zonder kredietverzekering of Letter of Credit bij onbekende of risicovolle importeurs leidt regelmatig tot non-betaling en oninbare debiteuren. Best practice: beoordeel kredietwaardigheid importeur via Atradius, Coface of Euler Hermes vóór overeenkomst; sluit Atradius DSB-exportkredietverzekering af bij export naar politiek risicolanden; overweeg LC (Letter of Credit) via ING/ABN AMRO/Rabobank Trade Finance bij transacties boven EUR 50.000 met nieuwe of onbekende afnemer.
Fout 6 - Ontbrekende exportvergunning bij dual-use goederen. Exporteurs die dual-use producten exporteren zonder te controleren of een vergunning vereist is riskeren ernstige gevolgen: strafrechtelijke vervolging door OM/FIOD, aanzienlijke boetes en reputatieschade. Best practice: gebruik de EU Dual-Use Checker op rvo.nl om te controleren of uw product op Bijlage I EU 2021/821 staat; bij twijfel neem contact op met RVO Exportcontrole ([email protected]) voor een bindende classification ruling; documenteer uw classificatieonderzoek en bewaar eindgebruikerscertificaten van importeur.
Citeer deze pagina
Verwijs naar dit gratis sjabloon in een artikel, lesplan of onderzoeksnotitie:
Forms Legal. (2026). Export Overeenkomst Nederland (Nederland) [Legal document template]. Forms Legal. https://forms-legal.com/nl/netherlands/business/contracts/exportovereenkomst
"Export Overeenkomst Nederland (Nederland)." Forms Legal, 2026, https://forms-legal.com/nl/netherlands/business/contracts/exportovereenkomst.
@misc{formslegal-exportovereenkomst,
author = {{Forms Legal}},
title = {Export Overeenkomst Nederland (Nederland)},
year = {2026},
howpublished = {\url{https://forms-legal.com/nl/netherlands/business/contracts/exportovereenkomst}},
note = {Free legal document template}
}Veelgestelde vragen
Een export overeenkomst is juridisch niet verplicht; partijen kunnen ook exporteren op basis van een purchase order of order bevestiging. Toch is een afzonderlijke export overeenkomst sterk aanbevolen bij: transacties boven EUR 10.000 waarbij de details van Incoterm, betalingszekerheid en conformiteitsgarantie zorgvuldig vastgelegd moeten zijn; exportrelaties waarbij het CISG een bewuste keuze vereist (toepassen of uitsluiten); leveringen van dual-use goederen waarbij exportvergunningscondities en end-user-verklaringen moeten worden vastgelegd; en nieuwe handelspartners waarbij u zekerheid wilt over bevoegdheid, financiële soliditeit en compliance. Purchase orders volstaan uitsluitend bij bewezen relaties met vaste afnemers waar algemene voorwaarden en raam-overeenkomsten reeds de kern vastleggen. Bij export naar niet-CISG landen of bij complexe producten met installatie- en serviceverplichtingen is een volledige export overeenkomst altijd de veiligste optie conform BW art. 7:1 en CISG art. 11 (vormvrijheid).
Het Weens Koopverdrag (CISG, Trb. 1981, 184) is automatisch van toepassing wanneer zowel de Nederlandse exporteur als de buitenlandse importeur gevestigd zijn in verdragsstaten, en de verkochte goederen roerende lichamelijke zaken zijn (dus geen onroerend goed, diensten, software zonder drager, aandelen). Met 97 verdragsstaten (waaronder Duitsland, China, VS, France, Japan, Australie, Canada, Zuid-Korea, Italië, Spanje) is de kans groot dat CISG van toepassing is bij uw export. De CISG regelt: totstandkoming overeenkomst (aanbod CISG art. 14 is herroepelijk tot aanvaarding); conformiteitsverplichting (CISG art. 35, ruimer dan BW art. 7:17); klachtplicht importeur (CISG art. 39, redelijke termijn na ontdekking, max 2 jaar na levering CISG art. 39 lid 2); remedies verkoper bij niet-betaling (CISG artt. 61-65) en koper bij non-conformiteit (CISG artt. 45-52); schadevergoeding (CISG art. 74, voorzienbare schade). Uitsluitingscombinatie: als u de CISG wilt uitsluiten schrijft u in de overeenkomst: 'De partijen sluiten uitdrukkelijk de toepassing van het Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende zaken (Weens Koopverdrag, CISG) uit.' Dit is toegestaan op grond van CISG art. 6.
De keuze voor een Incoterm 2020 hangt af van uw vervoersmodaliteit, uw bereidheid verantwoordelijkheid voor transport te dragen, en de eisen van uw importeur. Aanbevelingen per situatie: FCA (Free Carrier) is de meest aanbevolen term voor containervervoer en intermodaal transport; risico gaat over aan eerste vervoerder op named place; exporteur regelt uitvoerdouane; importeur regelt invoerdouane en transport. FCA is de aanbeveling van ICC (publicatie nr. 723) als moderne opvolger van FOB voor containervervoer. CPT of CIP als exporteur ook het transport wil regelen tot de bestemming; CIP verplicht exporteur ook all-risk transportverzekering (ICC-A). DAP als exporteur alle transport regelt tot de deur van importeur; populair bij koeriersdiensten en e-commerce. DDP maximale verplichting exporteur inclusief invoerrechten in bestemmingsland; gebruik alleen als u de invoerprocedures van het bestemmingsland goed kent. FOB/CIF uitsluitend voor zee- of binnenvaart bulklading; niet voor containervervoer (ICC-advies 2020). Let op: Incoterms regelen risico-overgang en kosten, niet eigendomsoverdracht (geregeld door BW art. 3:84 levering en BW art. 3:89 eigendomsoverdracht).
De aanvraagprocedure voor een exportvergunning voor dual-use goederen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) verloopt als volgt: Stap 1 - Classificeren: controleer of uw product op de Controlelijst Strategische Goederen staat (Bijlage I EU Verordening 2021/821) via de zoektool op rvo.nl/exportcontrole; bij twijfel vraag een bindende classificatieruling aan bij RVO ([email protected]). Stap 2 - Vergunningstype bepalen: Algemene Uitvoervergunning EU001 geldt voor veel producten naar Australie, Canada, Japan, NZ, Noorwegen, Zwitserland, VK en VS; EU002-EU008 voor specifiekere categorieën; bij bestemming buiten de lijst altijd individuele vergunning vereist. Stap 3 - Aanvraag indienen: via het RVO-portaal (mijn.rvo.nl) met: product-technische specificaties en classificatie-analyse; end-user verklaring (importeur verklaart gebruik en no-re-export naar derde landen); exporteur compliance-program documentatie. Doorlooptijd individuele vergunning: 4-8 weken; bij spoedprocedure max 2 weken. Aanvraagkosten: nihil voor RVO; wel advieskosten bij inschakeling exportcontrole-specialist. Straf bij overtreding: WED art. 1 economisch delict; OM/FIOD vervolging; bedrijfsboete tot EUR 1,3 miljoen plus intrekking vergunningen.
Een Letter of Credit (LC, documentair krediet) is de sterkste vorm van betalingszekerheid bij internationale export en werkt als volgt conform ICC UCP 600: Stap 1 - Overeenkomen: importeur en exporteur komen in de export overeenkomst overeen dat betaling via LC plaatsvindt; exporteur specificeert LC-vereisten (openingsbank, geldigheid, benodigde documenten, bezendingstermijn). Stap 2 - Opening LC: importeur vraagt zijn bank (issuing bank, bijv. Deutsche Bank Frankfurt) een LC te openen ten gunste van exporteur; LC wordt via SWIFT gecommuniceerd naar een Nederlandse correspondentbank (adviserende bank, bijv. ING of ABN AMRO). Stap 3 - Levering en documenten: exporteur levert goederen conform export overeenkomst en Incoterm; exporteur verzamelt documenten die LC vereist: handelsfactuur, gedetailleerde paklijst, vervoersdocument (cognossement B/L, CMR, AWB), certificate of origin, verzekeringspolis (bij CIP), eventueel kwaliteitscertificaat, inspectiecertificaat. Stap 4 - Presentatie: exporteur presenteert documenten bij advising bank binnen de LC-geldigheidsperiode (typisch 21 dagen na verzending); bank controleert documenten ('strictly conform' UCP 600 art. 14). Stap 5 - Betaling: bij conforme documenten betaalt issuing bank (soms via confirming bank ING/ABN AMRO voor extra zekerheid). Kosten LC: openingskosten 0,1-0,5% van transactiebedrag bij issuing bank; LC-handling 0,1-0,3% bij adviserende bank. Alternatief: Stand-by LC conform ISP98.
Bij export van goederen buiten de Europese Unie is het BTW-tarief 0% conform Wet op de Omzetbelasting 1968 art. 9 lid 2 sub b (uitvoerlevering) en het bijbehorende Uitvoeringsbesluit. Voorwaarden voor 0%-tarief: de goederen moeten daadwerkelijk Nederland en de EU verlaten; exporteur moet dit aantonen via uitvoerbewijzen. Uitvoerbewijzen die de Belastingdienst accepteert: Uitvoerbegeleidingsdocument (EBD) en bijbehorend Controleresultaat Uitvoer (CRU) uit het douane-systeem AGS; cognossement (B/L) of CMR-vrachtbrief als aanvullend bewijs. Bij e-commerce export: ook geaccepteerd zijn vervoerdersdocumenten, track-and-trace gegevens en betalingsbewijzen gecombineerd. Opletten: als U geen geldig uitvoerbewijs heeft wordt de BTW-0% teruggevorderd met rente en boete (AWR art. 67a-67d). Bewaar uitvoerbewijzen minimaal 7 jaar (AWR art. 52 administratieplicht). Bij intracommunautaire leveringen (verkoop aan BTW-plichtige afnemer in andere EU-lidstaat): intracommunautaire levering (0% BTW, BW ICP-aangifte, VIES-verificatie BTW-nummer afnemer via ec.europa.eu/taxation_customs/vies). Bij verkoop aan niet-BTW-plichtige consumenten in andere EU-lidstaat (B2C-e-commerce): EU OSS (One Stop Shop) drempel EUR 10.000 per jaar van toepassing.
Export naar gesanctioneerde landen of entiteiten brengt ernstige juridische, financiële en reputatierisico's met zich mee voor Nederlandse exporteurs. Toepasselijke sanctieregelgeving: Sanctiewet 1977 (grondslag voor implementatie VN- en EU-sancties in NL); EU-sanctieverordeningen (bijgehouden op EUR-Lex, te raadplegen via sanctionsmap.eu); OFAC-sancties VS (Specially Designated Nationals List, SDN-lijst; van belang bij USD-transacties via VS-banken). Gesanctioneerde landen met volledige embargo: Noord-Korea (Verordening EU 2017/1509); Iran (Verordening EU 267/2012); Syrië (Verordening EU 36/2012); Rusland (Verordening EU 833/2014 met 14 pakketten sindsdien); Belarus (Verordening EU 765/2006); Myanmar (Verordening EU 401/2013). Sancties bestaan uit: asset freeze (bevriezing tegoeden gesanctioneerde personen); transactieverboden (geen betalingen, leveringen); reisverboden; sector-specifieke sancties (olie, staal, luxegoederen). Handhaving NL: DNB en AFM handhaven financieel-economische sancties; FIOD en OM vervolgen strafrechtelijk via WED art. 1. Sancties bij overtreding: strafrechtelijk: gevangenisstraf tot 6 jaar en boete tot EUR 900.000 (WED); bestuursrechtelijk: boete tot EUR 1 miljoen per overtreding. Best practice: voer een gedocumenteerde sanctiecheck uit bij elk order via EU Consolidated Sanctions List, OFAC SDN, VN-sanctielijst; documenteer datum, tool en uitvoerder; herhaal bij betalingsontvangst. Gebruik gespecialiseerde compliance-software (Refinitiv WorldCheck, Dow Jones Risk) voor grootschalige export.
Geschillenbeslechting bij internationale exportgeschillen kent meerdere opties met uiteenlopende voor- en nadelen. Optie 1 - Nederlands recht met rechtbank: keuze voor Rechtbank Rotterdam (Handelskamer) of Netherlands Commercial Court (NCC). NCC is een bijzondere kamer van Rechtbank Amsterdam en Rechtbank Rotterdam die procedures volledig in het Engels behandelt; uitspraken worden internationaal erkend. NCC-procedures aanbevolen voor Europese geschillen waarbij beide partijen een neutrale Engelse procedure prefereren zonder kosten van ICC-arbitrage. Optie 2 - ICC-arbitrage Parijs: International Chamber of Commerce arbitrage gebaseerd op ICC-regels 2021; arbitrageuitspraak is bindend en executeerbaar in 170 landen onder het New York Convention (VN-verdrag 1958, Trb. 1964, 98). Voordelen: neutraliteit, vertrouwelijkheid, internationale executie. Nadelen: kosten (EUR 20.000-200.000 afhankelijk van claim-omvang), doorlooptijd 18-36 maanden. Optie 3 - NAI-arbitrage Rotterdam: Nederlands Arbitrage Instituut conform NAI-regels 2015; procedure in NL of Engels; sneller en goedkoper dan ICC bij lagere claims. Aanbevolen bij claims < EUR 500.000 bij Nederlandse of Europese handelspartners. Optie 4 - Mediatie als first-step: Mediation Federatie Nederland (MfN) biedt gecertificeerde mediators voor internationale handelszaken; mediatie als verplichte stap vóór arbitrage bespaart kosten bij schikkingsbereidheid partijen. Praktisch advies: neem een forumkeuze- en rechtskeuzeclausule op in de export overeenkomst zodat bij geschil onmiddellijk duidelijk is welk forum en welk recht van toepassing zijn; onduidelijkheid hierover leidt tot kostbare jurisdictiegeschillen vóórdat de hoofdzaak begint.
Dit sjabloon wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen juridisch advies. Wetten verschillen per rechtsgebied en veranderen in de loop van de tijd. Raadpleeg een gekwalificeerde advocaat voor advies dat is afgestemd op uw situatie.Volledige disclaimer
Een fout gevonden? Laat het ons wetenRelated Documents
You may also find these documents useful:
Distributieovereenkomst Nederland
Distributieovereenkomst tussen leverancier en distributeur conform Burgerlijk Wetboek 7 art. 7:428-7:445 en Mededingingswet 2007 art. 6. Regelt territorium, exclusiviteit, prijzen, minimumafname, marketing, beeindiging en goodwill-vergoeding.
Agentuurovereenkomst Nederland
Agentuurovereenkomst tussen principaal en handelsagent conform Burgerlijk Wetboek 7 art. 7:428-7:445 (implementatie EU Richtlijn 86/653). Regelt provisie, opzegtermijnen, goodwill-vergoeding, non-concurrentie en territorium.
Geheimhoudingsovereenkomst (NDA) Nederland
Eenzijdige of wederzijdse geheimhoudingsovereenkomst tussen Nederlandse ondernemingen conform Burgerlijk Wetboek art. 6:217 en 6:248 en Wet bescherming bedrijfsgeheimen 2018. Beschermt bedrijfsgevoelige informatie bij due diligence, samenwerking en onderhandelingen.
Algemene Voorwaarden B2B Nederland
Algemene voorwaarden voor zakelijke transacties (business-to-business) conform Burgerlijk Wetboek art. 6:231 tot 6:247 en EU Late Payment Directive 2011/7. Regelt aanbiedingen, betaling, levering, aansprakelijkheid, garantie, overmacht en geschillenbeslechting tussen ondernemingen.